Verkoopexpo Theo van den Boogaard

januari 2026

Onderstaande info komt van galerie Champaka.

Met elke plaat van Sjef Van Oekel combineert Theo van den Boogaard de virtuositeit van André Franquin aan de strakheid van Hergé om zo een ware, persoonlijke choreografie te scheppen. Net als zijn collega Joost Swarte was hij eerst actief in de undergroundstrip voor hij een meester van de Klare Lijn werd. Bij hem betekent het een grafische leesbaarheid en respectloze dialogen maar toch met hyperdynamische lijnen. Van den Boogaard heeft zijn roem in Frankrijk en de Benelux te danken aan Sjef van Oekel, een reeks die hij van 1976 tot 1999 bracht in samenwerking met Wim T. Schippers. Het personage verschijnt voor het eerst in 1976 in De Nieuwe Revue, een progressief Nederlands weekblad. In 1980 wordt het eerste album tegelijkertijd gepubliceerd in het Nederlands, Duits en Frans. Het is meteen een succes. 

De reeks, respectloos en bijtend, gegrond in een vloedgolf van weldoordachte ideeën, wordt opgevangen in L’Echo des Savanes. In zijn onberispelijk pak geeft Sjef een schoktherapie aan alle lagen van de maatschappij via een stortvloed van absurditeit en gekheid en in sterk contrast met een realistisch decor van architectuur, straatscènes, openbaar vervoer en gewone voorwerpen, alle erg herkenbaar. In deze logica van waanzin is de verbluffende domheid van Sjef grenzeloos.

De auteur erkent de invloeden van zijn voorgangers, te beginnen met die van Hergé.: "Hij heeft een ereplaats bij mijn invloeden met zijn groot verteltalent en, als tekenaar, zijn kennis van compositie, de verdeling van de ruimten, de stilering en weergave van materie: de constructie rond een perfect zwaartekrachtcentrum." Maar hij noemt zich ook een erfgenaam van Carl Barks, Hans G. Kresse, Willy Vandersteen, Franquin, naast de grote tekenaars van MAD: Jack Davis, Bill Elder of Wallace Wood.

Praktische info: 

Theo van den Boogaard