1 of 273
De mysterieuze verdwijning van scenarist Vicq
Het door Jo-El Azara getekende korte verhaal Operatie Schaar verscheen in Robbedoes nummer 1041 van 27 maart 1958 op scenario van Marcel Denis, een toenmalig medewerker van de studio van André Franquin. Het was oorspronkelijk bedoeld voor Will, maar ook Azara ging er niet mee verder. Hij werkte al een drietal jaar voor Studios Hergé en hij zou uiteindelijk in het weekblad Kuifje zijn bekendste reeks publiceren: Taka Takata, vanaf 1965 op scenario van Vicq... Onthoud die naam.
Franquin wist dat zijn andere medewerker, Jean Roba, graag kinderen tekende en hij wees hem op het clubje kinderen uit Operatie Schaar rond wie wel wat te doen viel voor een stripreeks. Bollie & Billie verscheen nog maar sinds 1959 en was nog niet een van de fenomenale pijlers van het weekblad Robbedoes. In 1962 verscheen dan het eerste avontuur van De Sliert (de Franse naam La Ribambelle was een vondst van Franquin). Van het oorspronkelijke kliekje uit Operatie Schaar behield Roba enkel het zwarte jongetje, de trompetspeler, van wie hij Dizzy maakte. Vanaf het tweede verhaal, De Sliert in Schotland, kreeg Roba voor het scenario de hulp van — heb je de naam onthouden? — Vicq.
Hoewel Vicq, echte naam Antoine Raymond, zelden tot nooit wordt vermeld in de roemruchte geschiedenis van de Franco-Belgische strip, zijn er maar weinigen die kunnen zeggen dat ze hebben samengewerkt met de grootsten uit het vak: Franquin (voor wie Vicq gags van Guust schreef)... Peyo (Jakke en Silvester)... Will (Erik en Bezaan)... Roba (De Sliert, Bollie & Billie)... Morris (de eerste Lucky Luke na het overlijden van René Goscinny)... Greg (Kees en Klaas, Rob Robuust, Olivier Blunder)... Ook strips van Marcel Remacle (Ouwe Niek, Hultrasson), Jidéhem (Sophie), Marc Wasterlain (Kereltje), Franz (Korrigan), Bara (Max de Ontdekkingsreiziger), Mazel (Fleurdelys), André Benn (Tom Applepie), Paul Deliège (Theo en Pieterjan) en voornoemde Azara behoren tot zijn palmares. Zijn alcoholverslaving stak echter stokken in de wielen van zijn carrière. Het kostte hem ook zijn leven.
Vicq debuteerde in 1960 bij Robbedoes als tekenaar. Tevoren publiceerde hij al talloze cartoons in heel wat Waalse tijdschriften vanaf 1952. Voor het Franse, pas begonnen satirische blad Hara-Kiri (een voorloper van Charlie Hebdo) ontwikkelde hij eveneens zijn geapprecieerde gevoel voor humor. Hij werd een specialist in het bedenken van gags op één pagina met een voorkeur voor visuele grappen. Hij verwierf er een goede reputatie mee en versierde daardoor opdrachten bij tekenaars in een periode waarin het vak van scenarist nog niet was erkend. Vaak stond zijn naam niet eens bij de verhalen die hij voor anderen schreef. Franquin deed een beroep op hem voor ideeën voor Guust, voor Bara schreef Vicq zo'n driehonderd grappen van de internationaal gepubliceerde Max de Ontdekkingsreiziger. Voor Jidéhems reeks Sophie zag het er ook naar uit dat hij de vaste scenarist zou worden.
Maar hij had ook een keerzijde. Hij was altijd te laat met zijn werk, voor zowel tekenaars van het weekblad Robbedoes als Kuifje. Midden in het lopende verhaal De Sliert in Schotland verdween Vicq opeens, enkele weken lang, waardoor Roba zelf het vervolg moest bedenken. Op de cover van de herdruk van het album in 1983 komt Vicqs naam niet meer voor. Ook Jidéhem kon getuigen dat hij soms zonder scenario zat zonder dat hij contact kon opnemen met de scenarist. Weinig tekenaars bezochten hem. Met Azara had hij een goede band, maar dat verliep hoofdzakelijk via de telefoon en altijd communicerend over het werk. Hoewel hij twintig jaar met hem heeft samengewerkt, kende hij 'm net net zo min als de andere tekenaars voor wie Vicq schreef. De meesten zijn het er wel over eens dat hij overkwam als een sympathieke, grappige man, maar hem echt kennen als mens was bij niemand het geval. De foto die dit artikel opent, is een van de weinige die van hem bekend zijn. Azara kreeg anders wel telefoontjes van Vicqs echtgenote omdat hij er weer maar eens vandoor was zonder een spoor na te laten. Vicq verloor constant het gevecht met de drankduivel.
In 1986 verdween hij wel heel lang van de radar. Er rezen vermoedens dat hij was overleden, anderen beweerden dat hij er bewust vandoor was. Nochtans was er geen aanleiding of een extreme situatie die hem ertoe zou nopen te moeten vluchten. Daar bestonden precedenten van. Er zijn stripmakers die om fiscale redenen of om te ontsnappen aan alimentatieverplichtingen weleens naar het buitenland durfden te verhuizen. Een ervan mocht België zelfs niet meer binnen of hij dreigde door de politie opgepakt te worden. Ondertussen werden Vicqs auteursrechten, bijvoorbeeld voor Sophie, aan de kant gezet mocht hij alsnog weer opduiken, ondanks de onzekerheid over zijn zoveelste verdwijning.
Yvan Delporte, voormalig hoofdredacteur van Robbedoes, begon op gemeentebesturen en in ziekenhuizen in het Brusselse navraag te doen naar Vicq. Uiteindelijk vond hij een antwoord op zijn vraag. Een register in een ziekenhuis maakte gewag van Vicqs overlijden op 1 januari 1987.
1 of 273