Terug naar overzicht

Hanco Kolk

“Als je twintig jaar na dato een nieuwe Gilles de Geus zou maken, kan je alleen maar verliezen."

22 april 2021 Interviews
door Dai Heinen
 

In april verscheen de laatste integrale uitgave van Gilles de Geus bij Matsuoka. Voor ons een ideale aanleiding voor een interview met tekenaar Hanco Kolk, de laatste twintig jaar vooral bekend van zijn dagbladstrip S1ngle. Openhartig vertelt hij over zijn plannen met Meccano, de toekomst van Gilles de Geus en de reacties en veranderde tijdsgeest die gevolgen hebben voor S1ngle.

Je bent weer begonnen aan een nieuw verhaal van Meccano?

Kolk: "Ik moet nog 6 bladzijdes tekenen." (dit interview vond plaats op 18 januari)

 

Het laatste album dateert van 2007. Het heeft een hele tijd stilgelegen. Waarom nu weer ineens begonnen met een nieuw verhaal over deze fictieve stadstaat?

Kolk: "Omdat ik ergens heel boos over ben geworden. Als ik over iets heel opgewonden ben, is Meccano een heel goede uitlaatklep. Want boos worden over sommige dingen heeft geen zin, dan kan je het beter belachelijk maken. Dan heb ik er zelf ook nog plezier van. In dit geval ging dat over de arrestatie van een grote Nederlandse drugscrimineel in Dubai. Toen ben ik me erin gaan verdiepen.

Weet je, in Dubai zitten bijna alle grote drugshandelaren. Toen dacht ik bij mezelf, dat is gewoon net Meccano. Die reeks maak ik dan ook gewoon voor mijn plezier, dat is mijn labour of love. Als ik er geen plezier in heb, moet ik er ook gewoon mee ophouden. S1ngle is mijn vaste serie."

Daarom duurde het dus ook zo lang?

Kolk: "Ja, daarna heb ik ook andere dingen gedaan. Een project met Spinvis, samenwerking met Arnon Grunberg en een Robbedoes-album. Ik had ook geen reden om een nieuwe Meccano te maken, er was geen onderwerp wat mij hoog zat. En het is ook geen serie waar continu een stroom albums van moet komen, zo is het ook niet bedoeld. Daarom kan het best zijn dat het hierna weer tien jaar duurt voor er een nieuwe Meccano komt."

 

Het eerste deel van Meccano (Beauregard) werd in Frankrijk heel goed ontvangen. Was het commercieel gezien niet verstandig om daarmee door te gaan?

Kolk: "Het werd inderdaad heel goed ontvangen, maar de vertaling was gewoon slecht en de verspreiding was ook niet best. Ik ben daardoor meer een 'artist' geworden en het was dus geen commerciële klapper. Meccano is ook mijn speeltuin, ik experimenteer met tekenstijlen en richtingen en ben dan ook huiverig om dat in de grote stroom van commerciële strips uit te brengen. Als ik dat zou doen, ben ik bang dat ik de puurheid van Meccano aantast."

 

Over tekenstijl gesproken, je stijl van Meccano lijkt meer op die van S1ngle dan van Gilles de Geus.

Kolk: "Daarvoor moeten we terug in de tijd. Het stripblad Eppo was in die tijd het enige serieuze blad en als tekenaar wou ik daar graag in staan. Ik had nog nooit cartoons getekend en de stijl van Gilles is dan ook een meer bedachte stijl. Zo'n stijl hoort in de Eppo thuis, dacht ik. Als ik Gilles teken, moet ik zijn lichaam ook construeren. Het is meer een Uderzo-achtige stijl, terwijl Uderzo ook een hele goede realistische tekenaar is geweest."

"Uderzo benadert Asterix als een realistische strip en die stijl hanteer ik ook in Gilles de Geus."

Zoals voor Tanguy en Laverdure?

Kolk: "Die tekeningen vind ik echt fantastisch mooi. Mijn stelling is dat Asterix eigenlijk een heel realistische strip is met heel raar gevormde mensen. Uderzo benadert Asterix als een realistische strip en die stijl hanteer ik ook in Gilles de Geus, ook daarin lopen veel raar gevormde figuren rond. Meccano hanteer ik meer als een handschrift, Meccano maken gaat me heel makkelijk af. Zo makkelijk dat ik me afvroeg hoe dat kan. Daar ben ik verder mee gegaan en het voelt heel natuurlijk."

 

Jouw collega Gerrit de Jager noemde jouw stijl in een interview een prachtige stijl, maar het is ook een kunstje.

Kolk: "Zei hij dat echt?"

 

Ja, hoe zie je dat zelf?

Kolk: "Ben ik het niet zo mee eens. Een stijl is een serie keuzes die je maakt. Die keuzes moet je in elk album wel volhouden, althans wat Meccano betreft. Elk nieuw album zie ik als een nieuwe ronde met nieuwe kansen qua stijl. Gerrit is een heel goede vriend van me, maar vanwege deze opmerking geef ik hem wel een keer een draai om zijn oren." (lacht)

 

Is Gerrit de Jager trouwens nog bezig met een nieuw album van De Familie Doorzon?

Kolk: "Hij zal voor de StripGlossy vast een keer een strook tekenen, maar ik heb niet het idee dat hij van plan is een nieuw album van De Familie Doorzon te maken. Hij tekent voor de Nederlandse krant Algemeen Dagblad wel een dagstrip die zich afspeelt in het Doorzon-universum."

Je hebt met Tulpen uit Istanboel ook een album gemaakt van Robbedoes. Waarom is deze niet in het Frans vertaald?

Kolk: "Dat is een keuze van de uitgeverij. Het was hun politiek om in een aantal landen buiten Frankrijk lokale stripmakers te vragen een eigen Robbedoes-album te maken. Toen kregen ze een stapel verhalen en het was aan hen om te kiezen welk album ze in Frankrijk zouden uitgeven."

 

Lezers die jou kennen uit de jaren 1980 zouden kunnen denken dat je na Gilles de Geus uit beeld bent verdwenen.

Kolk: "Ik ben daarna S1ngle gaan doen. Maar ik heb drie soorten publiek: een Meccano-publiek, een S1ngle-publiek en een Gilles de Geus-publiek. Als ik ergens signeer voor S1ngle komt er een heel ander publiek dan bij een Gilles-signeersessie. Bij S1ngle dagen veel meer wat jongere vrouwen op. Gilles vinden ze wel aardig, maar ze komen voor S1ngle. Er zijn zelfs mensen die een brief naar de krant schrijven die gericht is aan een van de hoofdpersonages uit S1ngleMeccano is toch meer het art-publiek."

"Er was een keer een verhaallijn waarin Fatima moest kiezen tussen twee mannelijke kandidaten voor een relatie. Ze kon geen keuze maken en we hebben de lezers gevraagd om te helpen. Er zijn achtduizend brieven binnengekomen."

Zijn er echt mensen die een brief naar de krant sturen die is gericht aan Nienke of dokter Van Swieten?

Kolk: "Niet aan hen, wel vaak aan Fatima. Er was een keer een verhaallijn waarin Fatima moest kiezen tussen twee mannelijke kandidaten voor een relatie. Ze kon geen keuze maken en we hebben de lezers gevraagd om te helpen. Er zijn achtduizend brieven binnengekomen, met vaak oprecht gegeven adviezen waarom Fatima voor een bepaalde kandidaat moest kiezen. Sommige mensen zetten hun hele levensloop op papier, heel bijzonder."

Inmiddels hebben jullie al duizenden stroken gemaakt voor S1ngle. Waar haal je de motivatie vandaan?

Kolk: "Het zijn er nu rond de zesduizend. We proberen zoveel ideeën uit de personages zelf te halen. 2020 is dan ook een vreemd jaar geweest. Vanwege corona konden ze niet echt daten en de lockdown helpt ook niet. Verder heeft iedereen een mondkapje op, dus de gezichtsuitdrukkingen zijn ook moeilijker te tekenen. Hopelijk wordt het dit jaar beter, want we hebben een aantal langlopende verhaallijnen in ons hoofd."

 

Tijden veranderen, welke onderwerpen zou je nu niet meer behandelen?

Kolk: "interessante vraag, als je de beginperiode van S1ngle in 2000 vergelijkt met nu konden we toen veel verder gaan. De dokters Van Swieten en Bernard die op het terras vrouwen beoordelen, dat soort dingen kan nu niet meer. Dat zeggen de dokters ook tegen elkaar en dan beoordelen ze elkaar maar. De tijd en de wereld veranderen, S1ngle is een strip die alleen nu gemaakt kan worden. Als we een extreemrechts kabinet krijgen, zullen we geen extreemrechtse strip maken. De personages zullen dan in een extreemrechtse wereld fungeren en daar ook op reageren."

 

Hoe bewaak je een grens bij dingen als religie, emotie en seks?

Kolk: "Peter de Wit en ik schrijven elke week die grappen, soms zeggen we tegen elkaar “daar krijgen we brieven over”. Gelukkig staan de redacties achter ons. Soms is het wel lastig dat lezers een grap heel anders interpreteren dan je bedoelt. Enkele jaren geleden hadden we in S1ngle een grap met Stella die een sekstape wou maken. Haar mannelijke tegenspeler ging daarmee akkoord en ik tekende een scène met lampen die werden aangedreven door een accu. We kregen een brief van een lezer die het een leuke grap vond, maar zich wel afvroeg waarom we de Tweede Wereldoorlog erbij moesten betrekken. Het bleek te gaan om de twee bliksemschichten die ik op de accu had getekend. We gaan uit van het goede, maar iemand die er iets slechts in wil zie, vindt altijd iets."

De makers van S1ngle. Zelfportret van Hanco Kolk.

Karikatuur van Peter de Wit door Hanco Kolk. Het duo broedt samen grappen voor S1ngle uit.

Nooit vervelende reacties gehad? Er lopen genoeg gekken rond op de wereld.

Kolk: "Weleens op Meccano wat vervelende reacties gehad. In de nieuwe Meccano had ik het over het een bekende Nederlandse drugscrimineel. Toen zei iedereen om mij heen dat ik dat beter niet kon doen. Daar werd ik alleen maar nog kwader om. Later belde een bevriende tekenaar mij op, die ook rechtbanktekeningen maakt, en hij zei me dat ik beter niet met dat soort mensen kan spotten. Hij is zelf al een keer achtervolgd toen hij naar huis reed en daar schrok ik wel van. Daarom heb ik toch maar de naam van het personage in Meccano veranderd."

 

Charlie Hebdo ligt nog vers in het geheugen.

Kolk: "Ik denk niet dat zoiets hier snel zal gebeuren. Kamagurka heeft daar toen heel stellig op gereageerd. Het scheelt ook dat ik geen politieke cartoons teken."

 

Enige provocatie kan je niet ontzegd worden. Wie vind je zelf goede tekenaars?

Kolk: "Heel veel. Typex vind ik fantastisch, net als Erik Kriek en Aimée de Jongh. Op dit moment zijn er echt veel goede Nederlandse tekenaars."

 

En schrijvers?

Kolk: "Dat is lastiger, Kriek en Typex schrijven goed. Het nieuwe boek van Aimée de Jongh (Dagen van Zand) wordt ook mooi. Maar goede schrijvers noemen is lastiger. Echt goede schrijvers, zoals Zidrou en Jean Van Hamme, zijn hier lastig te vinden."

"Nederland heeft niet echt een vertellerscultuur. We zijn goed in documentaires en toegepaste kunst, maar fictie is heel lastig. Het zit niet echt in onze cultuur."

Hoe kan dat?

Kolk: "Er zijn twee oorzaken. De eerste is dat het Nederland taalgebied vrij klein is. Als je hier een strip schrijft, loop je het risico dat je heel weinig lezers bereikt en dus amper iets verdient. In Frankrijk is dat toch anders. Het tweede is een discussiepunt, want Nederland heeft niet echt een vertellerscultuur. We zijn goed in documentaires en toegepaste kunst, maar fictie is heel lastig. Het zit niet echt in onze cultuur. Ik wacht nog steeds op een grote Nederlandse romanschrijver zoals Alexandre Dumas (de negentiende-eeuwse romanschrijver van onder meer De Drie Musketiers en De Graaf van Monte-Cristo)."

 

Is het voor stripmakers niet steeds moeilijker om in Nederland een boterham te verdienen?

Kolk: "In Nederland is het vrij moeilijk. Dat klopt. De betere tekenaars gaan daarom ook naar het buitenland. Mensen als Typex, Kriek, Aimée de Jongh en Paul Teng werken allemaal voor buitenlandse uitgevers. Hun Nederlandse uitgaven zijn dan vertalingen buitenlands werk. En Frenk Meeuwsen ook niet vergeten. Tegen mijn studenten zeg ik ook: Je werkt niet voor Nederland maar voor Europa. Vaak zijn het kleine lokale oplagen maar veel kleine zorgen toch voor een grote."

In april verscheen de derde en laatste integrale van Gilles de Geus. Komt er ooit een nieuw album?

Kolk: "In het dossier dat bij de derde integrale zit, krijg je uitgebreid antwoord op deze vraag. Dan lees je wat we allemaal geprobeerd hebben om een nieuw album te maken."

 

Zoals crowdfunding.

Kolk: "Dat was echt niet het enige wat we geprobeerd hebben. Achter de schermen hebben we aan diverse knoppen gezeten om een nieuw album te maken. Dat crowdfundingproject was het laatste wat we geprobeerd hebben. Economisch gezien is een nieuwe Gilles de Geus niet interessant. Daar zijn Peter en ik het beiden over eens. Wat ook meespeelt is dat als je twintig jaar na dato een nieuwe Gilles de Geus zou maken, je alleen maar kan verliezen. Mensen zullen het dan vergelijken met de andere albums. Gilles is een heel mooi boek, maar wat ons betreft is het een gesloten boek. Peter en ik zijn nu ook beiden met andere dingen bezig. Toen we Gilles maakten, was dat ook onze focus. Nu niet. Toen was ik alleen maar bezig met Gilles. Dat kostte veel tijd en financieel kan dat nu niet meer. We beleven nu ook plezier met andere dingen. Maar lees het dossier in de derde integrale en je komt nog meer te weten."

 

Voor de crowdfunding vroeg je 1.000 euro per pagina.

Kolk: "Vind ik geen hoog bedrag."

 

46.000 euro om een stripalbum te maken, vind ik goed betaald.

Kolk: "Daar moeten dan wel nog de drukkosten en inkleuring van betaald worden en ook de distributie moet daar nog vanaf. Het komt echt niet allemaal in onze zak terecht. We hadden het goed uitgerekend. En dan zit je voor 400 euro per pagina te werken waar je al gauw één à anderhalve week mee bezig bent."

 

Heeft Standaard Uitgeverij jullie benaderd voor de integrale uitgave?

Kolk: "Tweeënhalf jaar geleden belde uitgever Toon Horsten ons op. Hij gaf aan dat hij graag een integrale van Gilles de Geus wou uitgeven. Wij zagen het ook zitten en al helemaal bij Standaard Uitgeverij. Dat is toch de uitgeverij van Willy Vandersteen, een van onze helden van vroeger. De nog beschikbare drukfilms van de Gilles-albums  hebben we gekocht van uitgeverij Silvester. Niet alle films waren er nog, dus moest de rest opnieuw gescand en waar nodig ingekleurd worden. Rudy Vrooman is daar lang mee bezig geweest, ook met de vormgeving en lettering. Het ziet er goed uit. Alleen het papiersoort was niet onze keuze."

 

Hoe zit het met de rechten?

Kolk: "Die lagen altijd bij ons. Dat was het probleem niet. Wij zorgen altijd dat we de rechten behouden. Het zou heel dom zijn als je die weggeeft."

 

Van Peter de Wit is recent een quasi integrale uitgave verschenen van Stampede. Komen er nog integrale uitgaven van zijn De Familie Fortuin of jouw Inspecteur Netjes?

Kolk: "Dat is mij niet bekend. Ik sta er wel voor open. Voor De Familie Fortuin is er wel een rechtenkwestie, maar dat kan je beter aan Peter vragen. Hij heeft die reeks niet alleen bedacht. Inspecteur Netjes zou wel kunnen. Daar zijn honderden pagina's van gemaakt. Ze worden weer opnieuw gepubliceerd in het stripmaandblad Jump. Je kan je niet voorstellen hoeveel werk het was om een aflevering van Netjes te maken. Het bedenken kostte soms drie dagen. Het was wel leuk om te doen."

 

Geef je het nieuwe verhaal van Meccano ook als album uit?

Kolk: "Ik ga de originele pagina's los verkopen per stuk en die zitten dan in een album in kleur op A3-formaat. Ik weet nog niet of er een normaal album van komt. Mocht het zo zijn, zal ik het wel in eigen beheer uitgeven. Ik doe het voor de lol en mensen kunnen het gratis online lezen. Het is trouwens ook in Eppo te lezen."

 

De integrale reeks van Gilles de Geus verscheen in drie delen bij Matsuoka, een label van Standaard Uitgeverij. De drie delen tellen respectievelijk 256, 208 en 184 pagina's en kosten elk 34,99 euro.

Op de Engelstalige website hancokolk.com kan je Kolks nieuwste Meccano-verhaal Poppy gratis lezen. Wekelijks worden er drie pagina's toegevoegd. Regelmatig plaatst de auteur ook vlogs met een making-of van de strip. Hieronder kan je zijn eerste vlog bekijken.