Bibliografie van Reinhard Kleist
• Cash - I See a Darkness
• Castro
• The Secrets of Coney Island
Bibliografie van Isabel Kreitz
• De Meesterspion
Bibliografie van Uli Oesterle
• Hector Umbra - De Halfautomatische Waanzin
ELVIS - DE GETEKENDE BIOGRAFIE 


Titus Ackermann/Real Bouwman/Tim Dinter/Nic Klein/Reinhard Kleist/Isabel Kreitz/Michael Meier/Soren Mosdal/Uli Oesterle/Frank Schmolke/Thomas von Kummant • Silvester
128 p. (HC)
Gemis aan visie en muziek

Zelden weet een biografie in boek-, film- en dus ook in stripvorm alle facetten van een mensenleven te capteren. Gebonden aan lengtes en diktes van een uitgave is een fragmentarische weergave van de feiten de enige oplossing. Dat hoeft per definitie nog geen minderwaardig resultaat op te leveren. Een rode draad of reflecties uit het verleden in het heden kunnen voor originele invalshoeken zorgen. Dat bewees de Duitse tekenaar Reinhard Kleist al met het meesterlijke Cash - I See a Darkness dat een beeld (dus nog niet zozeer het beeld) van zanger Johnny Cash presenteerde.

Diezelfde Kleist zien we ook terug op de auteurslijst van dit album. Kleist en Titus Ackermann, uitgever van het Duitste stripmagazine Moga Mobo, nodigden negen auteurs uit om elk een kortverhaal te maken over Elvis Presley. Ze werden chronologisch volgens de gebeurtenis in Presley's leven opgenomen. Samen bieden ze wel een blik op het leven van Elvis, maar het is allemaal nogal vrijblijvend. Jawel, zijn jeugd, zijn legerdienst, zijn eerste successen, zijn huwelijk, zijn drugsgebruik, zijn comeback en nevenfiguren als Colonel Parker komen aan bod, maar het geheel mist samenhang en visie. De uiteenlopende tekenstijlen zijn op zijn best wisselvallig te noemen. Op zijn slechtst ook. Een constante zit 'm in de karikaturale bijdrages. Hoe karikaturaler van tekenstijl, hoe magerder het resultaat. Zo doet de Elvis in het kortverhaal De Memphis Maffia ons veeleer denken aan Eddy Wally dan aan Elvis. Het verbaast ons dan ook niet dat we van de meerderheid van de in dit album publicerende auteurs nog nooit hebben gehoord.

De verhalen van Kleist en zijn eenmalige collega's Nic Klein, Thomas von Kummant, Isabel Kreitz en Uli Oesterle (Hector Umbra) springen er als beste uit, Toch nog voldoende dus. De tekeningen zijn om van te genieten, hun verhalen zijn zeker lezenswaardig. Maar voor meer diepgang of achtergrondkennis over Presley zijn er talloze andere publicaties die je verder kunnen helpen. Of beter nog: leg een van zijn platen op want dat is misschien nog het grootste gemis bij dit album: muziek!

Nog dit, voor een album over The King of Rock 'n roll is het raadzaam om te weten hoe je rock-'n-roll in het Nederlands correct spelt. Het is niet de enige schrijffout in het amper twee kolommen tellende voorwoord. De rest van de teksten is dan weer wel oké.

> DAVID STEENHUYSE — mei 2010