10 of 87
Winkel in de kijker: Eppo Stripspeciaalzaak (Eindhoven)
tekst en foto's: Martin Hofman
Jos Huddleston Slater runt al 47 jaar Eppo Stripspeciaalzaak in Eindhoven en rekent nog steeds in guldens. Suske en Wiske-strips met de oude Vlaamse teksten genieten een grote voorkeur van de man die voorbestemd was tot goudsmid. Dankzij een handeltje in oude Vlaamse strips, die hij kocht bij Papa Beer en andere Vlaamse stripwinkels, en zijn groeiende kennis waagde hij de stap naar een eigen stripspeciaalzaak. De winkel is al decennialang een begrip in Nederland en daarbuiten. Z'n zonen en een medewerker houden het aanbod mee up to date, terwijl Jos zich zelf graag laat leiden door nostalgie.
Lust en leven
De kranige zeventiger Jos Huddleston Slater staat nog dagelijks in de stripwinkel die hij in 1978 opgericht heeft, maar hij krijgt ondertussen hulp van zijn zonen, Tom en Renier, en van ook van werknemer Marc.
Zelf zegt Jos dat de winkel altijd zijn lust en leven is geweest, en nooit een straf. De liefde voor de strip was er bij hem van jongs af aan. De nieuwe golven die er de laatste decennia ontstaan zijn, kan hij niet altijd volgen, maar zijn beide zonen zorgen voor de invulling daarvan. Zelf probeert hij de sturing van de oudere dingen te redden.
Jos: "Mijn ouders hadden strips in huis, en ik ben ermee opgegroeid. Ik heb daarna de opleiding voor goudsmid gevolgd. Toen ik mijn diploma behaalde, was ik eigenlijk al bezig in de stripbranche als handelaar. Ik ging toen regelmatig naar de Papa Beer-winkel. Dat was toen een fenomeen in Antwerpen. Er was een groot aanbod aan tweedehandsboeken en -strips. Daar vond ik Suske en Wiske-albums die nog nooit in Nederland verschenen waren, bijvoorbeeld De Vliegende Aap en andere Vlaamse titels. Daar was ik dus naar op jacht. Noord-Hollanders, zoals Hans Matla en Kees Kousemaker van stripspeciaalzaak Lambiek, kwamen daar ook om die albums te kopen. Een album dat daar 1.000 frank — 55 gulden (25 euro) — kostte, werd dan in Amsterdam aan het dubbele van de prijs verkocht. De verzamelaars betaalden dat graag."
Later begon Jos met een fysieke winkel. Die hij van een failliete winkel in Eindhoven overnam. Jos: "Deze winkel was voordien een nogal rommelige toestand. Je kon er zowel vuurwerk als seksboekjes kopen, en er stond vooraan een bingo-gokkast, maar de uitbater had ook tweedehandsboeken en -strips. Ik vroeg hem op een keer om samen met mij naar Antwerpen te gaan en er antiquarische boeken en strips te kopen, die hier met een behoorlijke winst konden verkocht worden. En ik raadde hem aan om een postorder te beginnen met die oude strips, zoals Eric de Noorman en Kapitein Rob. Via Stripschrift had hij een postbus, die ik later Postbus 84 genoemd heb."
"Door slecht beheer draaide de winkel failliet. Ik heb toen — begin jaren 1970 — voor 2.000 gulden (50 euro) het postorder overgenomen met inbegrip van alle stripalbums en alle klantenadressen. Om dat te kunnen betalen, heb ik mijn postzegelverzameling verkocht voor 1.000 gulden, en de andere 1.000 gulden heb ik afbetaald."
"Toen kwamen de bestellingen binnen. Mijn beste klant was een tandarts in Schoonhoven die goed bij kas zat. Wanneer ik een bestelling binnenkreeg en het gevraagde niet binnen had, reed ik met mijn Volkswagen Kever naar Antwerpen om in Papa Beer en dergelijke adresjes alles bijeen te zoeken. Met hetgeen ik gevonden had, reed ik dan naar die tandarts. De kostprijs was nooit een probleem voor hem, en daar heb ik de optimale start van mijn winkel aan te danken. Daarbij heb ik wel de tegenstand van mijn ouders moeten overwinnen, want die hadden geïnvesteerd in mij om goudsmid te worden, en die vonden het idee van een stripwinkel niet zo leuk. Gelukkig had ik een broer die me daarin steunde, en mijn ouders probeerde te overhalen."
"We moesten er wel rekening mee houden dat je in die tijd 100.000 gulden (45.375 euro) moest investeren om een goudsmidwinkeltje te beginnen. Bovendien zou ik het op mijn eentje moeten doen, dus met een opendeursituatie. Wanneer ik bezig ben met goud te solderen en er komt iemand binnen, moest ik dan het werk neerleggen om aan de toonbank te gaan staan. Mijn stripwinkel ben ik met een lening van 20.000 gulden (9.075 euro) begonnen."
"In die tijd waren er Lambiek in Amsterdam, Panda in Den Haag, Sjors in Dordrecht, en her en der kwamen er stripzaken bij. Dus in 1978 was het moment van Eppo in Eindhoven gekomen. In het begin verkocht ik naast strips ook boeken, waar ik nochtans niet veel van wist, maar ik durfde het niet aan om alles in te zetten op strips alleen. Zelfs oude landkaarten en ansichtkaarten verkocht ik. Dus de winkel werd een antiquariaat. Na een jaar vervoegde mijn broer mij in de winkel, want het werd steeds drukker. Na tien jaar hebben we de zaak gesplitst: ik deed alleen nog de strips, en mijn vriend Max Silverenberg de rest. Max verhuisde naar een ander pand. En in 1991 heb ik de achterbouw gekocht en gerenoveerd, zodat ik de oppervlakte van de winkel kon vergroten."
Kruisbestuiving en nostalgie
In de winkel is het aanbod overwegend Nederlandstalig. Ook is er een behoorlijke collectie comics en manga. De kelderverdieping van 60 m² maakt deel uit van de zaak, maar is momenteel gesloten voor de klanten. Dit is nu opslag, maar hopelijk wordt dit in de toekomst ingezet voor onder andere tweedehandsstripboeken. Vroeger werden daar spelletjesavonden Magic georganiseerd, waar ook geruild kon worden. Men kocht hier in de winkel de pakjes Magic-speelkaarten, en daar heeft Eppo een goede kruisbestuiving aan overgehouden met de stripklanten.
Jos: "Klanten vragen mij weleens wat er het best verkoopt in de winkel. Alles en niks! Het is niet exact te benoemen. Ik kan bijvoorbeeld een strip verkopen die hier al twintig jaar ligt, maar ook kijkt er dan iemand op de achterkant van het nieuwe Asterix-album dat hij gekocht heeft, merkt dat hij twee albums nog niet heeft, en deze erbij koopt."
"Van Amerikaans en manga komt er wekelijks een zending binnen. Deze bestellingen plaatsen we bij een importeur, en hij moet zelf drie maanden van tevoren alles bestellen, dus je kan niet zomaar tussendoor iets aan de bestelling veranderen."
"Zelf lees ik vooral Nederlandstalig. Enki Bilal is een favoriet, en ik hou ook van de absurde humor van Dirkjan door Mark Retera. Maar ik werk nog veertig uur per week en heb soms geen tijd om te lezen! En dan moet je er het hedendaagse, grote aanbod nog bijnemen. Op 47 jaar tijd is de hele wereld veranderd. Toen was de gemiddelde leeftijd van een man 65 jaar, en nu is dat 75 jaar. Ik heb zelfs een klant van 90 jaar. De hogere leeftijd geeft meer ruimte voor nostalgische gevoelens. In 1946 begon Kuifje uit te komen in het Nederlands, in een snel tempo. In Brussel had je al Kuifje in het Frans sinds 1930. In België begon men al in 1947 met het publiceren van Kuifje en andere strips in de kranten."
Het organiseren van signeersessies heeft Jos geleerd van Luc Poelmans, die toen uitbater was van stripspeciaalzaak Wonderland in Hasselt, en van Ad Hendrickx van stripspeciaalzaak Tistjen Dop in Turnhout. Daar merkte Jos dat de Belgische signeersessies heel goed bezocht werden en dat het telkens een feestje was. Daarna werden er in Eppo ook signeersessies georganiseerd. Jos regelde het soms dat er twee of drie tekenaars tegelijk kwamen signeren, zodat het ook voor hen gezellig was. Hij heeft ooit een speciaal boek van Hermann uitgegeven om op een signeersessie aan te bieden. Dat zag er rooskleurig uit, maar dat viel tegen omdat de financiële opbrengst niet aan de verwachtingen voldeed.
En dan was er nog de speciale uitgave van een vijftigtal exemplaren op groot formaat van een Bakelandt-verhaal die Jos liet maken. Maar toen hij die bestelling geleverd kreeg, bleek de druk op de linnen cover heel vaag te zijn. De drukker zou er failliet aan gaan mocht hij die boeken herdrukken. Toen is er in overleg met Hec Leemans beslist om de albums te aanvaarden aan een gereduceerde prijs. Leemans heeft de exemplaren dus gesigneerd en genummerd. Jos heeft er een Eppo Strips-imprint voor gemaakt. Daarna is er een nieuwe versie gedrukt, die wel aan de vereisten voldeed.
Het gedoe met signeersessies bracht uiteindelijk ook veel werk met zich mee, en de winkel was al zo druk. Jos heeft nooit echt doorgezet met signeersessies, maar heeft daar nu wel spijt van.
Jos: "Waar we vroeger veel mee gedaan hebben, zijn tinnen of loden soldaatjes, zoals Warhammer bijvoorbeeld. Op een bepaald ogenblik werd het verboden om loden soldaatjes te maken omdat die giftig zijn. Een terechte beslissing. Daarna werden die figuurtjes voortaan in plastic gemaakt... terwijl de prijs steeg! In Engeland zaten er Nederlandse verkopers aan de balie voor de Nederlandstalige markt, die ons regelmatig telefoneerden... om ons te pushen wat we moesten verkopen! Daar ben ik dan maar mee gestopt."
Verkoopstanden op stripbeurzen is een afgelopen verhaal. Jos kon vroeger rekenen op Toon, een vriend met wie hij samen naar de beurzen ging. Toon bereidde alles voor en had boven in de winkel een kast waar alle beursmateriaal in zat. Alles moest dus niet eerst bij elkaar gezocht worden in de winkel. Jammer genoeg is Toon in 2013 overleden.
Tot slot geeft Jos nog mee dat hij nog steeds fan is van de oude Vlaamse versies van Suske en Wiske. In Nederland mochten die niet uitgegeven worden, en werden er Nederlandstalige versies van gemaakt. Jos is gewonnen voor die Vlaamse teksten en de naïviteit vanuit het hart van Willy Vandersteen. Hij laat er zich nog graag door bekoren. En ook Marc Sleen met Nero kan hem nog altijd boeien.
Praktische info
- Oppervlakte: 220 m²
- Adres: Kleine Berg 33, 5611 JS Eindhoven
- Telefoon: +31 (0)402441882
- E-mail: eppo@eppo.nl
- Website: www.eppo.nl
- Openingsuren: dinsdag tot vrijdag van 11.00 tot 18.00 uur - zaterdag van 11.00 tot 17.00 uur - zondag van 12.00 tot 17.00 uur
10 of 87