Op striptocht in Krakau
Tekst en foto's: David Steenhuyse
Een verlengd weekendje in Krakau brengt me naar een van de grootste middeleeuwse marktpleinen van Europa en diep onder de grond in een van de oudste en langst gebruikte zoutmijnen ter wereld — vind er de Pokémon! Een hiketocht leidt me langs een kasteel, heuvels, een meer, door bossen en in valleien met een bijzondere urban exploring-stop op een verlaten filmdecor uit Steven Spielbergs Schindler's List, wat ook in een dit jaar vertaalde strip is te zien. Er is de gebruikelijke striptocht langs stripwinkels, streetart en andere plekken waar stripfiguren te vinden zijn. In een cocktailbar kenden twee dertigers de in Polen geboren Grzegorz Rosinski niet, noch diens Thorgal. In een stripwinkel met een origineel van Rosinski leerde ik dan weer hoe zijn naam correct wordt uitgesproken. Tussen het uitgebreide Poolse vertaal- en lokaal aanbod zijn er ook heel wat albums van Vlaamse en Nederlandse stripmakers te vinden: Marvano, Ferry, Ben Gijsemans, Wide Vercknocke, Martin Lodewijk en Aimée de Jongh, terwijl strips uit België en Frankrijk vele planken en kasten vullen.
Zaventem
Elke reis begint op de luchthaven, waar Kuifje en de Smurfen overal goed vertegenwoordigd zijn. Dit is het aanbod in een kleinere winkel.
Eerste verkenning
Op weg naar de Grote Markt steek ik een brug over met beeldhouwwerken van circusacrobaten die aan hun stalen kabels meedeinen op het ritme van trillingen van de brug door wagens of de wind.
Een café aan de overkant maakt gebruik van oude illustraties uit het Sovjettijdperk.
Behalve al een eerste blik op wat streetart stuit ik ook op een tattoo shop waar je knullig getekende Smurfen kan laten tatoeëren.
Vlaamse strips in boekhandel
In letterlijk de eerste de beste boekenwinkel in hartje Krakau kom ik het werk van twee Vlaamse striptekenaars tegen: Ben Gijsemans met zijn doorbraakstrip Hubert en Wide Vercknocke met een vertaling van Drieman. Zelfs de stripreeks Capricornus van de ooit in België belande Duitser Andreas is er beschikbaar in softcoverpakketten.
In de winkel staan een drietal plankjes met strips. Geen Thorgal van de in Polen geboren Grzegorz Rosinski, maar die kom ik beslist nog tegen.
Grote Markt
De prachtige Grote Markt, omgeven met ontelbare cafés en restaurants, is een van de grootste middeleeuwse pleinen van Europa en dateert van de dertiende eeuw. Veel animatie op dat plein. Met een violist die ABBA tokkelt over rappende turners tot Poolse schlagerzangers.
Ik kies voor het kleinere café Vis à Vis met Zuid-Franse vibes waar een fries op de muren is volgetekend met illustraties. Erboven hangen ingekaderde cartoons.
De lakenhal op het midden van het plein herbergt een straatje vol souvenirshops met onder meer handgemaakte juwelen en een overdaad aan pluchen draken. Krakau is vernoemd naar de Poolse prins Krakus die de stichter van de stad zou zijn. Volgens een legende versloeg hij een draak aan de voet van de Wawel-heuvel waarop later het koninklijk paleis werd gebouwd. Onder de heuvel is een Drakengrot. Het bronzen beeld van een draak die ervoor de wacht houdt, zie je later nog terug.
Catwoman in verborgen bar
De speakeasybar Mercy Brown ligt zodanig verborgen dat je je eerst in een jongerenbistro moet aanmelden bij een meneer van de garderobe. Daar moet ik even wachten tot een juffrouw me komt oppikken. Via nauwe gangen, trappen en deuren betreed ik een bar die in de jaren 1920 is blijven stilstaan.
Af en toe zijn er jazzoptredens in deze beste cocktailbar van Krakau en omstreken. Nu schalt er jazz en swing door de boxen. De lange uitvouwbare menukaart met de signature cocktails bestaat uit collages van foto’s en illustraties zonder tekst erbij. Je kiest dus op basis van sfeer en vermoedens. Ik begin bij een samoerai en ik krijg een zoete ik-weet-niet-eens-wat met toetsen van pruimen.
Na de bestelling valt mijn oog op een LEGO-figuurtje van Catwoman op een plankje naast de pilaar waar ik aan de bar zit.
Na een goeie, een slechte en een matige keuze sluit ik de cocktailavond af met een sterke. Die kwam in een lantaarn met rook erin. Er hoort zeewier in en het smaakt alsof er een oester in is uitgewrongen. En toch aanstekelijk lekker, maar wel straf.
Ik raak aan de praat met twee locals die naast me komen zitten. Op hun aanraden pik ik nog een laatste cocktail mee met luchtbellen die een aroma vrijgeven als je die met je neus doorprikt. Een van de jongens heeft hier nog drie jaar gewerkt. Het geanimeerde gesprek meandert van cocktails en Grimbergen-bier over de Poolse voetballer Lewandowski, de Poolse economie (een onderschatte Europese grootmacht) en de game GTA tot tips voor mij om in Krakau te beleven. De naam Rosinski zegt ze dan weer niets. Als ik ze op mijn telefoon wat beelden laat zien van Thorgal en ze vertel dat hij bekend is in België neemt de trots het van hun onwetendheid over. Uit hun tips weet ik ook in welke stripteasebars ik terecht moet, hoewel ik daar niet om had gevraagd. Krakau is een grote studentenstad en er worden bijzonder veel vrijgezellenavonden georganiseerd.
Maar ik doe graag research en die leert me online dat deze voornoemde bars een ontzettend slechte reputatie hebben. De kans dat je bedrogen of beroofd wordt, is al zo goed als zeker. Ik lees ook tientallen berichten over gedrogeerd en willoos gemaakt worden via gefikste drankjes. Ook dat je in elkaar geslagen kan worden als je weigert te betalen, zelfs nadat je bankkaart meermaals voor hetzelfde bedrag is aangerekend of wanneer bedragen afwijken van wat gecommuniceerd is. En dan zijn er nog een paar weliswaar niet geverifieerde berichten over moordpartijen. Dan bezoek ik toch liever een restaurant met lokale gerechten die ik als tip meekrijg.
Foodfestival en sterren
Het weekend dat ik Krakau bezoek is het afsluitend weekend van het grootste gastronomisch festival van Polen. Dat valt nogal mee qua omvang. De hele wereldkeuken is er zowat vertegenwoordigd aan de voet van het Wawel-kasteel. Typische dumplings (pierogi) beantwoorden aan die omschrijving. Ik kies er met zalm, ribbetjesvlees en een derde die ik door de cocktails van vanavond al ben vergeten. Heerlijk, vooral het wakke deeg dat een beetje inde mond blijft plakken. Een droger gebakje met paprika is meer deeg dan vulling.
Voor later kies ik nog een selectie patisserie. Ik duid er zelf twee aan. Dan vraag ik de verkoopster wat haar favoriet is en dan loop ik in een zeer slimme upselling van haar door niet alleen haar favoriet te kiezen, maar ook wat ze aanwijst als de favoriet van het publiek. Maakt niet uit, het is hier allemaal bijzonder goedkoop.
Op het pad langs de Wisla-rivier zijn tegels met sterren en hier en daar met handafdrukken van Poolse - en wereldsterren aangelegd. Daartussen heel wat zangers en acteurs.
Pokémon in zoutmijn
"Je kan van de wanden en het plafond likken. De grond zou ik niet aanraden, want er passeren vijfduizend bezoekers per dag", legt de plezante gids in de zoutmijn van Wieliczka uit. Niemand die likt, maar er zijn enkelingen die met hun vinger langs de wand schrapen om zich ervan te vergewissen dat het inderdaad zout smaakt. In een onbewaakt moment heb ik toch ook eens aan een wand gelikt. Zout. Wat verwacht je ook in een mijn met een gangenstelsel van zo’n driehonderd kilometer waarvan een honderdste is opengesteld voor vele toeristen?
De rondleiding in een van de oudste en langst gebruikte zoutmijnen ter wereld (sinds de dertiende eeuw) vind ik erg boeiend. Onderweg passeer je via vele gangen en trappen tot een diepte van 165 meter ook heel wat in rotsachtig zout uitgehouwen standbeelden, een dwergengrot en een drakenkop. Aan die sculpturen mag je dan weer niet likken. Het vocht zou de standbeelden doen slinken. En je krijgt er dorst van.
Die ene Pokémon heb ik toch ook maar gevonden. Die hoort nu mee tot wat al op de allereerst opgestelde UNESCO-lijst staat.
Zelfs de lusters in een paar galerijen in de zoutmijn bestaan uit zoutkristallen. In een indrukwekkende kerk op meer dan honderd meter onder de grond is het leven van Jezus Christus in zout uitgehouwen. De perspectieven in het bas-reliëf zijn erg slim uitgevoerd. En nadat ik Leonardo Da Vinci’s Het Laatste Avondmaal in Milaan in het echt heb gezien, zie ik hier een kopie in het rotszout uitgehouwen. Mooie plek om even rond te dwalen.
De ondergrondse tocht is steevast met een gids, in groepen van enkele tientallen bezoekers, onderverdeeld in de taal waarin je de rondleiding wil volgen nadat je een tijdslot aan de kassa of online hebt vastgelegd. De tocht duurt een paar uur. Er zijn een paar ondergrondse restaurants, snackbars en souvenirwinkels.
In een van de straten tussen het treinstation en de zoutmijn kan je trouwens "vers fruit in Belgische chocolade" als een tussendoortje eten.
ATOM Comics
M’n bargezelschap van gisteravond wist niet wie Grzegorz Rosinski was, nochtans een Poolse tekenaar (later genaturaliseerd tot Belg) met hoog aanzien in zijn geboorteland. Ze zijn dertigers en vanaf die generatie is het lezen van strips minder en minder een hobby.
Rosinski’s Thorgal ben ik wel tegengekomen in de stripwinkel ATOM Comics. Daar verkopen ze voornamelijk comics en manga, net zoals in de meeste stripwinkels buiten Vlaanderen en Nederland. Toch zijn er een paar kasten met Europese strips en klassieke lokale stripreeksen.
Een van die Poolse klassiekers is Kajko i Kokosz van Janusz Christa die tussen 19872 en 1992 liep. Deze komische stripreeks mixt geschiedenis met fantasy en doet een beetje denken aan Asterix en Obelix. Kajko is namelijk een kleine, slimme, dappere, vindingrijke krijger, terwijl zijn makker Kokosz een lange, corpulente, enorm sterke kerel is. In 2016 maakte de reeks een succesvolle comeback door andere auteurs, terwijl ik oude albums en integrales van oude verhalen veelvuldig tegenkom.
Paus Johannes Paulus II, de Pool Karol Józef Wojtyła (1920-2005), is in zijn thuisland een alom bewonderd figuur. In Krakau tref ik standbeelden van hem in parken, het Wawel-kasteel en zelfs in de zoutmijn. Uiteraard is ook de aan hem gewijde strip in de collectie Een Paus in de Geschiedenis te koop in een Poolse vertaling.
Komiksiarnia.pl
Op een paar honderd meter van ATOM Comics ligt een kleinere stripwinkel, Komiksiarnia.pl, gespecialiseerd in manga, Japanse spullen (van speelkaarten over snoep tot drank) en retrogames. Hier kan ik wel mijn rode draad vervolgen dat van slechts een piepklein kransje stripmakers overal ter wereld hun werk beschikbaar is. Hergé heb ik vandaag al kunnen coveren. In deze winkel zijn dat Mœbius en Hayao Miyazaki. Nu nog Art Spiegelman en Charles M. Schulz en m’n vaste handvol is compleet.
Tussen de runners-up zitten trouwens Akira Toriyama, Eiichiro Oda, Stan Lee en, jazeker, almaar vaker de Nederlandse Aimée de Jongh. Haar werk is door drie Poolse uitgevers vertaald. De Smurfen van de Belg Peyo zie ik ook wel vaak genoeg, maar minder als strip, meer als merchandising.
Tussen de oudere albums vind ik enkele delen van de jeugdreeks Jonka, Jonek i Kleks van tekenares Szarloty Pawel die haar verhalen baseert op boeken, sprookjes, folklore, legenden en bijgeloof bij Poolse kinderen. Jonka en Jonek zijn een meisje en jongen, terwijl het wezen Kleks voortkwam uit een inktbron en verzot is op inkt. De reeks loopt nog steeds sinds 1974 en geniet er een populariteit dankzij de eerste publicaties in een tijdschrift en later in albums.
Cartoongalerij
Een winkeltje met alleen maar ingelijste cartoons, posters en postkaarten met cartoons van Andrzeja Mleczki vangt mijn aandacht in een straatje rond de Grote Markt. Deze kunstgalerij bestaat al sinds 1982. Mleczki legt zich voornamelijk toe op satirische illustraties en cartoons, maar hij legt zich ook toe op schilderijen, illustraties voor boeken, advertenties en posters. Deze ereburger van Krakau heeft meer dan vijftienduizend tekeningen gepubliceerd.
Het is al avond en de galerij is gesloten. In dezelfde straat word ik tweemaal aangeklampt om me binnen te lokken in een stripteasebar, maar ik ben een gewaarschuwd man.
Draken
Op de laatste complete dag leg ik een lange wandeling af van 41 kilometer die me langs heel wat stadslocaties brengt en me doet hiken in de natuur. Op dat parcours kom ik enkele bronzen drakenbeeldjes tegen die over de hele stad zijn verspreid. Je moet soms zoeken in hoeken van grote gebouwen om bijvoorbeeld een filmend draakje bij een bioscoop te vinden.
Bij de ingang van een poort in het hoger gelegen Wawel-kasteel hangt dan weer een zogezegd drakenbot, wat in werkelijkheid een bot van een walvis zou zijn.
Aan de ingang van de Drakengrot onder het vroegere koninklijk kasteel van Wawel staat een vuurspuwende draak. Om de zes tot acht minuten komt er enkele seconden lang vuur uit de bronzen bek van de rechtopstaande draak. Het standbeeld is een geliefd klimtuig voor kinderen. Gelukkig is de bek te hoog voor hen, tenzij ze op elkaar zouden klimmen. Maar breng ze niet op ideeën.
Kilometer 10
De wandeling loodst me om te beginnen door de Joodse wijk. Krakau is ook verbonden met de verschrikkingen van de Holocaust, tevens het decor van de film Schindler’s List. In deze Joodse wijk staat onder meer een standbeeld van de verzetsstrijder Jan Karski. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was hij een koerier voor de Poolse regering in ballingschap en voor de geallieerde bondgenoten. Hij berichtte onder meer over het door de Duitsers bezette Polen, de vele concurrerende verzetsgroepen en het getto van Warschau en de vernietiging ervan door Duitsland.
Mijn oog valt ook op een tag van Kaspar Hauser op een muur in de wijk. Over die Duitse mysterieuze figuur tekende Vlaming Bart Proost een album.
Zondag, misdag. Ik kan een paar eucharistievieringen voor zijn bij het bezoeken van een basiliek en een kerk met weelderige interieurs. Later hoor ik kerkkoren en orgelmuziek door de straten galmen. Er zijn hier erg veel kerken. Een even devote verering is er dus voor hun paus Johannes Paulus II. Een ander standbeeld van hem staat in een park waar vooral yogabeoefenaars samentroepen.
Kilometer 20
Hopelijk het lastigste stuk qua terrein. Ik vroeg om natuur, ik heb het ook gekregen. Maar ik wenste het niet bergop door een dichtbegroeid bos met op bepaalde plaatsen zodanig steile hellingen dat ik me aan boomstammen moest vasthouden. Dit is geen wandelen meer, het is hiken.
Elders raak ik dan nog in een diepe bedding van een vermoedelijk veldcrossparcours vol schansen die nu onder plastic zeilen schuilen. Daar is het pas gevaarlijk omdat het gewoon geen pad is. Ondertussen geniet ik wel van verse bosgeur, met toetsen mos en bladeren. En dat allemaal om de Kościuszko-heuvel te bereiken waarop ze een extra heuvel hebben gebouwd. Ik vertik het om te betalen om die ook nog eens te beklimmen.
Op weg naar een meer moet ik de Wisla-rivier weer oversteken.
Kilometer 30
Daar zit het prachtige Zakrzówek-meer bij. Tussen de rotsen kan je er zwemmen, varen, suppen. Helaas vond ik thuis mijn zwembroek niet. Bovendien zijn er geen lockers om als soloreiziger je kostbare spullen op te bergen. Er is wat streetfood. Een ervan verkoopt “frytki Belgijskie”, wat ik vast niet hoef te vertalen. Ik drink er een lokale cola en sla extra drank in.
Van daaruit kies ik voor de tram terug naar het hotel voor een douche, een vers T-shirt (ik kan het vorige uitwringen) en een momentje platte rust. Al goed dat ik plots door mijn eigen gesnurk wakker word wanneer ik nog maar aan het indommelen ben of de rest van mijn parcours zou nachtwerk geworden zijn.
In de buurt van mijn hotel staan restanten van de muur die werd gebouwd om hele wijken met Joden in een getto gevangen te houden. Elders herinnert een gedenkplaat aan een executie op straat van enkele oudere Joden, waaronder een kunstschilder en een dichter, door de nazi’s. Ik weet niet of de sporen in de gevel die van kogelschoten zijn.
Nog wat verder ligt de befaamde emailfabriek van Oskar Schindler, de man die een duizendtal Joden van deportatie heeft gered. In Steven Spielbergs film wordt de belangrijke rol van Oskars vrouw Emilie heel erg miskend, zelfs genegeerd. Oskar leidde een liederlijk leven en had minnaressen. Dat beeld paste niet in de film. Over het echtpaar is bij Saga Uitgaven in mei een strip verschenen: De Rechtvaardigen 2. Op het eind van deze reportage kan je fragmenten uit het album zien die overeenkomen met bezochte locaties. De fabriek is nu een drukbezocht museum.
Bovenaan een zijgevel herken ik graffiti met Moomin, een stripfiguur van de Finse Tove Jansson. Onder de titel Moemin vertaalde Silvester er in 2014 een integrale van die niet werd voortgezet. Moomin kom ik vaak tegen in het buitenland, in heel wat Europese steden, maar ook in de VS en Azië.
Ik stap echter verder, opnieuw naar een artificiële heuvel op een werkelijke heuvel, de Krakus Mound. Dat laatste steile klimmetje heb ik mezelf bespaard. Ik blaas even uit op een bankje tussen tientallen relaxende mensen, verspreid over het gras, met uitzicht op de skyline van Krakau onder een felle zon. Dat is al een beloning op zich.
Kilometer 40
Op dit stuk gaat het om urban exploring. Nabij de plek waar het echte concentratiekamp van Płaszów lag, liet Steven Spielberg een vals kamp bouwen om er de concentratiekampscènes voor Schindler’s List uit 1993 te filmen. Hij wou de echte plek, met op z’n trieste hoogtepunt vijfentwintigduizend mensen die een zekere dood tegemoet gingen, niet onteren. Nochtans staat daar nog amper wat, behalve vele witte blokken als herdenking, aanduidingen waar vroeger barakken stonden en onder een glazen bescherming de karige resten van een pad dat gelegd is met Joodse grafzerken. Het kamp van Płaszów was namelijk gebouwd op een oud Joods kerkhof.
Een veel langer pad met grafzerken is voor de film nagemaakt en dat is dan weer een van de resten van het intussen wat vergeten filmdecor in de verlaten steengroeve van Liban. Daar staat het vol verroest materiaal. Uit de verte, vanop veel grotere hoogte, dacht ik eerst dat het de wachttorens van Spielbergs kamp waren. Het komt uiteindelijk toch weer neer op hiken, klimmen en dalen en met geluk de toegang vinden tot de resten van het filmdecor. Ik blijf maar rond me kijken, moederziel alleen, op den duur stappend op een stenen pad, tot ik doorhad dat ik op die nagemaakte zerken wandel. Van daaruit kan ik nog wat extra urban exploring doen.
Om terug naar de bewoonde wereld te keren, heb ik een specifiek richtpunt dat een indicatie moet zijn van menselijke aanwezigheid: een pizzeria. Van daaruit is het weer drie kwartier stappen tot waar ik stiekem het meest naar heb uitgekeken: een verlaten treinkerkhof. Het staat daar vol afgedankte treinstellen, de meeste uit vervlogen Sovjettijden. Het was de bedoeling die onder te brengen in een museum, maar dat is er nooit van gekomen. Nu staan ze er te vergaan. Het is dus geen toeristische trekpleister.
Het wordt helaas almaar donkerder. In mijn eentje trek ik langs een desolaat, duister pad naast een spoorlijn. Wanneer zich dat splitst, is dat ter hoogte van een werkzaam treinstation. Ik zou langs een gesloten, half overwoekerd spoor verder moeten wandelen, door een donker bosje. Er staan echter treinarbeiders in de buurt en een wachtende trein vol mensen. Ik durf niet verder te gaan uit schrik dat ze me dat zouden verbieden. Op slechts een halve kilometer moet ik het opgeven en weer afdruipen.
Ook een geplande eindhalte in de oud-communistische gemeente Nowa Huta, waar ze nostalgie ten volle uitspelen — tot de verkoop van vroegere communistische cola toe — moet ik laten voor wat het is. Het zou me nog meer dan een uur gekost hebben met het openbaar vervoer en ik zit daar ferm verder van Krakau.
Ik klok uiteindelijk af op een dagtocht van 41 kilometer.
Oase, specialiteiten en groen lint
De dag erop zoek ik wat rust in de botanische tuin van de universiteit van Jagiellonian. Zo’n tuin is een kleur-en geurrijke oase. De mensen die er rondlopen, zowel jong als oud, zien er blij uit en het is een momentje van bezinning. De tuin dateert van 1793. Op maandag zijn alle serres met exotische bloemen, planten en bomen helaas gesloten. Maar in het park kan ik toch ook een uurtje kuieren.
Terug op weg naar het oude centrum paseer ik graffiti met Homer Simpson en alweer een kerkje. Wat verder laat ik me integendeel tot de promomeisjes voor stripteasebars wél graag verleiden door een klantenlokster. Op enkele minuten te voet van het centrum kan je in het restaurant Pierogarnia Krakowiacy terecht voor traditionele Poolse gerechten. Ze schuiven vooral de handgemaakte dumplings naar voren. Terecht. Ik kies voor een Russische versie, een van hun specialiteiten, met een semi-spicy vulling van aardappelen en cottage cheese, besprenkeld met gebakken uitjes en bieslook. Zure room als dipsaus. De kleinste portie telkt acht stuks en dat volstaat voor mij.
Overal in en rond de stad staan kleine blauwe karretjes. Het enige dat je er kan kopen, is obwarzanek, gevlochten broodringen. Bijzonder populair en voor minder dan een euro te koop. Omdat ik meer drink dan eet, kan ik de snack niet ook nog eens in mijn maag proppen. Ik pak een herkansing op de luchthaven. Het is me wat te simpel van smaak, zonder bijkomend beleg, confituur of wat dan ook, maar het vult de maag adequaat.
Rond de complete oude stad is een redelijk breed groen lint aangelegd. Een lang park dat in de zomer mee van pas komt om in de schaduw van het gebladerte verfrissing te vinden. Om de vijf meter staan zitbanken. Het valt me op dat dit weinig gecommercialiseerd is. In alle stukken waar ik door moet, zijn geen standjes met frisdrank, koffie, snacks, kiosken of terrasjes te bespeuren. Je kan er relaxed picknicken zolang je je eigen eten en drinken bij hebt.
Ook de massale afwezigheid van verkeerslichten valt me op. Enkel op een paar kruispunten met drukke wegen zijn die noodzakelijk. Voor de rest is voetganger of fietser koning en heb je altijd voorrang. Wanneer ik eventjes halt houd om een digitaal kaartje te checken aan de rand van een voetpad, gaat een auto vol in de remmen. Ik zit er verveeld mee en steek dan maar over, hoewel ik daar niet moet zijn.
Fankomiks en “Rozjienzjkie"
Niemand spreekt de naam van striptekenaar Grzegorz Rosinski correct uit. In de stripwinkel Fankomiks, niet zo ver van de Grote Markt, leer ik dat het “Rozjienzjkie” luidt. Wel gek dat zelfs de s een z wordt, want in hun taal komen al drie verschillende z’s voor. Hetzelfde geldt voor de a, l m, o en geen idee welke letters nog meer. Als je daar de verkeerde versie van typt om een treinticket aan een automaat in te geven, herkent het toestel de naam niet.
In Fankomiks hangt een originele tekening van Rosinski, niet te koop, voor de uitbater van de zaak. Het is een tekening van de sf-reeks Hans die hij voor het weekblad Kuifje tekende. Een Hans-tekening van zijn landgenoot Zbigniew Kasprzak, kortweg Kas, hangt ernaast. Eronder hangen een paar originele pagina’s met vroeg werk van Kas. Het zijn twee van de vele origineeltjes die er uithangen, zelfs van de Waal Bédu met diens figuren uit Hugo.
Ik koop er een Poolse verzamelbundel met alle stripverhalen van Rosinski uit het Poolse stripblad Relax waarmee hij doorbrak. Niets daarvan is bij ons verschenen. Van datzelfde Relax koop ik ook twee van de drie verschillende anthologieën. De derde is niet in voorraad. Relax was het allereerste Poolse stripblad. Rosinski was er de hoofdredacteur van. Dankzij hem kregen andere Poolse tekenaars publicatiekansen. Voor een grote luxe van zijn album Western, met een bij ons onbekende cover, heb ik geen plaats in de koffer. Een enkele jaren geleden uitgegeven gesigneerde luxe van een van de beste strips aller tijden, De Chninkel, is via de winkel (of elders) online te koop.
Fankomiks heeft in slechts één ruimte een grote veelzijdigheid aan Europese strips, comics, manga, tweedehands en antiquariaat te bieden. Verrassend veel strips uit de Franco-Belgische school met heel veel Belgische stripverhalen, met vertalingen van oudere en nieuwere klassieke reeksen, ook als integrales, net als bij ons. Van Hermanns Jeremiah zie ik zelfs een verzamelbox. Bij het antiek liggen oude nummers van een ander stripblad met daarin ook werk van Vlaming Marvano. In dezelfde bakken vind ik Ian Kaledine van Vlaming Ferry. Storm, van het Brits-Nederlandse duo Don Lawrence en Martin Lodewijk, is eveneens aanwezig. Net zoals het werk van Aimée de Jongh in een Poolse hardcoveruitgave van het Franse stripblad Métal Hurlant waar ze een bijdrage aan leverde. Vreemd zijn een tiental delen uit de erotische collectie Zwarte Reeks… in het Nederlands! Da’s dan om naar de prentjes te kijken, zeker?
Het aanbod is te groot om het allemaal in detail te bekijken. De foto's hieronder zijn een selectie. Een grotere selectie passeert in het filmpje.
Bestseller
Terug naar huis. In de luchthaven van Krakau check ik in een boekhandel de planken waar de bestsellers staan uitgestald. Daar staat één strip tussen: het ook verfilmde Heartstopper. Het is een van die reeksen die overal ter wereld te koop is, ook op plaatsen die je minder LGBTQ+ acht.
De Rechtvaardigen
Tot slot enkele fragmenten uit de strip De Rechtvaardigen 2: Emilie en Oskar Schindler, in mei 2026 verschenen bij Saga Uitgaven. Pas bij thuiskomst, na het doorbladeren van de strip, herken ik enkele locaties waar ik werkelijk heb rondgelopen. Het zijn enkele historische landmarks met een vreselijke geschiedenis.
Door de korte periode van m'n verblijf skip ik een bezoek aan het concentratiekamp van Auschwitz-Birkenau, dat op ongeveer zeventig kilometer van Krakau ligt. Dat kamp komt bij de vleet voor in films, documentaires, boeken, tv-series en uiteraard ook in stripverhalen. Afhankelijk van je beschikbare tijd, hoe of bij wie je eventuele begeleide dagexcursies boekt, kan je dat combineren met het bezoek aan de zoutmijn van Wieliczka.