Op striptocht in New York (3)
tekst en foto's: David Steenhuyse
In april 2025 verbleven we al eens in New York. Dat leidde naar deze en deze reportage. Precies een jaar later bezochten we de stad opnieuw en trokken nogmaals op striptocht. Als vanouds kwamen we in de grootste stripwinkels over de vloer. We checkten de drastisch groter geworden stripafdeling in een bijna honderd jaar oude boekenwinkel, met Kuifje als een van de grootste vertegenwoordigingen. Die Belg vonden we ook op een heel onverwachtse plaats in de buurt van tv-geschiedenis. New York vanuit een helikopter startte met Batman in de wachtzaal. Het toeval hielp ook weer een handje door strips of stripfiguren in musea en op straat tegen te komen. We traden in het spoor van de Smurfen en Spider-Man. We bewonderden originelen van Klaus Janson in een galerij. En waar staan al die strips van Vlaamse en Nederlandse auteurs? Tot in de Franse ambassade toe!
The Bull
Ook tussen deze twee foto’s op de metro van New York zit precies een jaar. De advocaat met de bijnaam The Bull waant zich nog steeds een superheld.
Times Square
Times Square is werkelijk de irritantste plek van New York. Opeenstapeling van lawaai, een traag bewegende mensenmassa, je wordt er om de haverklap aangeklampt, er zijn overal samenvloeiende wegen die onophoudelijk auto’s uitbraken. Je kan hier tinnitus oplopen. Op de vele schermen passeren momenteel promofilmpjes voor de nieuwste seizoenen van de superheldenreeksen Daredevil en The Boys.
Midtown Comics
De vestiging van Midtown Comics, op een boogscheut van Times Square en tot 21 uur geopend, blijft een van de beste stripwinkels van New York. Vorig jaar was de VS nog een uitzondering voor de zich als een olievlek uitdeinende distributie van Aimée de Jonghs Lord of the Flies. Intussen is het ook hier te koop. Maar we vonden er ook albums van Eric Heuvel, Barbara Stok, Don Lawrence, Thé Tjong-Khing en Lo Hartog van Banda, Kuifje en een heleboel andere vertalingen van Europese strips, van Aldebaran over Krasse Knarren tot Lonesome. Die staan allemaal alfabetisch gerangschikt tussen Amerikaanse stripverhalen.
Het aanbod is enorm. De hoge wanden met losse comics zijn al even eindeloos. En dan zijn er nog manga, een jeugdafdeling, boeken over strips, artist’s editions,… Er alleen al even rondlopen als stripliefhebber doet je de tijd uit het oog verliezen.
In Midtown Comics huisvest een van de twee verdiepingen tal van beeldjes van stripfiguren, voornamelijk superhelden, vaak levensecht tot in de details uitgewerkt. Daar vind je ook funkopoppen en andere merchandise en bakken vol oudere comicdeeltjes. Jong en oud komt er even piepen en zich vergapen of zijn lijstje bovenhalen.
Kuifje in Moustache
Van de duizenden en duizenden restaurants in New York kozen we op onze eerste avond stomtoevallig voor dat ene met een Kuifje-poster in het toilet. Het gaat om een valse versie, ondertekend door Rip-off Graphics met een Bobbie als astronaut. De poster maakt reclame voor het Midden-Oosterse Moustache, gespecialiseerd in pitza’s (pittabrood bereid als pizza).
Een straat verder staat trouwens het gebouw dat elke keer in beeld komt in de komische tv-reeks Friends. Het is de zogezegde buitenkant van het gebouw waar Joey, Chandler, Monica en Rachel in hun appartementen wonen. Op alle digitale kaarten staat het aangegeven als “The Friends Appartment Building”. De hele buurt zit er vol met leuke restaurantjes, volle bars en cafés.
Cortland Alley, Brooklyn Bridge en DUMBO
Cortland Alley by night. Het is een dusdanig archetypisch New Yorks steegje, bovendien makkelijk verkeersvrij te maken, dat hier drie-vier keer per week opnames plaatsvinden voor films en tv-reeksen, vooral om er misdaden te laten afspelen. In de reeks Gotham zijn hier de ouders van Bruce Wayne/Batman vermoord. Het was een decor in Men in Black, Crocodile Dundee, Teenage Mutant Ninja Turtles, Boardwalk Empire, NYPD Blue, Law & Order,… Zelfs de Smurfen hebben hier in hun eerste live actionfilm rondgelopen.
De Brooklyn Bridge konden we na middernacht, in de motregen en de kou, in ons dooie eentje oversteken. En daar, aan de kant van de wijk Brooklyn, sta je op een paar honderd meter van DUMBO (Down Under the Manhattan Bridge Overpass), waar je het money shot kan fotograferen van de Manhattan Bridge die tussen de gebouwen opduikt. Er was toen geen kat in de straat, behalve een trippelende rat die overstak. Deze plek komt voor in films als The Amazing Spider-Man 2, John Wick, The Dark Tower en Sergio Leones maffiafilm Once Upon A Time In America. Het beeld haalde zelfs de filmposter van deze laatste film.
Juffrouw Jannie
We pikten een laatavondshow van een zevental komieken mee in een comedyclub. Bij een ervan bleven we maar denken dat we naar juffrouw Jannie uit Guust Flater aan het kijken waren. Dat onze gedachten afdwaalden, zei veel over de belabberde grappen, behalve misschien haar oneliner dat ze van elektronisch overgaat naar analoog als het op masturbatie aankomt. Dat zien we juffrouw Jannie nog niet zeggen.
De line-up bestond uit een matig tot ondermaats kransje komieken. Het publiek bestond uit tien man. Na de derde komiek nog maar zeven. Een Italiaans stelletje naast ons en een zatlap achter ons gingen ervandoor. De grootste komieken hebben echter die fase moeten doorlopen voordat ze hun doorbraak kenden, al is dat net zoals met debuterende striptekenaars niet vanzelfsprekend en komt dat net zo min vaak voor. Bij de meesten lukt het nu eenmaal niet.
Straatreclame voor Heavy Metal
Een reclamestickertje voor het Amerikaanse stripblad Heavy Metal, zomaar op straat in de wijk Brooklyn. Het loopt al sinds 1977. Het vloeide voort uit het Franse Métal Hurlant waarin onder meer Mœbius, Enki Bilal, Jean-Pierre Dionnet, Philippe Druillet en Philippe Caza triomfeerden. Over dat blad kan je een mooie, uitgebreide expo bezoeken in het Brusselse stripmuseum. Bekijk hier een reportage.
De Franse versie maakte enkele jaren geleden een comeback met een mix van herplaatsingen van oude verhalen in het sf-, horror- en fantasygenre en gloednieuwe strips, aangevuld met artikelen en interviews. Nederlanders als Pim Bos, Jorg de Vos en Aimée de Jongh hebben er al bijdrages aan geleverd.
Neuhaus
De Belgische pralinewinkelketen Neuhaus is nog steeds vertegenwoordigd aan een van de ingangen van Grand Central Station, het grootste treinstation van New York. En daarmee ook de lijn met de Smurfenpralines. In dezelfde buurt torent het Chrysler-gebouw uit.
Flatiron
Het Flatiron is in de Spider-Man-films van Sam Raimi met Tobey Maguire de redactie van de krant The Daily Bugle. En daar bestaat ook een LEGO-set van. Een grote LEGO-winkel vind je aan de overkant van de spitse hoek van het Flatiron, dat ondertussen al wat verder is ontkleed van zijn steigers uit de voorbije jaren.
Albertine
We brachten opnieuw een bezoekje aan Albertine, een van de mooiste boekenwinkels van New York. Het is gevestigd in de Franse ambassade, vlak naast Central Park. Na een gang met marmeren vloer en zuilen betreed je het boekwinkeltjes dat twee verdiepingen telt. Op de tweede verdieping is het azuurblauw geschilderde plafond met gouden sterrenhemel een blikvanger.
Het aanbod bestaat uit overwegend Franstalige boeken in allerlei genres, prentenboeken en uiteraard strips, ook van vertaalde Vlamingen en Nederlanders. De Kaamelott-strips van tekenaar Steven Dupré, die we er vorig jaar hebben gezien, zijn nu vervangen door zijn weldra in het Nederlands te verschijnen Pilaren van de Aarde naar de romans van Ken Follett. Ook de cyclus van de fantasyreeks De Klaagzang van de Verloren Gewesten van tekenaar Paul Teng is er te koop.
Kuifje is een uitzondering in de hele winkel, want daarvan zijn zowel Franstalige hardcoverbundels als Engelstalige softcovers te koop.
Central Park
In 2011 werden de Smurfen grafisch heruitgevonden voor hun eerste 3D-geanimeerde live action-film. Daarin werden de wezentjes uit de middeleeuwen naar het New York in het heden geflitst. Een paar scènes spelen zich af in Central Park, onder andere bij het Belvedere-kasteeltje. Op een van de filmposters van toen staan er Smurfen op een rotsblok in de buurt van de dierentuin.
Alle ingrepen werkten, want de film haalde een wereldwijde recette van meer dan een half miljard dollar. Tot Spider-Man Across The Spider-Verse uit 2023 was het ook de grootste hit van Sony Pictures Animation. Lilo & Stitch stootte de Smurfen-film in 2025 dan weer van de eerste plaats op de lijst van meest succesvolle hybride live action/animatiefilms aller tijden.
Uiteraard is Central Park een must visit als je New York bezoekt. Eekhoorntjes en vogeltjes schuwen je niet. De dierentuin is klein, maar fijn. In een dik uur kan je er de pinguïns, zeeleeuwen, sneeuwluipaarden, die ene rode panda, het tropische vogelparadijs, grizzlyberen, lemuur- en andere aapjes en nog wat slangen, vleermuizen, reptielen en een mierenkolonie zien. De jacht op close-ups is er toegestaan.
Er is ook Strawberry Field, het memorial voor John Lennon die aan de overkant van de straat bij het The Dakota-gebouw waar hij toen woonde, werd doodgeschoten.
Helikoptervlucht
Een helikoptervlucht langs Manhattan zagen we wel zitten. In de wachtzaal op de pier nabij Governor’s Island, de gratis ferry naar Staten Island en het eiland waar het Vrijheidsbeeld pronkt, krijg je een compilatie te zien van scènes met helikopters uit films en tv-reeksen die zich in — of beter gezegd over — New York afspelen. En zo zagen we plotseling Batman en Robin hun Batcopter besturen in de film Batman uit 1966. In de tv-reeks uit de jaren 1960 kwam de Batcopter niet voor omdat hij voor de film werd gehuurd, in tegenstelling tot bijvoorbeeld de Batmobile die het eigendom was van de studio van de tv-reeks.
Jazzclub
De Ornithology, vernoemd naar een jazzstandard van Charlie “Bird” Parker, is een dubbele jazzclub op de rand van de wreed toffe Brooklyn-wijk Bushwick, waar de energie op straat valt op te rapen. De club bestaat nog maar sinds 2021 en bestaat uit een bar in het ene pand en een bar met eetmogelijkheid in het andere pand. Elke avond zijn er in beide huizen een tweetal live optredens. Door de inrichting en de kleine ruimte komt het over als huiskamerconcerten in intieme kring.
In de bar met eten hadden we geluk om aan de bar zelf te kunnen zitten, met vlak voor ons een uitgestalde uitgave van de Amerikaanse striptekenaar Robert Crumb. De langste muur hangt vol met foto’s en stripachtige illustraties van jazzlegenden. Aan de overkant van de straat is er graffiti met Spider-Man te zien.
New Museum of Contemporary Art
Een octopusdrone die boven je komt zweven, een utopische miniatuurstad en een tientallen meter lang stripverhaal, Soft City van de Noorse kunstenaar Harrison Pushwagner dat je in 154 ingekaderde originelen kan lezen. Dat kan je tegelijk zien in een van de zalen in het New Museum of Contemporary Art. Sinds maart 2026 is er een ander gebouw tegenaan gekwakt, met de hulp van een Japans bureau en de Nederlandse architect Remco Koolhaas. Alleen al het gebouw is de moeite waard om er eens naartoe te gaan, bovendien in de Bowery-wijk, waar het vol staat met Americana.
Elke zaal is weer compleet anders, telkens met opstellingen van schilderkunst, fotografie, video, sculpturen en andere kunsttakken bij elkaar geplaatst. Het museum heeft geen permanente collectie. Het werkt met wisselende expo’s. Op het moment van ons bezoek was het onderwerp New Humans: Memories of the Future. Behalve het werk van voor ons volslagen onbekenden, passeren ook voortrekkers als Man Ray, Marcel Duchamps, Karel Appel, Francis Bacon,…
Hier en daar kan je zelf participeren. Door bijvoorbeeld op een knop op een houten doosje met een bewegende parkiet je toekomstvoorspelling te printen. Bij ons was de inkt op.
Reclame en streetart
Reclame voor het nieuwe seizoen van Daredevil in de metro en een beetje streetart in de wijk Bowery.
The Strand
The Strand, de belangrijkste en grootste boekenwinkel van New York, bestaat in 2027 honderd jaar. Je kan er op verschillende verdiepingen snuisteren tussen meer dan honderdvijftig kilometer boeken! Alleen al de stalletjes met de tweedehandsboekenwinkel op straat langs hun langste gevel zijn goed voor een modale boekenwinkel. Sinds ons bezoek van vorig jaar is de stripafdeling verhuisd. Een oudere, voorname heer maakte zelf die opmerking tegen een medewerkster die net een kast aan het bijvullen was.
Het aanbod aan strips is er inderdaad massief vergroot met comics, Europese strips, manga, boeken over strips, biografieën over stripmakers, alles wat je tussen het aanbod van een stripspeciaalzaak hoort te vinden. Aimée de Jongh is er aanwezig met de vertaling van Dagen van Zand, de Vlaamse auteurs Mieke Versyp en Sabien Clement zouden hier hun Vel (Skin in het Engels) kunnen terugvinden. En we vonden zelfs losse Franstalige strips van Blake en Mortimer, Michel Vaillant, Thorgal, Trollen van Troy, Melisande, Berentand en Lucky Luke.
Voor Kuifje moet je dan weer bij de jeugdafdeling met prentenboeken en strips zijn. Daar staat zelfs een halve plank met hardcoverbundelingen en softcoveralbums van de stripreeks. Als je de verzamelde werken van scenarist Stan Lee bij de superheldencomics overslaat dan zou Hergé hier met het meeste aantal albums vertegenwoordigd zijn.
Het aanbod is hier zo overweldigend groot dat je niet alles kan bekijken. Afhankelijk van je lengte lukt het zelfs niet om strips of boeken uit de bovenste twee-drie rijen van de meeste kasten te halen. Hier en daar staan trapladdertjes, te betreden op eigen risico.
Aan een van de ingangen van Central Park, waar ook de dierentuin ligt, staan enkele kiosken van The Strand voor wie graag in het immense stadspark op een bankje vers leesvoer wil nuttigen.
Forbidden Planet
Forbidden Planet biedt wat meer alternatieve strips aan dan die andere stripspeciaalzaaktopper in New York, Midtown Comics. Het ligt slechts een paar gebouwen verder dan de boekenwinkel The Strand. De toffe industriële inrichting met staal, hout en bakstenen gaat mooi samen met papier.
Ook hier treffen we het Vlaamse Vel (Skin) aan, bovendien prominent uitgestald tussen nieuwe releases en aanraders.
De fut was er niet meer om uitgebreid albums uit de rekken te halen om ofwel iets bekends ofwel iets om te ontdekken te bekijken en eventueel aan te schaffen. Heel wat merchandising, een selectie genreboeken, artboeken, oversized artist’s editions en meer, meer, meer kan je er allemaal terugvinden.
Het jonge personeel draagt hun eigen waarden en meningen uit door soms slim ter zake doende stripverhalen over actuele thema’s bij elkaar te plaatsen. Strips hebben al altijd kennis, visie en trivia verbreed bij wie ze leest. Of niet soms?
Quimby
In december 2026 bezochten we stripwinkel Quimby — vernoemd naar de muis van stripmaker en illustrator Chris Ware — in Chicago (lees hier en hier onze reportage). Van dezelfde oprichter is er ook een Quimby in de wijk Williamsburg in New York. De eigenaar kan je zelfs in het Nederlands met een Amerikaans accent te woord staan, want hij heeft tien jaar lang in Amsterdam gewoond. Hij komt er nog weleens terug, recent nog, waarbij hij opnieuw stripspeciaalzaak Lambiek bezocht, een internationaal gerenommeerde en gerespecteerde pionier voor stripwinkels. “Ik leerde mijn zoontje Nederlands leren door hem prentenboeken voor te lezen”, liet hij ons ook weten. “Strips helpen ook, omwille van het visuele aspect”, vulden we aan. Hij zei er ook nog bij dat zijn zoon gek is op Gent. Hijzelf eigenlijk op al onze middeleeuwse steden, zoals Brugge, Gent, Antwerpen en Brussel.
Nog niet zo lang geleden heeft hij al zijn strips uit het aanbod weggedaan. Amper een woonblok verder ligt Desert Island, een onlangs verhuisde, uit de kluiten gewassen stripwinkel met een totaalaanbod. “Zij zijn er gewoon beter in en ik heb er de plaats niet voor.”
Wat hij dan wel verkoopt? Alles wat te maken heeft met het occulte, magie, de dood, het afwijkende, het buiten de paadjes tredende. “Het bizarre?” vragen we hem. “Wel, tegenwoordig zijn tatoeages en seriemoordenaars al lang niet meer zo vreemd”, antwoordt hij. Je vindt er trouwens net zo goed boeken over katten. Een levend exemplaar loopt er rond als heer en meester.
“Ik word er niet rijk van. Ik kan er mijn huur en eten mee betalen. Maar het maakt me gelukkig.” Dat laatste zegt hij met nadruk. Hij hoefde ons er niet van te overtuigen dat hij zich in zijn nopjes voelt in zijn prachtig ingerichte winkeltje waar je mits wat zoeken toch nog een voorwerp met een stripfiguur op zal vinden en anders wel naar huis gaat met een vreemd en uniek stuk. De kat was niet te koop.
Philippe Labaune Gallery
We hadden een hartelijk weerzien met de tot Amerikaan genaturaliseerde Fransman en galerijhouder Philippe Labaune, wiens naar hem vernoemde galerij in de buurt van The High Line, een tot stadspark omgetoverde metrolijn, ligt.
Precies een jaar geleden maakten we daar de vernissage mee van een expo over stripmaker en illustrator Miles Hyman, van wie eind momenteel een expo opent in het Kortrijkse Gallery Art and Design Productions. Om de zoveel maanden organiseert Labaune verkoopexpo’s van tekenaars uit de strip-, illustratie- en animatiewereld. Het waren de laatste dagen van een expo over inkter en tekenaar Klaus Janson, een veteraan die Daredevil mee van een stopzetting redde en zijn belangrijkste werk met Frank Miller voor de Dark Knight-cyclus uitvoerde. Er hing een rijk staaltje van zijn kunnen aan de muren.
Terwijl we de mooie originelen van Janson bewonderden en ook even konden piepen bij originelen van Mœbius in een annexzaaltje kletsten we verder. Het ging over enkele van zijn grote favorieten. Over André Franquin merkte hij op: “Amerikanen zouden een expo over hem niet naar waarde schatten." Over Hergé zei hij dan weer: “Ze zouden in lange rijen aanschuiven." Zijn grootste fascinatie is weggelegd voor Jean Giraud/Mœbius. Hij liet ons een zeldzaam artbook van Mœbius zien dat in een kast vol strips en boeken over strips staat. Daartussen ook Franstalige integrales van De Duistere Steden door François Schuiten, met wie hij dezelfde morgen nog had gemaild voor een eventuele volgende expo. Ook voor Frank Miller, die in de buurt woont, heeft Labaune veel bewondering. Uit onze eerdere ontmoeting herinnerden we ook dat hij is opgegroeid met het werk van Peyo en Edgar P. Jacobs voor wie hij nog steeds een warm hart toedraagt.
Tussendoor uitte hij zijn ontgoocheling over het uitblijven van nieuwere Belgische tekenaars op het internationale toneel: "Waar zijn ze?" We probeerden daartegen in te brengen dat we op onze reizen almaar meer vertalingen zien van nota bene Vlaamse tekenaars, het laatste jaar Olivier Schrauwen en recent nog het album Vel van het duo Mieke Versyp en Sabien Clement. Maar zij hebben nog geen ronkende carrières achter de rug zoals de andere tekenaars die hij in de afgelopen vijf jaar heeft geëxposeerd: Lorenzo Mattotti, Frank Cho, Will Eisner, Mike Mignola, Jacques de Loustal, Peter de Sève, Frank Miller, François Avril, Guido Crepax, François Schuiten, Nicolas de Crécy, Dave McKean,...
De galerij is een groot succes. Labaune stond er al tweemaal paginagroot mee in The New York Times. De verkoop van originelen is navenant. Zijn netwerk wordt almaar groter en ook andere tekenaars vinden hun weg vlotter naar de galerij. Op moment van schrijven loopt een expo over Carter Goodrich (The New Yorker, animatietekenaar voor DreamWorks), terwijl er ook al een in de steigers staat over Paul Pope.
We brachten ook nog nieuws voor hem. Toen we vorig jaar tussen zijn privécollectie een origineel van Peyo zagen hangen, hebben we op het thuisfront toch even gecheckt of het werkelijk van Peyo is of integendeel studiowerk. We hebben het toen voorgelegd aan huidig Jommeke-tekenaar en voormalig Peyo-medewerker Philippe Delzenne. Deze laatste wist ons niet alleen te vertellen dat het daadwerkelijk van Peyo was, Delzenne heeft het Peyo indertijd zelfs met zijn eigen ogen zien tekenen. Toen we dat Labaune vertelden, viel hij ons dolgelukkig in de armen — na onze toestemming die hij ons vroeg (we blijven namelijk in de States). Hij had het ooit gekocht op een veiling, zonder echtheidscertificaat. De prijs was dat van een origineel van Peyo, maar al die jaren bleef de twijfel of het werkelijk van hem was. Van die jarenlange twijfel konden we hem eindelijk afhelpen. Misschien daarom dat we van hem een artbook van Janson cadeau kregen, in 2024 uitgegeven door de Franse uitgeverij Black and White voor een expo in Lyon, maar met een extra wikkel, genummerd op 100 exemplaren en in goud gesigneerd door Klaus Janson. Daar waren wij dan weer dolgelukkig mee!
Time Out Market
We bieden je nog wat extra sightseeing en tips aan. Time Out Market bijvoorbeeld is een omgetoverd oud pakhuis aan de Hudson, pal tussen de Brooklyn en Manhattan Bridge. Op de eerste en vijfde verdieping zit het vol restaurantjes met allerlei soorten keukens. Er is ook een museum over eten, er zijn shops, kunstgalerijen en een bioscoop.
Op de bovenste verdieping, met rooftopbar, genoten we van een pizza met vodkasaus en venkelworst. De kick kwam niet alleen van de chilipepers, maar ook van het uitzicht, vlak boven Pebble Beach. Als we wat verder naar links waren gelopen, kwamen we langs de oever van het ene park in het andere terecht, met omgebouwde aanlegsteigers vol groen en sportmogelijkheden. Je kan er wandelen en fietsen, tennissen, er is pickleball en als je het goed uitzoekt, kan je er zelfs gratis kajakken.
Summit One Vanderbilt
Vanaf 300 meter hoogte krijg je op de Summit One Vanderbilt in Manhattan op een paar voor het publiek opengestelde verdiepingen een zicht op zowat de hele stad New York. Daar zie je ook legendarische torens als Chrysler en Empire State in de buurt staan.
Behalve het zicht is er extra animatie voor de bezoekers. Weerspiegelingen aan alle kanten, een zaaltje met projecties van wolken, een andere met een kunstwerk en het hoogtepunt: een zaal vol ballonnen die via ventilatoren als in een wildwaterbaan de luchtstromen volgen. Het leek wel een eightiesdisco vol glitter. Je mag de ballonnen gerust aanraken en verder tikken of slaan. Ertegen schoppen mag dan weer niet. Je moet er ook wel dulden dat je af en toe zo’n ballon tegen bijvoorbeeld je achterhoofd krijgt geknald, want ballonnen wekken crapuultjesgedrag op. We waren zowel slachtoffer als dader.
Prospect Park
Nog een extra sightseeingtip. In het al erg grote Prospect Park in Brooklyn ligt een botanische tuin. Begin april staat nog lang niet alles in bloei en toch liep het vol mensen met een zelden zo breed geziene vertegenwoordiging van alle leeftijden, rassen, geloofsovertuigingen, gender, relationele samenstellingen en meer.
Aan een zijkant ligt een moes- en bloementuin die in april en juni is opengesteld voor een project om kinderen van twee tot dertien hun eigen bloemen, groenten en fruit te laten zaaien of planten en het zelf te moeten plukken of oogsten. Dat mogen ze dan mee naar huis nemen. We vonden het buitengewoon mooi en hoopvol om al die jeugd van tegenwoordig, onder begeleiding van andere jongeren, zich samen te zien inzetten, ook weer ongeacht louter visuele verschillen.
De Japanse tuin met bloesemende kerselaars (waar een fotoshoot met een bruidspaar plaatsvond) en een veel groter dan verwachte serre waren de grote trekpleisters. In die serre staat het vol met tropische planten en bloemen, cactussen en een zaaltje met bonsaibomen waarvoor je even moet aanschuiven om binnen te kunnen.
Ook nog in Prospect Park ligt een stadsdierentuin met eveneens een vogelparadijs.