35 of 85
Winkel in de kijker: Adhemar (Gent)
Geen geflater
De volle zesentwintig jaar van zijn bestaan huist stripspeciaalzaak Adhemar in het pand aan de Kammerstraat in Gent, vlak bij de Vrijdagmarkt. Uitbater Peter Janda was 17 jaar toen in de buurt waar hij toen woonde stripwinkel Wrill stopte. Hij wist toen al dat hij later een stripwinkel zou openen. Op zijn vijfentwintigste diende de mogelijkheid zich aan in een leegstaand gebouw. Peter was in die periode actief als zelfstandige en was dikwijls als standhouder te vinden op stripbeurzen.
De winkel is altijd even groot gebleven, alleen kwamen er steeds meer boekenkasten bij. Hij kon rekenen op zijn vader om kasten aan te maken, tot op een bepaald moment zijn vader zich luidop afvroeg of er nog niet genoeg kasten stonden... terwijl er op dat moment misschien nog niet de helft van het aantal kasten stond dat er nu staat. “Maar voor een stripwinkel is er nooit genoeg plaats”, voegt Peter daar nu aan toe.
Toen er een naam voor de winkel moest gekozen worden, twijfelde Peter tussen de namen Guust Flater en Adhemar, want hij is een grote fan van zowel André Franquin als Marc Sleen. Toen herinnerde hij zich dat Japanners nooit een naam kiezen die een negatieve connotatie heeft. Het begrip flater duidt op iets negatief voor hen. “Inderdaad, Japan is ver van hier, maar ik had zoiets van: laat ik maar op veilig spelen en de naam Adhemar kiezen”, vertelt Peter. “Want liever een intelligente professor dan een flater.”
Tweedehandsspecialisatie
“Mijn winkel zou niet Adhemar heten indien ik Nero niet leuk zou vinden. Ik ben ook een grote fan van Willy Vandersteen, Pom en Jef Nys. Later werd ik ook heel erg gecharmeerd door de Dupuis-stal: André Franquin, Jean Roba en François Walthéry. Iets minder werd ik bekoord door Hergé en de Kuifje-stal. Alhoewel, als ik verder kijk vond ik Natasja en De Blauwbloezen uit Robbedoes wel heel leuk. Vervolgens kwamen Thorgal en Jugurtha in het Kuifje-weekblad, die ik heel goed vind.
Je blijft steeds doorgroeien als lezer, dus ontdekte ik later Robert Crumb, Will Eisner, Didier Comés, Jacques Tardi en François Schuiten. Maar het is niet omdat ik een doorgroeide lezer werd, dat ik Nero en De Rode Ridder niet meer leuk vond. Er is gewoon meer en meer bijgekomen.”
Voor de nieuwigheden in de winkel gaat het meestal om het aanbod van de grote uitgeverijen. Maar die plaats is beperkt aangezien het grootste deel van de winkel ingenomen wordt door tweedehandsstrips, want dat is immers de grote specialisatie van de winkel. Er is ook een groot aanbod van antiquariaat, maar daar is in de winkel weinig van te zien. Die verkoop is vooral online of via mensen die hij kent. Op stripbeurzen komt antiquariaat in mindere mate aan bod.
Peter: “Stripbeurzen heb ik nooit veel gedaan, en de laatste jaren is dat beperkt tot de stripbeurs in Gent. Voor de winkel koop ik nog steeds heel veel in, want de omzet is prima. Daarbij komt er ook veel van mensen die stoppen met hun collecties, en ook door overlijdens, waarbij de familie de collectie wil verkopen. Uiteindelijk zijn er nog weinig tweedehandszaken in het stripwereldje, dus weet men mij makkelijk te vinden. Maar doordat er minder aanwas is van stripfans dan vroeger is een tweedehandszaak vandaag misschien moeilijker te runnen.”
Verzamelobject
“Ik heb altijd oude strips verzameld, maar geleidelijk aan ben ik overgeschakeld naar originele tekeningen. Oude strips verzamel ik niet zozeer. Het gaat eerder om bepaalde albums te verzamelen omwille van de schoonheid van het object. Een oude strip is voor mij dus een object. Het hoeft zelfs geen strip te zijn, want het gaat om de schoonheid en het sentiment dat het oproept. Vandaar dat ik naar originelen overgeschakeld ben. Dat hangt aan de muur, je passeert de tekening, je ziet de tekening, dus het is echt visueel.
Ik heb echt wel veel originele tekeningen, maar dat betekent niet dat die te koop zijn. In het begin had ik echt geen originelen te koop omdat ik puur een verzamelaar was. En met het verzamelen van stripalbums ben ik gestopt omdat je anders op de duur te veel in je collectie steekt in plaats van het aan te bieden aan de klanten. Als ik telkens de mooiste oude strips voor mezelf bijhoud, waarom zou er dan nog iemand langskomen om deze te kopen?”
Lezen en verzamelen
“Er is niet echt iets dat het best verkoopt in mijn winkel, want alles verkoopt goed. Er is altijd wel een reden waarom iemand binnenkomt om een bepaald album te kopen. Wel zijn er bepaalde strips die ik niet meer aankoop omdat ik die anders tien keer meer binnen krijg dan dat ik ze verkocht krijg, dus die moet ik weigeren.
Strips dienen voornamelijk om gelezen te worden. Je hebt iets graag gelezen, je hebt er een goed sentiment bij, en uiteindelijk begin je het eventueel te verzamelen.
Ik heb een klein Franstalig tweedehands aanbod, maar dat is vooral het meest gekende, zoals Asterix of Kuifje. Er zijn ook kinderen die Franstalige strips kopen omdat ze deze nodig hebben voor de Franse les op school. Wel heb ik Franstalige boeken over strips omdat die niet in het Nederlands worden uitgegeven.
Er staan wel veel Engelstalige strips te koop, maar geen losse comics omdat daar soms slordig in wordt gezocht en het dan moeilijk mooi te houden is.
Manga? Indien we het binnen krijgen, heel graag. Dat publiek is nog jong, en die zijn er echt wel mee bezig. Jongeren komen hier vooral over de vloer voor die Engelstalige strips en manga, maar ook voor de tweedehandsstrips, omdat je dan in een andere prijscategorie zit.”
Voor signeersessies, events, bordspellen en games is er geen ruimte in de zaak. De speciaalste dingen die je in de winkel vindt, zijn de artist's editions op groot formaat met scans van de originele pagina’s op 100 exemplaren. Online vind je bij Adhemar een groot aanbod aan antiquariaat. Er zou nog veel meer online kunnen gezet worden, maar daarvoor ontbreekt het Peter de tijd.
Uitgeverij Adhemar en De Boemerang
“Van De Rode Ridder heb ik van veel albums de originele platen. Wel allemaal van verhalen door Karel Biddeloo, want ik ben een heel grote fan van hem. Daar heb ik nog niks van willen verkopen, maar ik denk dat ik volgend jaar wel de originele pagina’s van twee De Rode Ridder-albums zal aanbieden.
Ik heb Karel eigenlijk te kort gekend. Hij was een heel sympathieke man. We zijn een paar keer gaan eten en ik ben bij hem thuis geweest. Hij heeft een tekening voor mij gemaakt voor onze portfolio met zeven prenten van zeven verschillende tekenaars over Gent. De Rode Ridder zat aan het Gravenkasteel, Biebel zat aan de Boekentoren, enzovoort. Ik heb ook een aantal ex librissen van Karel uitgebracht. De laatste twee ex librissen zijn echter niet meer gesigneerd geraakt. Toen ze gedrukt waren, vernam ik dat hij ziek was. Daarom wou ik hem niet storen. Ik heb wel gehoord dat er toen nog een aantal mensen bij hem zijn langs geweest om dingen te laten signeren. Maar misschien had Karel dat wel graag of wou hij het gewoon doen.
Karel was een échte auteur: hij schreef én tekende. Zijn topperiode was grandioos. En Willy Vandersteen wist echt wel wie hij moest aannemen.”
Peter is begonnen met uitgeven op het moment dat de stripmarkt achteruit begon te gaan. Wanneer je naar de moeilijk te vinden albums kijkt, zoals Papyrus deel 28 of De Mini-mensjes deel 41 kan je opmerken dat die uit een specifieke periode dateren. In diezelfde periode begon Peter uit te geven. De uitgevers drukten toen nog alleen wat werd vooruitbesteld, wat achteraf een verkeerde beslissing bleek te zijn.
Destijds heeft Peter eerst albums uitgegeven van Kari Lente, Bessy en Jerom met verhalen die nog niet in album waren uitgegeven. De eerste vijf Jerom-albums waren direct uitverkocht omdat die in het avondjournaal van VRT aan bod kwamen. Daarna nam de verkoop wel een duik.
Een paar jaar geleden gaf hij de zelf samengestelde reeks Uit de Archieven van Willy Vandersteen uit. Daar heeft hij niet de originele platen van. Alle strippagina's zijn gescand uit boeken en tijdschriften. Peter is heel dankbaar aan degenen die daarvoor gezorgd hebben, want zelf had hij het niet gekund. Ook de Piet Pienter en Bert Bibber-albums die later dit jaar zullen uitkomen voor een unieke albumreeks met de oorspronkelijke negen krantenverhalen uit Het Handelsblad zijn gescand uit de toenmalige kranten. Het zijn vrijwilligers die zich daarvoor ingezet hebben omdat ze willen dat dit niet verloren gaat. De pagina's zijn gescand in de Erfgoedbibliotheek in Antwerpen. Deze kranten zijn ingebonden, en daar heb je een speciale scanner voor nodig die de glooiing van het papier zoveel mogelijk teniet doet. Ofwel moet je het fotograferen en beeld per beeld bewerken. Dat was echt titanenwerk, dankzij liefhebbers, want anders zou het onbetaalbaar zijn.
In 2023 heeft Peter, samen met zijn stadsgenoot en uitbater van de stripspeciaalzaak De Poort, Uitgeverij De Boemerang overgenomen. Die was een beetje in het slop geraakt en ze proberen er nu nieuw leven in te blazen. Inmiddels zijn er zes nieuwe albums van Rooie Oortjes verschenen met een nieuwe nummering vanaf deel 1. Daarin staan zowel oude gags opgenomen als gloednieuwe door tekenaars als Dirk Stallaert, Kim Duchateau, D'Auwe, Willy Linthout, Romano Molenaar, Thomas Du Caju, Steve Van Bael, Jaap De Boer, Gilson,... Het is de bedoeling om in die niche blijven.
Verkoper Glenn
Zelf staat Peter al anderhalf jaar niet meer in de winkel wegens tijdsgebrek. Hij heeft Glenn Verschelde aangenomen, die naast het werk in de winkel ook bestellingen klaarmaakt.
Glenn: “Ik ben zeventien jaar zelfstandige geweest als uitbater van een videotheek. Dat was onder de Decascoop. Daarna ben ik overgestapt naar merchandise, zoals Harry Potter en Star Wars. Maar op een bepaald moment werd het huurcontract niet meer verlengd. Daarna was ik op zoek naar iets anders. Ik kende Peter al een tijdje en was vroeger klant bij Adhemar.
Peter had me eerst in de richting gestuurd van het stripmuseum dat zou geopend worden hier in Gent, maar dat museum gaat voorlopig niet door. Uiteindelijk heeft Peter mij de kans gegeven om hier te beginnen werken. Enerzijds omdat ik ervaring had als winkelier en anderzijds omdat ik een groot stripliefhebber ben. Nero is een favoriete reeks van mij. Ik lees ook graag alles van de uitgeverijen Dupuis, Casterman en Dargaud, maar dan wel in het Frans. Ook comics, vooral de klassieke van Marvel en DC. Ik ben al dikwijls naar de Comic Con in New York geweest. Het feit dat mijn schoonzus daar woont, draagt natuurlijk wel bij aan de regelmaat.”
Praktische info
- Oppervlakte: 100 m²
- Adres: Kammerstraat 25, 9000 Gent
- Telefoon: +32 (0)9 224 32 39
- E-mail: peterjanda@skynet.be
- Website: http://adhemar.be
- Openingsuren: woensdag tot vrijdag van 10.30 tot 18.00 uur - zaterdag van 10.00 tot 18.00 uur
35 of 85