SPOOKMATERIE 1
Alfa


St├ęphane Douay + Hugues Fl├ęchard • Dupuis (Impressie(s))
48 p. (HC)
Subtiele variaties van zwart
Naakt, ineengehurkt, hongerig en uitgedroogd staart hij naar de kapotte deur van het ruimteschip. Wat is er gebeurd? Waar is hij? Wie is hij? Langzaamaan veert hij recht en gaat op ontdekking uit in het reusachtige ruimteschip. Hij is er helemaal alleen. Alleen met zichzelf in de zwarte sombere duisternis. Alle machines zijn dood. Ja, zelfs de simpelste onderhoudstoestellen zijn oud schroot. Hij moet verder. Op zoek naar herinneringen, op zoek naar de zin van zijn bestaan. Waarom bleef net hij leven? Waarom herinnert hij zich alleen dwaze biologische weetjes? Waarom voelt elke bout van dit schip zo vertrouwd aan?... Tot hij op een van zijn zoektochten een kleurrijk fresco ontdekt. Net voor de robots stierven, besloten ze hun testament te schilderen in een gigantische plafondschildering. En de enige held in dat testament is hijzelf! Is hij een overlevende of een wezen gecreëerd door het ruimteschip? Is hij de Redder die het licht brengt?

Op het eerste gezicht is dit eerste deel geen strip waar je vrolijk van wordt. Hectoliters zwarte Chinese inkt zijn vakkundig op de pagina's opengesmeerd. Maar net zoals in Franquins Zwartkijken ontdek je ook hier na enkele pagina's de subtiele variaties van zwart. Koud zwart, donker zwart, bont zwart, Afrikaans zwart, middelzwart, pikzwart,... geven het album een peilloze grafische diepgang. En dan — boem pats paukenslag — stoot je op die fresco, een bestaand schilderij van de Bretoense inkleurster Irène Häfliger. In één klap word je gekatapulteerd in de Droomtijd van de aboriginals. En dan ontploft dit debuutverhaal pas echt. Doorheen de duizend filosofische vragen en fysieke oplossingen, ontdek je een waar messiasverhaal over vertwijfeling, bezieling en hoop! Het fantastische van deze strip is dat hij ondanks die typische jaren zeventig sf-thematiek enorm lichtvoetig en vlot leest. Nergens wordt het abstract maar toch wordt je denkwereld om de vier pagina's op zijn kop gezet. Dat maakt de strip enorm aangrijpend, maar ook nerveus en ietwat frustrerend. Grafisch is dit een verrassend knap album van de voormalige jongleur en radiomaker Stéphane Douay. Eenmaal je gewend bent aan die Gollem/Sméagol-The Lord of the Rings- karakterkop zwenk je zo mee met de tekeningen en geniet je van de gewaagde perspectieven, somptueuze technische details en die immer vragende ogen.

Spookmaterie is een pure newwavestrip. Net zoals Joy Division, de favoriete band van scenarist Fléchard, ligt de schoonheid van dit drieluik half verscholen onder een oppervlakkige zwartgalligheid. Pikdonker maar uiterst genietbaar, opzwepend en meeslepend. Je zou er zowaar vrolijk van worden!
> WOUTER PORTEMAN — februari 2007