Bibliografie van Milan Hulsing
• De Avonturen van Lana Planck
• De Grote Man
• Stad van Klei
• Wat Fred niet Wist
DE AANSLAG 


Milan Hulsing + Harry Mulisch • Oog & Blik | De Bezige Bij
176 p. (HC)
Anders en beter!

Op een ijskoude avond in januari 1945 wordt vlak voor het huis van de twaalfjarige Anton Steenwijk een lokale collaborateur neergeschoten. Of correcter, de NSB'er wordt neergeschoten voor het huis van de buren en die slepen het lijk tot voor het huis van Anton. Ondanks verwoede pogingen van Antons oudere broer Peter om het lijk nog te verslepen, vallen de Duitse bezetters hun huis binnen en steken het in brand. De kleine Anton wordt opgepakt en in een lokale politiecel bij een gewonde vrouw gestopt. Zijn ouders, zijn broer Peter en nog andere buurtbewoners worden zonder pardon geëxecuteerd. Hoewel hij het ontkent, blijft Anton zijn hele leven op zoek naar de waarheid over de aanslag. Na een jarenlange zoektocht vindt hij uiteindelijk de schuldige van zijn vermoorde jeugd.

De Aanslag is een literair instituut. Van Harry Mulisch' oorlogsdrama werden meer dan 750.000 exemplaren verkocht. De toneelbewerking is een blijvend publiekssucces en de verfilming won zelfs de oscar voor de beste buitenlandse film. Dit kan alleen maar omdat het een ijzersterk verhaal is! Maar, net als zoveel andere slachtoffertjes, hebben we De Aanslag ooit op school moeten lezen. We vonden er toen bitter weinig aan. Ondanks het beresterke einde bleef ons vooral een immense drammerigheid en saaiheid bij. Alles werd lineair en kristalhelder verteld vanuit een vlakke hoofdfiguur. Terwijl de politieke wereld rond hem aan een duizelingwekkend vaart veranderde, bleef Antons blik steevast gericht naar het verleden. Mulisch legde dit thema er overal vingerdik op. Als de zoon van de vermoordde NSB'er Antons spiegel kapotgooide én zo duidelijk maakte dat je niet moet blijven kijken naar het verleden, verpinkte hij nauwelijks. Voorts bepaalde een dobbelsteen af en toe het lot van Anton Steenwijk en nam zijn leven toevallig een andere wending. Volgens onze herinneringen was dit zowat de meerwaarde van De Aanslag. Neen, ondanks de vurige overtuigingskracht van onze leraar Nederlands, werden we geen fan van het boek.

En nu is er de strip. Milan Hulsing liep als kleine jongen ooit achter Mulisch op een betoging tegen kernwapens en is nu de gelukkige om zich aan de stripbewerking te wagen. Al vanaf de eerste pagina wordt duidelijk dat hij er zijn persoonlijke roman van maakt. Hij gooit de klassieke thema's overboord. Weg dat navelstaren naar het verleden, weg dobbelstenen,... In ruil voor die literaire aanslag geeft de Amsterdammer ons heel veel terug. Hulsings De Aanslag is een spannende vertelling geworden, vol flashbacks en met focus op het Oedipusmotief van Anton voor de gevangene in de cel. Weg saaiheid, hoera spanning!

Als eerbetoon voor Mulisch' klare schrijfstijl, koos Hulsing voor een uitgepuurde, krasserige grafiek. De tekeningen zijn minimale lijntjes, flinterdunne contouren haast. Zij figureren op een krachtige aquarelinkleuring. Krachtige roodtinten — een weergave van Antons angst voor vuur? — kijkend naar de toekomst, en ijskoude blauwtinten voor de flashbacks. De negende kunstsnob in ons sist bewonderd Grote Voorbeelden als Gipi, Cyril Pedrosa, Guido van Driel, Hanco Kolk en vooral Pascal Rabaté. Maar helaas zal deze Aanslag voor het grote publiek ongetwijfeld elitair overkomen. Bovendien bevestigt de zware proloog deze 
acid reflux indruk. We raden je daarom aan om effe door te bijten. Al snel ontdek je de ware kracht van deze Hulsing! De Amsterdammer meandert lustig door het leven van Anton Steenwijk, maar vergeet uiteindelijk niet waardoor De Aanslag zo’n instant klassieker is geworden. De schuldvraag blijft centraal staan en ondanks alle schitterende tekeningen blijft de ontknoping van deze whodunit de hoofdreden waarom je dit een fantastisch boek vindt én beklijvender is dan pakweg Pedrosa's Portugal.


En zo had onze leraar Nederlands het toch bij het rechte eind. De Aanslag is inderdaad een literair monument! Milan Hulsing maakt er nu ook een stripmonument van. Niets te vroeg!

> DAVID STEENHUYSE — april 2015