121 of 222
Antwerpen 1907
Na Oostende 1905 en Spa 1906 speelt het derde detectiveverhaal van commissaris Hendrikus Ansor zich af in het Antwerpen van 1907. De auteurs zijn Olivier Wozniak en Patrick Weber.
Net zoals de strips van de eveneens door Patrick Weber geschreven en door Baudouin Deville getekende albums van Kathleen Van Overstraeten spelen de verhalen van Ansor zich af op voornamelijk Belgische locaties tegen de achtergrond van een stukje Belgische geschiedenis. Hun verhalen verschijnen telkens onder een nieuwe titel zonder een overkoepelende reeksnaam. De albums zijn los van elkaar te lezen, hoewel bepaalde situaties en relaties meespelen in andere verhalen.
"Twee jaar na de revolutionaire onrust van 1905 in Rusland duikt Vassili, een mysterieuze balling, weer op in Antwerpen, de grote vertrekhaven naar Amerika. Kort na zijn aankomst wordt een douanebeambte op brute wijze vermoord en wordt zijn lijk aangetroffen in de havenbuurt. Commissaris Hendrikus Ansor krijgt de opdracht deze zaak op te helderen. Samen met zijn collega Joseph Aerts ontdekt hij een stad vol spanning, doorkruist door stromen emigranten uit heel Europa en door illegale praktijken die verband houden met de grote uitstroom georganiseerd door de Red Star Line. Tijdens zijn onderzoek verkent Ansor de kades, hotels, cafés en medische controlecentra waar wekelijks duizenden emigratiekandidaten langskomen. Tussen valse medische attesten, heimelijke observaties en dubbelzinnige getuigen duikt het spoor van een Russische verdachte op. Maar achter deze brute misdaad zou een veel grotere zaak schuil kunnen gaan, waarin netwerken van politieke ballingen, economische belangen en geheimen rond de trans-Atlantische emigratie met elkaar verweven zijn."
121 of 222