4 of 2331
Buenos Aires viert 100ste verjaardag René Goscinny
Op 14 augustus 2026 is het honderd jaar geleden dat René Goscinny (rechts op de openingsfoto), de scenarist van onder meer Asterix en Lucky Luke, is geboren. Het grootste deel van zijn jeugd- en adolescentiejaren bracht hij door in de Argentijnse hoofdstad Buenos Aires. Op 9 juli 1928 vestigde het gezin Goscinny er zich namelijk nadat Renés vader er aan de slag kon als chemicus.
De familie bleef er zeventien jaar wonen. Goscinny beleefde er een gelukkige kindertijd, in de latere oorlogsjaren ook veilig voor de nazi’s die in zijn thuisland Frankrijk vele familieleden hebben gedeporteerd en vermoord. Hij studeerde er op Franse scholen waar hij opviel als grappenmaker. Niettemin behaalde hij er zonder zorgen een diploma in de letteren en ging hij naar de kunstacademie. Zijn eerste stripverhalen tekende hij zelf.
Een van zijn meest geliefde stripreeksen die hij er leerde kennen, waren de avonturen van Patoruzú, een indiaans opperhoofd die bovenmenselijk sterk wordt dankzij het drinken van magische soep. Het figuurtje dateert van 1928 en is een creatie van de Argentijn Dante Quinterno. In een nummer van Patoruzú uit 1937 breekt Upa, de naïeve en corpulente broer van de held, met buikstoten de tralies van zijn gevangenis. Een actie die Obelix in 1962 zou herhalen in Het Gouden Snoeimes. In het centrum van Buenos Aires staat sinds 1936 trouwens een 67,5 meter hoge obelisk, die de jonge Goscinny er heeft zien bouwen. En verwijzen de lichtblauwe en witte strepen op Obelix' broek niet naar de kleuren van de Argentijnse vlag? Argentijnse stripfans smullen er dezer dagen van en speculeren erop los. Over dat alles heeft Goscinny zich echter nooit uitgesproken, wel over het land waar hij heeft gewoond: "Dit land, Argentinië, is mijn land. Als ik er terugkom, vind ik mijn land terug. Een land dat sterk veranderd is, maar dat het mijne blijft." Zelfs toen hij in Parijs woonde, bezocht hij regelmatig een Argentijnse kruidenierswinkel om er empanada's en dulce de leche in te slaan. Het Spaans dat hij sprak is zijn hele leven lang met een Argentijns accent geweest.
In 1943 overleed zijn vader en dat zette alles op zijn kop. René werd als tiener een kostwinner voor het gezin. Hij werkte een tijdlang als assistent-boekhouder. Datzelfde jaar verkocht hij ook zijn eerste tekening voor een advertentie voor olijfolie. In 1945 emigreerde hij samen met zijn moeder naar New York, waar hij een armoedig bestaan kende. Hij ging er ook om met de makers van het stripblad Mad. Hij deelde er zelfs een studio met de legendarische tekenaars Harvey Kurtzman en Bill Elder. In 1949 ontmoette Goscinny er een jonge West-Vlaming die er belandde na een reis met André Franquin en Jijé. Dan bedoelen we Morris, voor wie Goscinny Lucky Luke zou schrijven.
Buenos Aires eert haar voormalige burger, die Argentijnen als een Frans-Argentijn beschouwen op 15 augustus, een zaterdag. Op de befaamde obelisk zullen er die dag beelden uit Goscinny's œuvre geprojecteerd worden en rond het monument zal een ceremonie en event plaatsvinden. Over enkele maanden krijgt het plein Menu een nieuwe naam waarover nog moet worden gestemd. De consensus bij initiatiefnemers en de gemeenteraad is groot dat het wordt vernoemd naar René Goscinny. Het plein ligt tegenover het Plaza San Martín, het kroonjuweel van drie aangrenzende parken en waar een standbeeld van de nationale volksheld, generaal José de San Martín, is opgetrokken.
Wat er al langer aanwezig is in de straat Sargento Cabral nummer 875 is een plakkaat dat herinnert aan waar de jonge René ooit heeft gewoond en waar hij de basis heeft gelegd voor zijn schrijfcarrière met vele vertalingen wereldwijd. Asterix, Lucky Luke en de jeugdboekenreeks De Kleine Nicolaas staan erop vermeld.
Sinds 2015 is er ook een actief programma van uitgeverij Libros del Zorzal om het werk van Goscinny in Argentinië opnieuw uit te geven. Voor uitgever Leopoldo Kulesz is het vooral de bedoeling om Goscinny's werk bekend te maken en ervoor te zorgen dat het de liefhebbers van stripverhalen bereikt. De vijftiger getuigt zelf dat er in zijn jeugd een levendige Argentijnse stripcultuur bestond. Hugo Pratt was er bijvoorbeeld ook jarenlang actief en van Quino's komische strip Mafalda wordt veel verwacht van een op stapel staande animatiereeks. Naar eigen zeggen schuiven jongeren tegenwoordig ook weer aan. Kulesz vertaalt momenteel opnieuw de avonturen van Asterix, maar ook van de door Goscinny geschreven Iznogoedh, Lucky Luke en de jeugdromanreeks De Kleine Nicolaas.
Bron: Le Figaro
Afbeeldingen hieronder: Een strip van Patoruzú, de populairste Argentijnse stripheld, een foto van diens schepper Dante Quinterno uit 1936 met dan al merchandising die zijn bedrijf produceerde en een groepsportret met de belangrijkste figuren uit de stripreeks. Patoruzú was oorspronkelijk een nevenfiguur in een stripreeks uit 1928. Door diens geliefdheid bij krantenlezers dook hij al snel op in zijn eigen stripverhalen. Dat leidde in 1936 naar een eigen maandelijks magazine, later tweewekelijks en wekelijks met oplages die tot 300.000 exemplaren kenden. In 1942 was een tekenfilmpje met de stripheld het allereerste Latijns-Amerikaanse tekenfilmpje in kleur. In 1977 werd de reeks na meer dan tweeduizend afleveringen stopgezet. Gemoderniseerde versies en een spin-off met de jonge jaren van de held volgden tot op heden.
Afbeeldingen hieronder: De obelisk van Buenos Aires en het plakkaat aan het huis waar het gezin Goscinny heeft gewoond.
4 of 2331