Dit is archiefpagina 14 van de rubriek Weetje v/d Week.
Klik verder naar eerdere updates op deze pagina:
350 Minifiguurtjes van een lezer
349 Analyse van een Robbedoes-cover door André Franquin
348 Ongebruikte cover voor Robbedoes en Kwabbernoot 32
347 Onvoltooid project (48): Spin-off Galaxa door Steven Dupré
346 Levensechte Kuifje-personages
345 "Familiefoto" voor 30 jaar weekblad Kuifje
344 Joe Biden en Hägar de Verschrikkelijke
343 Schetspagina's Marshal Blueberry 3 door Jean Giraud
342 Suske en Wiske door Gerben Valkema
341 Loco Luke en Lucky Luke
340 Het geheim van Mickey Mouse' oren
339 Guust Flater en Franka maken samen reclame voor Deens stripblad
338 Beroemde fans van Milton Caniffs Dragon Lady
337 René Goscinny en Albert Uderzo als Galliërs
336 Gecensureerde pagina uit Aldebaran 4
335 Robbedoes voor Brabantia
334 Promotekening Jo, Suus en Jokko en Hergés bureau
333 Uitgestelde start voor De Mini-Mensjes 1
332 Vroege albumplannen voor Hergés Jo, Suus en Jokko
331 Originele ontwerpen voor latexfiguren
330 Jan Bosschaert en Saint-Amour
329 Ongebruikte cover voor Baard en Kale 24
328 John Lennon en Keep on Truckin'
327 Blote Natasja in De Rotsenzee
326 Klare Lijn-iconen verzameld op affiche van Zwitserse tekenaar Exem      
 
Minifiguurtjes van een lezer
26/12
TOP
Lezer Bernard Lefever, in het dagelijks leven een architect-deskundige, knutselt in zijn vrije tijd minifiguurtjes en piepkleine tafereeltjes naar bekende stripreeksen in elkaar. Hij wou ons bedanken voor al onze berichtgeving, in het bijzonder over het werk van André Franquin. Hij stuurde ons tegelijk foto's van tientallen knutselwerkjes. Dat stemde ons zo vrolijk dat we zijn toestemming vroegen om het ook met jou te delen. Hieronder zie je Bernards knutselwerk naar de reeksen Robbedoes, Guust Flater, Agent 212, Kuifje, Asterix, Johan en Pirrewiet, Lucky Luke, Nero, De Lustige Kapoentjes en Piet Fluwijn en Bolleke.


Robbedoes - Guust Flater - Franquins monsters
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 


Agent 212


Kuifje - Hergé en René Goscinny


Asterix


Johan en Pirrewiet


Lucky Luke


Nero - De Lustige Kapoentjes - Piet Fluwijn en Bolleke

Bovenstaand tafereeltje staat tegenwoordig in het Frietmuseum in Brugge.


Analyse van een Robbedoes-cover door André Franquin
19/12
TOP
Robbedoes
Met Kerstmis 2020 op komst blikt Martin Schrijvershof terug op Kerstmis 1955. Toen tekende André Franquin een fraaie covertekening voor het weekblad Robbedoes. Zijn nadere studie zit vol nostalgie en weetjes.

"Op de cover van het speciaal kerstnummer Robbedoes nummer 821
van 22 december 1955 heeft Franquin heel veel details afgebeeld in een vogelvluchtperspectief van het centrum van een stadje. Erg sfeervol met overal een dun laagje sneeuw. Het is een tekening waar ik elke keer weer graag naar kijk. Er valt zoveel bekends te zien. Die decembermaand was ik net zeven geworden. Hoewel het waarschijnlijk een Belgisch stadje verbeeldt, herken ik veel uit mijn jeugd in Brielle, vlakbij Rotterdam."

De Citroën 2CV, de Renault 4cv, de scooter die je eind jaren 1950 zo vaak zag, en niet te vergeten de dure Amerikaanse wagen langs het kanaal.

En de garage bij het plein met zijn twee benzinepompen. Hier van het merk Vroep waarvan Franquin zich in zijn strips vaak bediende. Het Franstalige uithangbord Vroup valt nog net waar te nemen boven de gesloten garagedeuren. Slechts een enkele tv-antenne is er nog maar te zien. Dat was een paar jaar later heel anders. Toen stonden de daken vol.

Kijk eens hoeveel dames een bontmantel dragen. Heerlijk warm. Dat zie je heden ten dage niet meer. Toen wel.

Eerder die avond is er een vers laagje sneeuw gevallen. Dat kun je nog zien aan de sporen achter de getekende figuren en vervoermiddelen. En de vaak nog ongerepte sneeuw vlak voor de voetgangers. Het spoor van de scooter valt te traceren tot de Renault 4cv. Over al die sporen heeft Franquin duidelijk nagedacht. Slechts een enkel spoor roept een vraag op. Waar komt die bebaarde oude man met wandelstok vandaan? Zijn sporen beginnen midden op straat.



De meeste mensen spoeden zich, op hun zondags gekleed, de heren en dames met een passend hoofddeksel op, richting de kerk. Door de ramen zie je het licht in de kerk. De kerkklok geeft negen voor twaalf aan. De middernachtmis gaat zo dadelijk beginnen. Het is dus Kerstavond, 24 december. Ook Robbedoes en Kwabbernoot, vergezeld van Spip, lopen richting kerk. Het is winter, dus beiden dragen en sjaal. Spip heeft een blauw mutsje op.

Vanaf het pleintje loopt een echtpaar. Meneer heft de hoed op en begroet een joviaal terugzwaaiende man aan de overkant. Mevrouw denkt daar het hare van: zo'n kerel begroet je niet, hij gaat niet eens ter kerke.

Op het pleintje staat de voor die dagen onmisbare telefooncel, verlicht natuurlijk.

Verder het standbeeld ter herinnering aan de gevallenen in de Groote Oorlog en de reclamezuil. "Bobb Scho" valt er nog te lezen: Bobbejaan Schoepen, de Vlaamse zanger en latere pretparkeigenaar van Bobbejaanland. Op de Franstalige coverillustratie staat de naam van de Franse chansonnier Georges Brassens.

Een verliefd jong stel staat dicht bij elkaar. Hij glimlacht, zij bloost.

Wat verderop zit een clochard op een bankje te dutten.

Vanuit Café Het Hoekje aan de overkant komen twee behoorlijk aangeschoten feestvierders de straat opgelopen.

Tegenover het café bevindt zich de felverlichte bioscoop Ciné Hollywood. Welke film er draait, valt niet precies te achterhalen. In die tijd kregen anderstalige filmtitels voor zowel het Vlaamse als Waalse publiek vertaald een aangepaste titel. In de oorspronkelijke, Franstalige illustratie staat wel de titel Le Gang des Durs, een fictieve titel voor een gangsterfilm gezien de hand met revolver boven de titel. Het is een inbreuk op de vredige kerstsfeer. Ongetwijfeld was dat precies de bedoeling van Franquin die later aangaf dat hij dergelijke christelijke taferelen niet bijzonder prettig om te tekenen vond voor de vrome uitgeversfamilie Dupuis.

In het midden van de tekening zie je Eethuys In de Smulpaep staan. Rechts van die voordeur hangt het menu. Een echtpaar neemt het door. Gaan ze zo laat nog aan tafel?

Daarnaast staat een jong stel. Een slungelige, kortharige man; met de handen in zijn jaszakken. Het is André Franquin. Het bebrilde, charmant geklede vrouwtje naast hem is zijn echtgenote Liliane. "Het lijkt alsof ze staan te wachten", schrijft Yvan Delporte in het boek Les Noëls de Franquin (in 2010 verschenen bij Marsu Productions). "Maar Liliane is er de vrouw niet naar om op de stoep te staan wachten met beslissen. In werkeijkheid zou ze de vorige week al gebeld hebben om een tafel te reserveren en het menu uit te kiezen."

Voor de etalage van Het Boekhuis naast het restaurant loopt een bebaarde man, in de rechterhand een aktetas en onder de linkerarm een grote map waaruit enkele vellen papier bijna op de grond vallen. Het is Yvan Delporte, in die dagen hoofdredacteur van Robbedoes/Spirou en een goede vriend van Franquin. Heeft hij net de ontbrekende platen van een strip gehaald? Dat zou kunnen.

Onder het dak boven Eethuys In de Smulpaep is een klein venster zichtbaar. Het licht brandt, en een bebrilde man houdt in zijn rechterhand een potlood of pen vast. Zit hij nog te zwoegen aan zijn laatste strippagina's? Is de deadline al verstreken?

Om de hoek van Het Boekhuis staat de grote kerstboom van het stadje, bewonderd door een vijftal kinderen.

Linksboven, achter de rij huizen om het pleintje, rijdt niet alleen de dure Amerikaanse slee, maar loopt ook een man in snelle pas langs het kanaal. Het is koud en de kolenhaard lokt.

In het kanaal staat een rijtje huizen weerspiegeld in het stille water. Hoewel, staat het werkelijk stil? De weerspiegelde vensters en dakranden lijken te wijzen op wat beweging in het water. Kijk nu eens naar de voetstappen aan de overkant. Mijn stripviend Remco Plas wees mij daarop. Allebei hebben we deze tekening al vele malen bekeken. De voetstappen komen van linksaf en gaan richting water. Er valt nog net een hakafdruk op de rand te zien.
Is hier iemand met opzet in het water gelopen? Zelfmoord? Wie zal het zeggen. Volgens mij heeft de tekenaar dit doelbewust getekend. Niet voor iedereen zijn de kerstdagen even vrolijk. Sommige mensen zijn juist dan erg alleen, en somber gestemd. Dit jaar wens ik ieder sterkte toe in deze moeilijke tijden. Blijf gezond, houd moed en probeer te genieten van alles wat je nog wel kunt doen.

— Martin Schrijvershof


Ongebruikte cover voor Robbedoes en Kwabbernoot 32
12/12
TOP
Robbedoes en Kwabbernoot
Robbedoes en KwabbernootIn 1984 verscheen de eerste druk van Robbedoes en Kwabbernoot 32: De Stiltemakers met nevenstaande cover. Het album van Nic Broca en Raoul Cauvin kreeg in 1991 nog eens een herdruk en daar bleef het bij in de reguliere reeks. De hierboven afgebeelde coverillustratie van Broca voor een bedoelde herdruk van het album werd nooit gebruikt.

De drie albums van Broca en Cauvin horen tot de minst geliefde albums uit de reeks die vele geestelijke vaders kende. De Stiltemakers was hun laatste bijdrage aan de reeks. De albumversie wijkt trouwens af van de versie in het weekblad Robbedoes. De laatste vier pagina's werden herschreven en hertekend om er een ander einde van te maken. In de oorspronkelijke versie wordt de uitvinding om alle geluid op te slorpen in een blok beton gegoten en diep in de zee geworpen waar het beton door de druk van het water uit elkaar valt. Het gevolg is dat walvissen zich massaal op land werpen om er te sterven. In de bijgewerkte versie zijn walvisvaarders het slachtoffer.

SnorkelsBroca kwam uit de tekenfilmwereld en keerde na zijn Robbedoes-albums terug naar zijn natuurlijke habitat. Bij de animatiestudio van Dupuis ontwikkelde hij De Snorkels die dankzij de tekenfilms van Hanna Barbera in diverse landen werd uitgezonden. Tussen 1984 en 1989 liepen vier seizoenen die vijfenzestig afleveringen opleverden. Er verschenen in 1986 en 1987 ook drie albums op scenario van Cauvin, die alle getekend werden door Franco Oneta. De Snorkels kwamen met de andere naam Diskies voor het eerst voor in 1981 in een onafgewerkt stripverhaal van Robbedoes en Kwabbernoot door Broca, die in 1982 zelf een eerste album tekende als een reclame-uitgave voor Persil. De teksten zijn in zowel het Frans als Nederlands. De tekenaar stierf in 1993.


Onvoltooid project (48): Spin-off Galaxa door Steven Dupré
05/12
TOP
Galaxa
Galaxa
Galaxa
In Stripgids nummer 8 van december 2020 zijn 34 van de 180 pagina's gewijd aan geweigerde projecten van Steven Dupré. Het is een hallucinant overzicht, een portfolio op zich, van een dertigtal stuk voor stuk geweldig getekende proefpagina's voor projecten die nooit zijn doorgegaan of met een andere tekenaar. Steven licht ze allemaal toe, soms aangevuld door andere partners in crime wiens projecten net zo goed strandden. Hij spreekt over Samber, Het Land van Langvergeten, De Pioniers van de Nieuwe Wereld, zijn eigen Midgard en een graphic novel, uitgedoofde samenwerkingen met Daniel Hulet, Marvano, Yves Sente, Charel Cambré, Tom Bouden, Denis Bajram, Jean-David Morvan, Alcante en Gihef, Ketnet en een bedoelde spin-off over Galaxa uit De Rode Ridder waarvan we hier het beeldmateriaal afbeelden. Dat zijn ze dan nog lang niet allemaal.

GalaxaJe komt ook vaak te weten waarom ze niet doorgingen en daar krullen je tenen van. Maar heel wat andere tekenaars kennen deze moeizame processie van voorstellen en geweigerd worden. Stevens getuigenissen zijn een tekenend bewijs van respectloosheid, amateurisme, benadeling, eigendunk, contractbreuk jegens of in het nadeel van tekenaars. Dat leid je er als lezer zelf wel uit af. Toch houdt Steven het positief en benadrukt hij de kracht van volharding. Het ene geweigerde project leidt af en toe naar een concreet voorstel, wat bij hem bijvoorbeeld de Franse bestseller Kaamelott opleverde of samenwerkingen met Valérie Mangin. Het is een eyeopener voor lezers die lang niet altijd beseffen hoe moeizaam het proces van voorstel of vraag tot uiteindelijk resultata of tot helemaal niets uitmonden.

Tot slot geven we je nog Stevens info over het Galaxa-project dat in 2013 op tafel lag. Het was een nieuwe introductie bij Standaard Uitgeverij waarvoor Steven de jeugdreeks Sarah & Robin maakte. Later scheidden de wegen van de uitgeverij en Dupré met slaande deuren: "Vermoedelijk was het personeel van Standaard Uitgeverij inmiddels volledig vervangen, want opeens kreeg ik een telefoontje van Johan De Smedt (toenmalig uitgeefdirecteur strips, nvdr). Hij nodigde me uit eens te komen praten. Over wat precies was me een raadsel. Maar het bleek een aangenaam en interessant gesprek en een voorstel tot samenwerking waar ik erg blij mee was. Onderweg naar huis borrelden de ideeën al op. Die werden vlot verder uitgewerkt in alweer personages en lay-outpagina's om de uitgever te tonen welke richting ik met het project uit wilde gaan. Johan was erg enthousiast over die eerste aanzetten, en we kwamen wat later tijdens een vergadering met hem en enkele andere werknemers van Standaard Uitgeverij tot een overeenkomst over de voorwaarden. Alles leek in kannen en kruiken. Maar amper een week later kwam de uitgeverij terug op de eerder gemaakte afspraken en de overeengekomen voorwaarden. Zelfs mondelinge afspraken zijn voor mij geldige afspraken, en daarop terugkomen getuigt voor mij van weinig betrouwbaarheid. En dat is de reden waarom de spin-off van De Rode Ridder, Galaxa, nooit het levenslicht zag."

Bij dit artikel kunnen we meer afbeeldingen laten zien dan in Stripgids. Het gaat om personagestudies en hieronder uitgewerkte storyboardtekeningen van de eerste pagina en de pagina's 2 en 3 die een dubbelpagina vormen (klik erop voor een grotere weergave).
Galaxa
Galaxa


Levensechte Kuifje-personages
28/11
TOP
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Kuifje
Grafisch vormgever en illustrator Ludo D. Rodriguez amuseerde zich met foto's van acteurs om ze in Photoshop om te werken naar realistische uitvoeringen van personages uit de reeks Kuifje. Klik op de afbeeldingen voor grotere versies. Op zijn website vind je de complete reeks met alle acteursnamen erbij. Herken jij ook Tom Holland, Hugh Jackman, David Koechner, Eugene Levy, Jean Dujardin, Matthew Perry, Robert De Niro en anderen?


"Familiefoto" voor 30 jaar weekblad Kuifje
21/11
TOP
Kuifje
In 1976 tekende Bertrand Dupont, een van de tekenaars die Ton en Tineke heeft getekend, bovenstaande "familiefoto" als viering voor de dertigste verjaardag van het weekblad Kuifje. De illustratie was een persoonlijk geschenk aan uitgever Raymond Leblanc. Rechtsboven vind je een Vlaams clubje met Willy Vandersteens Suske en Wiske, Tijl Uilenspiegel en 't Prinske en Bob De Moors Meester Mus. In nummer 40 van datzelfde jaar prijkte de illustratie ook op een maxiposter die elke abonnee of koper van het weekblad kreeg.


Joe Biden en Hägar de Verschrikkelijke
14/11
TOP
Joe Biden
Op het bureau van Joe Biden, hier op de foto in gesprek met Kamala Harris, staat al vele jaren een ingekaderd krantenstrookje van Hägar de Verschrikkelijke door Dik Browne. Joe kreeg het van zijn vader na het auto-ongeluk dat in 1972 het leven kostte aan zijn vrouw en dochter. Later sloeg het noodlot in de familie Biden opnieuw toe toen Joes zoon Beau aan een hersentumor stierf.

Hägar de Verschrikkelijke

De Britse journalist Piers Morgan schreef hier een artikel over voor The Daily Mail en vertelt meer over de betekenis van het strookje, hem verteld door Joe Biden himself. Je kan het Engelstalige artikel hier lezen.


Schetspagina's Marshal Blueberry 3 door Jean Giraud
12/09
TOP
Marshal Blueberry 3
Marshal Blueberry 3
Marshal Blueberry 3
Marshal Blueberry 3
Marshal Blueberry 3
Marshal Blueberry 3
Marshal Blueberry 3
Marshal Blueberry 3
Marshal Blueberry 3
Marshal Blueberry 3
Marshal Blueberry 3
Wat je hierboven ziet, zijn reproducties van de originele schetspagina's van Marshal Blueberry deel 3, De Bloedige Grens. Jean Giraud tekende deze voor Michel Rouge, die na de eerste twee door William Vance getekende albums voor hem inviel. Het derde deel, de afsluiter van de spin-off, mocht Rouge tekenen. Giraud hielp hem dankzij deze voorstellingen om het allemaal in beeld te brengen. Het gaat om bladschikkingen voor de eerste dertien pagina's uit het album. De schetsen van de pagina's 6 en 9 ontbreken.

Het album verscheen in 2000 bij Dargaud. In 2018 werd het met de eerste twee albums gebundeld in een mooie integrale editie.


Suske en Wiske door Gerben Valkema
23/08
TOP
Loco Luke
Zes jaar geleden kwam Suske en Wiske een eerste keer op het pad van de Nederlandse tekenaar Gerben Valkema, bij onze bovenburen bekend van Elsje. Een uitnodiging van Standaard Uitgeverij leidde uiteindelijk naar twee Suske en Wiske-albums van zijn hand. We geven je hier zijn flashbackuitleg bij bovenstaande fake cover van toen op zijn Facebookpagina mee:
"Bijna zes jaar geleden ben ik gevraagd samples te maken voor Suske en Wiske. Ik wist dat ik niet in de klare lijn van de studio kon tekenen, dus ik maakte de samples lekker koppig in mijn eigen stijl. Een paar maanden later werd ik gevraagd om een kort Suske en Wiske-verhaal te maken met Guus Meeuwis, in mijn eigen stijl. En weer even later kon ik aan de slag met een compleet album, samen met Yann. Ook weer in mijn eigen stijl.
Als ik de samples in de studiostijl had getekend, zou ik door de mand zijn gevallen, ik had dat nooit gekund en deze twee boeken zouden er nooit gekomen zijn. Dit was de eerste keer dat ik er bewust voor koos om een stijl niet te imiteren (iets dat ik daarvoor heeeeeeeel vaak gedaan heb), en het leverde me artistiek heel wat moois op.
Moraal van het verhaal (© Disney): Wees jezelf, kleine zeemeermin!"

Hieronder vind je de covers van zijn twee Suske en Wiske-verhalen. De Grandioze Gitaar tekende hij in 2016 voor het goede doel SOS Kinderdorpen in een reeks van zes door Nederlandse tekenaars getekende verhalen op scenario van Bekende Nederlanders, in zijn geval zanger Guus Meeuwis. Cromimi dateert van 2017 en opende de hommagecollectie met albums door telkens andere tekenaars en scenaristen.

Suske en Wiske
Suske en Wiske

Op onze vraag ons ook eens zijn samples te laten zien van De Rode Ridder, waarvoor hij effectief een proeftekening heeft gemaakt om te kijken of hij de reeks eventueel zou kunnen overnemen en met de reeks een compleet andere koers op te varen nadat Claus D. Scholz zou stoppen, antwoordde hij negatief. Die tekening diende voornamelijk om te bewijzen dat hij niet de geschikte kandidaat was.


Loco Luke en Lucky Luke
15/08
TOP
Loco Luke
Laten we even een kleine vergelijking maken tussen de weinig bekende krantenreeks Loco Luke, van de Amerikaanse tekenaar Jack A. Warren, en het eerste verhaal van Lucky Luke door Morris. Loco Luke liep in 1935 en 1936 in onder meer New Fun Comics en Popular Comics. Het eerste verhaal van Lucky Luke dateert van 1946. Beide cowboys hebben dezelfde outfit: ene grote cowboyhoed, een rood sjaaltje, een geel hemd met zwart vestje en een blauwe jeans met opgerolde pijpen. De soepele, tekenfilmachtige tekenstijl vertoont gelijkenissen en hun beider paarden springen en galoperen vol beweging.

Tot zover de visuele verwantschap, maar we pleiten voor het pure toeval. Zowel Warren als Morris waren tekenfilmliefhebbers en de oorsprong van hun tekenstijl is eerder in die hoek te zoeken. Bovendien dragen hun cowboys kleren in de niet zo unieke basiskleuren geel, rood, blauw en zwart.

Het is echter bekend dat Morris heel wat Amerikaanse strips las en kende. In 1948 reisde hij met André Franuin en Jijé naar Mexico en de Verenigde Staten waar ze kennismaakten met de lokale strips. Morris bleef langer hangen in de VS waar hij René Goscinny leerde kennen. Tussen 1954 en 1967 onderhield Morris samen met Pierre Vankeer de rubriek 9de Kunst (yep, we hebben die term aan hen te danken) voor het weekblad Robbedoes om Amerikaanse strips voor te stellen. In nummer 1500 behandelde Vankeer Loco Luke waarin hij uitlegt dat deze strip in september 1939 ook in het Franstalige stripblad L'As heeft gestaan. Hij gaf de lezers nog mee dat Morris beweerde dat hij nooit een pagina van Loco Luke had gezien toen hij Lucky Luke creëerde. L'As verdween enkele weken na zijn eerste publicatie door de beperkingen die werden opgelegd door de naderende Tweede Wereldoorlog.

Over Jack A. Warren en Loco Luke kan je hier meer lezen.


Het geheim van Mickey Mouse' oren
09/08
TOP
Mickey Mouse
Al eens op gelet dat de oren van Mickey Mouse altijd twee platte schijven zijn, vanuit om het even welk standpunt hij is te zien? Tekenfilmmaker Ward Kimball legde het "geheim" van Mickeys oren eens vast op bovenstaande tekening. Kimball (1914-2002) was een van Disney's Nine Old Men, het kransje animatoren dat verantwoordelijk was voor de sliert lange tekenfilms van Sneeuwwitje (1937) tot De Reddertjes (1977).


Guust Flater en Franka maken samen reclame voor Deens stripblad
01/08
TOP
Cactus Western
Tussen 1981 en 1983 liep in Denemarken het stripblad Cactus Western. Er verschenen negen nummers van en een nulnummer. De inhoud bestond voornamelijk uit publicaties van oudere westernstrips uit diverse buitenlandse bladen zoals Jijés Jerry Spring, Hugo Pratts Fort Wheeling, Deribs Buddy Longway en minder bekende reeksen uit Amerikaanse en Italiaanse pulpblaadjes.

Tussen al dat westerngeweld was er ook komisch vertier met een westerngag van André Franquin en Guust Flater die werd ingezet om Jerry Spring aan te kondigen met een stripje dat ook in het weekblad Robbedoes was verschenen. In een advertentie voor de Deense uitgeverij Interpresse, die Cactus Western uitgaf, belt Guust Flater naar de Nederlandse stripheldin Franka om de albums van de uitgeverij aan te prijzen. Daarvoor werd gebruikgemaakt van bestaande prenten uit beide stripreeksen.

Cactus Western
Cactus Western

Hier vind je een Deens overzicht van alle Cactus Western-nummers met de inhoud per nummer.
(Bron en foto's: Thierry Cappezzone)


Beroemde fans van Milton Caniffs Dragon Lady
26/07
TOP
Dragon Lady
Flashback naar oktober 1939. De grote Amerikaanse tekenaar Milton Caniff (Steve Canyon, Terry and the Pirates) schildert een portret van de Dragon Lady uit Terry and the Pirates voor de grote filmmaker en acteur Orson Welles (Citizen Kane, The Lady from Shanghai, The Third Man). Welles bedankte hem daarna met een briefje.

Orson Welles

Van Caniff is geweten dat hij prints liet maken van de Dragon Lady om ze handmatig met waterverf in te kleuren voor fans die om origineel artwork vroegen. Speciaal voor Orson Welles schilderde hij een andere tekening. Het dateert van een jaar na het beroemd geworden radiohoorspel War of the Worlds waarin Orson Welles tijdens dat hoorspel zo geloofwaardig in een fake nieuwsuitzending berichtte over een invasie van aliens dat er paniek uitbrak bij luisteraars. Het maakte van hem een ster. Ook Caniff was een fan.

Dragon Lady

Dragon Lady Welles was niet zozeer een striplezer, maar hij hield wel erg van de krantenstrips van Milton Caniff, net zoals schrijver en Nobelprijswinnaar Literatuur John Steinbeck (The Grapes of Wrath, Of Mice and Men, East of Eden) die Caniff brieven stuurde waarin hij de Dragon Lady prees en die ook al om tekeningen van haar vroeg. Andere beroemde liefhebbers van Caniffs werk waren Roy Liechtenstein (die een prent uit Steve Canyon uitvergrootte tot een pop-artschilderij), regisseur Federico Fellini (die eveneens correspondeerde met Caniff), muzikant Bing Crosby, schrijver Umberto Eco, Playboy-baas Hugh Hefner en Edward VIII, de hertog van Windsor. Twee jaar na de uitwisseling van Caniffs tekening en het dankwoordje van Welles schreef de filmmaker opnieuw brieven naar de tekenaar. Dat was na de première van Welles' Citizen Kane, een film die voor vele cinefielen een van de beste films ooit gemaakt is.

Volgens een minder geciteerde bron maakte Caniff zijn tekening op verzoek van Welles himself omdat de filmmaker jaloers was op een tekening van de Dragon Lady die Caniff voor acteur Joseph Cotton had gemaakt. Cotton speelde samen met zijn vriend Welles in de films Citizen Kane, The Magnificent Ambersons, Journey into Fear en The Third Man. Voordat er nog sprake was van die films, en vóór Caniffs tekeningen voor beide heren, speelde Cotton voor diverse theater- en radiohoorspelproducties van Welles.

Philippe Berthet en Yann baseerden zich voor de tekenaar in hun reeks Pin-Up trouwens op Caniff. De pilotenreeks Terry and the Pirates bood ook inspiratie voor Buck Danny (met de Dragon Lady die te herkennen is in Lady X). Caniffs realisme beïnvloedde dat van Jijé, Albert Uderzo, Eddy Paape, Jean Giraud, Maurice Tillieux, Victor Hubinon en vele anderen. Ook Willy Vandersteen kende zijn werk. De Draken Lady in het Suske en Wiske-verhaal De Sissende Sampan is een rechtstreekse verwijzing. Caniffs Dragon Lady alias Madam Deal alias Lai Choi San is dan weer gebaseerd op de gelijknamige, twintigste-eeuwse Chinese piratenleidster.

Terry and the Pirates


René Goscinny en Albert Uderzo als Galliërs
20/07
TOP
René Goscinny en Albert Uderzo
Flashback naar 1967. Dit zijn René Goscinny en Albert Uderzo op de set van de Franse film Deux Romains en Gaule, geregisseerd door hun goede vriend Pierre Tchernia. De twee stripmakers vertolkten een cameo in de komische film. Omgekeerd kwam Tchernia ook een aantal keer voor in de stripreeks Asterix.

Deux Romains en Gaule is een tv-film in zwart-wit die losjes gebaseerd is op Asterix. In de film komen ook tekenfilmstukjes voor met de eerste geanimeerde vorm van Asterix en Obelix. Je kan de film integraal bekijken via YouTube (Frans gesproken zonder ondertiteling).


Gecensureerde pagina uit Aldebaran 4
12/07
TOP
Aldebaran
Nog tot 26 juli loopt een expo met originelen van Leo in de Brusselse galerie Huberty-Breyne. Daar kan je ook dit origineel zien dat niet in een album voorkomt. Het is een pagina uit Adebaran deel 4 die werd gecensureerd. In elk verhaal van de diverse sf-cyclussen komt wel een naakt- of seksscène voor (meestal net voorbij de helft, sla je albums er maar op na), maar deze scène ging voor uitgeverij Dargaud wat te ver.
(Bron: ActuaBD.com)


Robbedoes voor Brabantia
05/07
TOP
Robbedoes
Robbedoes
Deze promotionele kaart van het margarinemerk Brabantia voor een dobbelspel werd onlangs geveild. De tekeningen van Robbedoes zijn uiteraard van André Franquin. De kaart dateert van 1954 en het is in gedrukte vorm extréém zeldzaam. Volgens experten zijn slechts drie Nederlandstalige exemplaren bekend terwijl er nooit een Franstalige versie werd gedrukt. De afmetingen zijn een postkaartformaat van 15 x 10 cm. De opbrengst op de veiling was dan ook navenant, het kaartje ging weg voor 1.810 euro.


Promotekening Jo, Suus en Jokko en Hergés bureau
27/06
TOP
Kuifje
Gilles Delli-Zotti is een Tintinophile — dit is geen ernstige ziekte, maar een omschrijving voor kenners van Kuifje/Tintin. Hij vond deze weinig bekende illustratie van Kuifje uit de jaren 1950 die in een tijdschrift werd gepubliceerd. Hij weet niet welk tijdschrift. Het diende om promotie te voeren voor de lancering van De Uitbarsting van de Karamoko, het toenmalig nieuwe avontuur van Jo, Suus en Jokko, een andere reeks van Hérgé. Gilles' vriend Jean-Claude Registo restaureerde de illustratie en gaf het een kleurtje. Het ziet er nu zo goed als nieuw uit na bijna zeventig jaar.


Hergé
Ook uit begin jaren 1950 dateert deze foto van Hergés tekentafel. Hij bereidde toen net Mannen op de Maan voor. Een deel van de maquette van de befaamde Kuifje-raket is present. En hij rookte blijkbaar Belga. De asbak is tegenwoordig een moeilijk te vinden verzamelitem.


Uitgestelde start voor De Mini-Mensjes
06/06
TOP
De Mini-Mensjes
In 1967 debuteerde De Mini-Mensjes (tegenwoordig De Minimensjes gespeld in de integrale uitgave van Saga Uitgaven) van Pierre Seron en Albert Desprechins in het weekblad Robbedoes met het halflange verhaal Alarm in Ellendam bij Ravertem. In 1972 achtte uitgeverij Dupuis de tijd rijp om een eerste album te publiceren. Niet als opener van een eigen stripreeks, maar als een goedkoop geprijsd album in de collectie Okay . Deze collectie was bedoeld als experiment om stripreeksen uit het stripblad een eerste publicatiekans als album te gunnen en te zien hoe het werd onthaald. Zo stootten Isabel, De Mini-Mensjes, De Krobbels en Sammy een paar jaar later door als volwaardige stripreeks. Dat groen licht werd niet gegeven aan De Musketiers van Mazel en Raoul Cauvin en Willy Lambils Sandy en Hoppy.

De Mini-Mensjes
De Mini-Mensjes 19

In 1974 lanceerde Dupuis De Mini-Mensjes als zelfstandige reeks met het lange avontuur De Uittocht als deel 1. In feite was dat al het zevende avontuur van de miniburgertjes van Ellendam. Dupuis had in die tijd de gewoonte om de eerste verhalen van een stripreeks uit het weekblad over te slaan voor een albumuitgave. Een reeks kon in het weekblad groeien, rijpen en verder evolueren en een eerste album mocht niet gebukt gaan onder schoonheids- en andere fouten uit de vroegste periode om kopers te overtuigen. Een keer de reeks gelanceerd was, konden die oudere verhalen alsnog opgenomen worden in een album. Alarm in Ellendam bij Ravertem werd daardoor pas in 1986 uitgegeven, samen met de kortverhalen Paasdwergen in Rotswijk (1972) en Kogels bij Carmen (1985) als deel 19 in de reeks. Enkel in de integrale reeks van Saga Uitgaven staan alle verhalen chronologisch, inclusief de verhalen die Dupuis zelf nooit heeft uitgegeven in een vroeger of later album.

Maar in 1971 waren er toch al vroege albumplannen voor De Mini-Mensjes, getuige de coverillustratie voor deel 1 boven dit artikel. Uit onderstaande afbeelding van de kleurindicaties met een kalk met de tekst erover leren we dan weer dat het eerste verhaal Alarm in Ellendam zou aangevuld worden met het kortverhaal Le Coq en Pâte, en dat is de Franse titel voor het kortere verhaal Torenpech (1969) dat in de Robbedoes-nummers 1614 tot 1622 werd gepubliceerd. Torenpech is het derde avontuur van De Mini-Mensjes en stond ook in het Okay-album van De Mini-Mensjes uit 1972. Daarna was het wachten tot de eerste integraal van Saga Uitgaven in 2016 om het verhaal in album te kunnen lezen. Serons oorspronkelijke cover van Alarm in Ellendam is nooit gebruikt.
De Mini-Mensjes


Vroege albumplannen voor Hergés Jo, Suus en Jokko
16/05
TOP
Jo, Suus en Jokko
Veel vroeger dan het geval was, koesterden Hergé en uitgeverij Casterman al albumplannen voor Hergés stripreeks Jo, Suus en Jokko. Bovenstaand coverontwerp dateert van 1938, maar het album is nooit verschenen. Het verhaal werd pas in 1952 in album gepubliceerd als De "Manitoba" Antwoordt Niet Meer, deel 3 in de uiteindelijke reeks. Datzelfde jaar verscheen het vervolg, De Uitbarsting van de Karamako. Beide albums hebben dezelfde boventitel Het Mysterie van Straal V (1e en 2e episode).De covers van deze eerste drukken in hardcover zie je hieronder. De Franse edities van deel 3 en 4 kwamen in 1951 en 1952 uit.

Jo, Suus en Jokko
Jo, Suus en Jokko


Originele ontwerpen voor latexfiguren
09/05
TOP
Latex
Latex
Latex
Latex
Latex
Latex
Latex
Latex
Latex
Latex
Op 8 juni worden via een miniveiling van het Franse Interenchères achtendertig loten geveild met ontwerpen voor diverse (publicitaire) latexfiguurtjes. De bijzonderste zijn een reeks unieke en zelden gepubliceerde ontwerpen van André Franquin uit de vroege jaren 1960. Behalve Guust Flater, IJzerlijm, Tineke en Felix (uit Ton en Tineke) en meneer en mevrouw Marsupilami, gaat het ook om twee specifiek voor publicitaire doeleinden ontworpen latexfiguurtjes: een blauwe olifant met bloemenmotief en een kippetje voor Kodak.

Niet alles raakte gecommercialiseerd omwille van productietechnische problemen. Daarover geeft verzamelaar Philippe Mouvet, een groot kenner van alles wat met de weekbladen Robbedoes en Spirou te maken heeft, meer uitleg: "Van zowat alle latexpopjes werden verschillende modellen gemaakt. De eerder uitgebrachte pop werd telkens aangepast en verbeterd qua kleuren, grootte, details, noem maar op. Of de volledige pop werd hertekend naar het in de strips evoluerende uiterlijk van de personnages: Marsupilami, Guust (hier het verbeterde tweede model), enzovoort. Elk prototype ging eerst naar Franquin die daarop eventuele aanpassingen en verbeteringen voorstelde en zijn uiteindelijke goedkeuring moest geven. De correspondentie hierover tussen de firma Exinco en de tekenaar is heel grappig (onder andere over de lengte van de haren van de echte pruik van de grote Guust-pop) en geeft veel info over het fabricageproces van deze poppen, alsook info over andere projecten die Franquin met de popjesfabrikant in de pijplijn had.
Het popje van IJzerlijm werd uiteindelijk niet vervaardigd. Het figuurtje was te dun. De mal werd wel gemaakt, maar bij het vervaardigen van de pop in latexschuim werd bij het afkoelen een probleem duidelijk: het schuim kromp, zodat wanneer het was afgekoeld en gestabiliseerd het popje niet om aan te zien was. Normaliter hield Exinco bij het vervaardigen van de mallen wel rekening met het krimpproces, maar bij IJzerlijm lukte het maar niet en ging haar latexfiguurtje niet door.
Uit de correspondentie blijkt dat het vervaardigen van de pop van de blauwe olifant onmogelijk was omdat Franquin in het ontwerp geen rekening had gehouden met de stabiliteit van het popje. De kop van de olifant (een prachtig ontwerp!) was te zwaar om het dier op zijn poten recht te houden. Het viel gewoon naar voor op zijn snuit/slurf."

Ook van Vlinder en Spek uit de reeks Guus Slim van Maurice Tillieux, Bollie en Billie door Jean Roba, Spaghetti en Prosciutto uit de reeks Spaghetti van Dino Attanasio en ontdekkingsreiziger Max van Guy Bara worden dergelijke ontwerpen geveild. De ontwerpen van alle betrokken tekenaars zie je hieronder.
Je kan alle afbeeldingen groter bekijken als je erop klikt.

Latex
Latex
Latex
Latex
Latex
Latex


Jan Bosschaert en Saint-Amour
03/05
TOP
Saint-Amour
Saint-Amour
Saint-Amour
In 1991, 1992 en 1994 tekende Jan Bosschaert drie affichebeelden voor het literaire programma Saint-Amour van vzw Behoud de Begeerte. Ze sierden toen ook telkens covers van het weekblad Humo. Voor een Krasse Knarren-bijlage in Humo nummer 4150 van 17 maart 2020 schilderde Jan een parodie op zijn eerste affiche met zichzelf in plaats van het naakte engeltje. Hieronder vind je een making-off van dat schilderij. Jan was jarenlang een medewerker van Humo en werkte vaak in nauw contact met toenmalig hoofredacteur Guy Mortier om in tijden zonder Photoshop foto's te bewerken door er iets extra bij te schilderen. In 1984 verscheen in Humo ook Pest in 't Paleis, een politiek-satitische stripverhaal op scenario van Guido Van Meir. Het betekende zijn doorbraak op stripgebied.

Saint-Amour
Saint-Amour
Saint-Amour
Saint-Amour


Ongebruikte cover voor Baard en Kale 24
25/04
TOP
Baard en Kale
In 1976 verscheen het album Baard en Kale 24: Avontuur in Burma bij Dupuis. Het was een van de laatste Baard en Kale-verhalen die Maurice Tillieux voor Will schreef. Voor deel 26, De Laatste Stunt, mocht Tillieux's opvolger Stephen Desberg al proefdraaien naast Tillieux voordat hij de reeks vanaf deel 27 volledig overnam als scenarist.

Nu goed, voor Avontuur in Burma heeft Will nog een andere cover getekend die uiteindelijk niet werd gebruikt. Het origineel daarvan vind je hierboven. De werkelijke cover zie je hiernaast. Daarop zijn Baard en Kale prominenter te zien, wat de keuze voor de coverillustratie kan verklaren.


John Lennon en Keep on Truckin'
11/04
TOP
Keep on Truckin'
John LennonHiernaast zie je een foto met John Lennon in 1971 in Cannes die de silly walk van Robert Crumbs Keep on Truckin' nadoet. De gag waarin deze prent voorkomt, verscheen in 1968 in het undergroundblad Zap Comix en het werd een hit.

De pagina eigenlijk een verstripping van de song Truckin' My Blues Away van Blind Boy Fuller uit 1936. Het vrolijke beeld en vooral de slogan werden gigantisch populair in de hippieperiode — dik tegen de zin van Crumb, die geen hippiefan was — en het werd talloze keren gereproduceerd op T-shirts, posters en andere merchandising, allemaal zonder toestemming van Crumb. Crumbs advocaten hadden er dan ook een hele kluif aan om de vele copyrightinbreuken te bestrijden, van de vroege jaren 1970 tot nog in 2005 toen Amazon voor de rechter werd gesleept. Een van de vonnissen leidde naar een status van het beeld als publiek domein. Een later vonnis maakte er weer copyrightmateriaal van, wat het nu nog steeds is.

Toyota bood Crumb ooit 100.000 dollar aan om het beeld te mogen gebruiken in een reclamecampagne, maar hij weigerde het voorstel. Naar eigen zeggen maakte hij Toyota eerst een heleboel andere voorstellen met de bedoeling hen te jennen: "Wat dacht je van een meisje wier hoofd is afgehakt en in de kofferbak van een Toyota is gepropt?" Toen Toyota dat idee afketste, was het helemaal over met hun wens om Crumb voor hun, heu, truck te spannen.

In 2017 gaf gitarist Bob Weir in een interview toe dat het lied Truckin' (1970) van Grateful Dead eveneens was geïnspireerd op Crumbs werk. Space Truckin' (1972) van Deep Purple is ook op deze gag geïnspireerd.


Blote Natasja in De Rotsenzee
28/03
TOP
Natasja
In 2001 "vergat" François Walthéry eventjes om Natasja's kleren te tekenen in het verhaal De Rotsenzee. Bij het inkten maakte hij die vergissing weer goed. Hierboven zie je een fragment van de bewuste scène.


Klare Lijn-iconen verzameld op affiche van Zwitserse tekenaar Exem
14/03
TOP
Exem
In 2013 en 2014 liep er in het Zwitserse Bazel een expo over de Klare Lijn waarvoor de Zwitserse tekenaar Exem (Emmanuel Excoffier) bovenstaande affiche tekende. Sinds 1985 publiceerde hij met Zinzin en Lanceval een dozijn parodieën op Kuifje en Blake en Mortimer. Hij tekent vooral affiches (meer dan driehonderd intussen) in de Klare Lijn en is galeriehouder

Op de affiche herken je vast wel heel wat stripfiguren in de stoet die Hergé en Edgar P. Jacobs openen. Voor hen lopen Bécassine en Jiggs uit de Amerikaanse krantenstrip Bringing Up Father. Jopo de Pojo van Joost Swarte (links) en Kwik en Flupke (rechts) kijken op de zijkanten toe. En achter hen lopen onder meer Kees en Klaas (Zig et Puce in het Frans, met hun pinguïn ook op de affiche), Perry Winkle (een voorloper van Sjors uit Sjors & Sjimmie), Lambik, Dick Herrison, Alex, Meneer Mus van Bob De Moor, Kuifje, professor Mortimer, Sjef van Oekel, Freddy Lombard, Jimmy Corrigan, Ray Banana van Ted Benoit, een figuurtje van Ever Meulen, de jongens uit Peter van Dongens one-shot Muizentheater, Lady Elza van Philippe Wurm en Jean Dufaux, agent 15 uit Kwik en Flupke, Franka, Felix van Maurice Tillieux, het hoofdpersonage uit Opium van Daniel Torres, Jules van Émile Bravo, Olrik, Jojo van Jijé, Helena van Danker-Jan Oreel. De vliegende eend is Gédéon, een personage van de Franse strippionier Benjamin Rabier. Achter de tekst linksboven zitten ook nog Willem Peper en Karel Makreel van Nederlander Henk 't Jong verstopt. Het beeld zonder tekst zie je hieronder. Exem is als stripverkoper te zien.

Exem