Alle bijdragen van Jean-Louis Mourier aan de rubriek De Commentator bundelen we op deze pagina.

Klik verder naar de volgende onderwerpen:
03/09/2011 Jean-Louis Mourier legt aan de hand van vier platen uit Trollen van Troy 14 bepaalde werkwijzes uit. Bijvoorbeeld over het volledig werken op de computer, over Christophe Arlestons manier van scenarioschrijven, over zijn eigen analyses van de trollen, enzovoort.

 
03/09
 
 
Jean-Louis Mourier over Trollen van Troy 14
Onderstaande bijdrage van Jean-Pierre Fuéri verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 32 van december 2010.

 
COMMENTAAR BIJ PAGINA 29
Over de slimme werkwijze: "Tof (bijnaam voor Christophe Arleston, red.) discussiëren telkens over een thema dat hij vervolgens op zijn eentje uitwerkt. Daarna geeft hij me pakketjes van, eerder zeldzaam, zes of zeven platen, maar meestal twee of drie. Niet zozeer omdat hij lanterfant of te veel werk heeft. In feite wacht hij tot hij platen terugkrijgt van zijn tekenaars. Het helpt 'm om weer in zijn scenario te duiken. Slim, hè? Hij levert me scenario's die goed zijn opgedeeld, de uitleg voor de prenen links, de dialogen en de onomatopeeën rechts. Hij voegt er een kleine bladschikking aan toe waarmee ik kan doen wat ik wil. Hij is daar prima in onderlegd zodat ik er zelden iets aan verander."

Over computerwerk: "Ik doe tegenwoordig alles op de computer, met een touch screen. Ik begon ermee halverwege het album Trollenbloed. Tot dan scande ik al mijn met de hand getekende platen in en gaf op de computer de final touch. In Trollenbloed kwam een grote ruimte voor barstenvol personages met een overdaad aan verschillende perspectieven. Ik bezweek eronder en heb het digitaal opgelost. Ik was niet zeker of ik er veel tijd zou mee zou winnen, maar qua vlotheid was het perfect. Ik werk apart de decors uit, hetzelfde voor de personages, en ik voeg ze bij elkaar tot het me bevalt. Nu zijn mijn platen beter geconstrueerd, is mijn tekenstijl helderder en wint alles aan leesbaaheid. In dit geval zijn de decors beperkt. Maar wel aanwezig. Het volstaat om de plaats van actie weer te geven."

Over het tellen van vliegen: "Waag het niet om de vliegen van de trollen te tellen! Het aantal komt nooit overeen. Bovendien zijn er die zich verborgen houden op het hoofd. We weten nooit het exacte aantal vliegen! Behalve voor de kinderen die er slechts twee hebben."


 
COMMENTAAR BIJ PAGINA 30
Over decors: "Ook hier werk ik in het begin en het einde de decors uit. We zien de groep in het woud en op het einde is er een panoramisch zicht op het dorp waar ze naartoe trekken. Op slag kan ik me er makkelijker vanaf maken in de andere prenten. Des te beter want een grap is sterker met personages ten voeten uit die niet verdrongen worden door een gedetailleerd decor datde aandacht afleidt. Ik teken de prenten volledig zonder het wit van de tekstballonnen, ook al voorzie ik de plaatsing ervan. De persoon die ze erin monteert, heeft daardoor nog wat verschuifmogelijkheden."

Over theatraliteit: "Wat is er kenschetsend voor een trol? Tanden en een pels! Het is veel makkelijker om de gevoelens van een trol weer te geven dan van een mens. Hun grote bek helpt hierbij. Ze sperren hun ogen verder uit en tillen hun wenkbrauwen hoger op dan mensen. We kunnen hun houding overdrijven wat hen een theatraal kantje geeft en daar houd ik wel van. Idioten tekenen is een waar genot. Ik heb het graag als ze zichzelf te buiten gaan, wat een muilen trekken ze dan! Ik teken alles met pelzier. In fantasystrips kan je oneindig improviseren, je kan je eigen architectuur uitvinden, je eigen planten, bomen, dieren."

Over klotebladschikking: "De bladschikking is een wafelstructuur. Naar mijn mening is alles wat ingewikkelder is ook klote om te lezen. De gesofistikeerdheid van een bladschiking in sommige manga's en comics maakt hen quasi onleesbaar. Men weet niet waar te beginnen en waar te vervolgen. Dus, en dat hebben we gemeen met Albert Uderzo, leve het classicisme! Nu en dan, een keertje per album, bieden we een reuzedecor aan dat buiten de zetspiegel komt, maar niet meer dan dat."



 
COMMENTAAR BIJ PAGINA 31
Over leuke contrasten: "Ik speel met contrasten. Ten eerste het netjes opgeruimde bureau van de achtbare Fukkatoe en het vrolijke rommelkot dat het trollenhuis is. Tof doet de moeite niet om alles in detail uit te leggen, al komt er wel veel van hem. Ik moet er niet aan denken om tien dergelijke platen te tekenen, maar enkele prenten zoals deze zijn plezierig om te tekenen."

Over de regie van een scène: "We hebben hier een echte theatrale scène die erom vraagt nauwkeurig geregisseerd te worden. Tof houdt me bij het handje. Ziehier zijn beschrijvingen: Prent 5: Tetram komt geeuwend wakker. Beeld van nabij. Prent 6: Buitenbeeld van het huis, het balkon, de ladder. Prent 7: Waha op de voorgrond, onschuldig lachend, spelend met haar bot, aan de rand van het balkon dichtbij de ladder. Tetram in zijn hangmat op de achtergrond die naar haar kijkt, hongerig. Prent 8: Pwietepiet, lachend, maakt een brochette. Prent 9: Zelfde beeld als prent 7 met Waha op de voorgrond. Zonder in zijn hangmat te bewegen, grijpt Tetram naar Waha, maar in diezelfde seconde bukt ze voorover omdat ze haar bot laat vallen. Prent 10: Tetrams hand grijpt in de lucht en Waha valt in de diepte omdat ze te ver voorover bukte. "

Over valsspelen: "Ik moest erop letten dat de lengte van de arm aan de ene kant volstond en dat aan de andere kant de tafel goed geplaatst stond om alles te doen kloppen. Ik heb tot op de letter het scenario gevolgd. Het valt niet altijd mee om al zijn beschrijvingen te respecteren. Soms zet hij me voor het blok door een personage dat te ver verwijderd staat. Niet erg, van de ene op de andere pagina speel ik vals. Niemand die het ooit heeft opgemerkt of erover heeft geklaagd, zelfs niet door sommige professionele blunderzoekers! Dat blijft tussen Arleston en mij."



 
COMMENTAAR BIJ PAGINA 32
Over een gunstig karma: "De baby tuimelt naar beneden en ontsnapt aan een zekere dood. Waha heeft een gunstig karma! De laatste prenten tonen veel beweging. Ik streef ernaar om hyperexpressief te zijn in de beweging, net zoals in de emoties. Ik teken het lichaam zonder model of studiemateriaal. Ik vind statische scènes moelijker om te maken dan scènes met beweging. Het was lastiger om de niet-bewegende chef en zijn vriend te tekenen in de voorlaatste prent dan de jongeren die voetbal spelen! Oeps, er ontbreekt een arm aan een trol op de achtergrond. Ik corrigeer die op de computer in de postproductie."

Over de inkleuring: "Wanneer Claude Guth klaar is met de inkleuring, verzacht ik de lijnen op de achtergrond om de diepte te benadruken. Het vergemakkelijkt de lezing. Claude kleurt al zodanig lang onze strips in dat Tof niet meer dan enkele toelichtingen geeft in de trant van "het wordt dag" of "de nacht valt". Ik bemoei me er niet mee. Op de ingekleurde platen corrigeer ik zelden wat, op het kleur van een kledingstuk na bijvoorbeeld dat plots van kleur verandert tussen twee prenten."

Over jongetjes en ouders: "Voetbal spelen met een mensenhoofd levert ons geen problemen op. Niet meer dan het opvreten van mensen. Nooit een klacht ontvangen van gelijk welke organisatie! De vorm verguldt de bittere pil. Alles baadt in vreugde, het is onrealistisch! Het kan gelezen worden door jongetjes. En zonder dat ze er zich voor schamen lezen ook ouders Trollen van Troy! Tof reageert graag op getekende pagina's. Op het moment van de afwerking, verfijnt hij nog dialogen in fucntie van de tekeningen. Maar hij respecteert de grootte van de tekstballonnen. Er is geen sprake van dat die worden heraangebracht. We houden ons al bezig met de Trollen in 2011. In de loop van de albums laten we ballonnetjes op en we zien nog wel of ze neerkomen. Het idee dat aan de basis stond van de volgende Trollen is goed neergekomen!"