Toegevoegd op 25 februari:
Voorsmaakje Schaduwwerk II van Jorg de Vos

Toegevoegd op 19 februari:

François Boucq over Little Tulip

Toegevoegd op 14 februari:

Bruno Di Sano over Nora Stalle 1

Toegevoegd op 13 februari:

Ivan Adriaenssens over Caztar 1
 
De volgende auteurs leverden ook al bijdragen. Klik op hun naam om verder te gaan naar hun afzonderlijke pagina:
Ivan Adriaenssens
Pierre Alary
Sytse S. Algera
Mohamed Aouamri
Jean-Michel Arroyo

Virginie Augustin
Denis Bajram
Olivier Balez en Pierre Christin
Alessandro Barbucci
Antoine Aubin en Étienne Schréder
Balak
Batem en Colman
Philippe Berthet
Georges Bess
Lük Bey
Enki Bilal
Matthieu Bonhomme
Tom Bouden
François Bourgeon
Enrique Breccia en Xavier Dorison
Daniel Brecht
Ken Broeders
Frédéric Brrémaud
Brüno
Max Cabanes
Charel Cambré
Barbara Canepa
Didier Conrad en Jean-Yves Ferri
Luc Cromheecke
Robbert Damen
Sébastien Damour
Nicolas de Crécy
Erik de Graaf
Aimée de Jongh
Marc de Lobie
Bruno Di Sano
Adrien Floch
Christian Gine
Criva en Verhast
Eric Heuvel
Philippe Delaby
Jean-Yves Delitte
Thierry Démarez
Pieter De Poortere
Jorg de Vos
Lode Devroe
Geert De Weyer
Thomas Du Caju
Kim Duchateau
Ersel
Chris Evenhuis
Philippe Francq
Fred
Paul Gastine
Thierry Girod
Carlos Gomez en Arnaud Delalande
Mars Gremmen
Griffo
Juanjo Guarnido
Hardoc
Alain Henriet
Hermann
Hub
Miles Hyman
Jeroen Janssen
Philippe Jarbinet
Iouri Jigounov
Jim
Milan Jovanovic
André Juillard
Nicolas Keramidas
Patty Klein
Hanco Kolk
Jean-Charles Kraehn
Mathieu Lauffray
Christian Lax
Hec Leemans
Marc Legendre
Jérôme Lereculey en David Chauvel
Simon Léturgie
Éric Liberge
Ingrid Liman
Willy Linthout
Régis Loisel en Jean-Louis Tripp
Stéphane Louis
Love
Vincent Mallié
Wauter Mannaert
Frank Margerin
Enrico Marini
Marmus
Marvano
Fabrice Meddour
Merho
Ralph Meyer
Mezzo
Gilles Mezzomo
Guy Michel en Arnaud Delalande
François Miville-Deschênes
Arno Monin
Thimothée Montaigne
Romano Molenaar en Jorg de Vos
Jean-Louis Mourier
José-Luis Munuera
Viviane Nicaise
Peter Nuyten
Tiburce Oger
Minck Oosterveer
Danker Jan Oreel
Cyril Pedrosa
Patrice Pellerin
Claude Pelet
Philippe Pellet
Jérémy Petiqueux
Federico Pietrobon
Didier Poli en Robin Recht
Jean-Michel Ponzio
Bart Proost
Mike Ratera
Riff Reb's
Reno
Grzegorz Rosinski
Christian Rossi
Marcel Rouffa
Corentin Rouge
Kenny Rubenis
Marcel Ruijters
Paul Salomone
François Schuiten
Olivier Schwartz
Benoît Sokal
Kristof Spaey
Benoît Springer
Naomi J. Strijdonk
Olivier TaDuc
Jacques Tardi
Paul Teng
Béatrice Tillier
Lewis Trondheim
Albert Uderzo
Gerben Valkema
Steve Van Bael
Rob van Barneveld
Rob van Bavel
Robert van der Kroft
Sylvain Vallée en Fabien Nury
Daniel van den Broek en Ivan Claeys
Michiel van de Vijver
Maarten Vande Wiele
Wilbert van der Steen
Hans van Oudenaarden
Jos Vanspauwen
Olivier Vatine
Vincent
Bastien Vivès
XIII Mystery
Bernard Yslaire
Zep
open brieven
 
Voorsmaakje Schaduwwerk II
van Jorg de Vos
25/02
TOP
"Drie jaar na het indrukwekkende artbook Schaduwwerk verschijnt in maart 2015 een nieuw boek van Jorg de Vos, Schaduwwerk II. Opnieuw laat Jorg de Vos zien over wat voor bijzonder talent hij beschikt.

Schaduwwerk II geeft een overzicht van de projecten waar hij bij betrokken is, zoals de spin-off Renter van de succesvolle reeks Storm. Het universum waarin de characters van Jorg rondzwerven wordt steeds concreter en de onderlinge relaties steeds duidelijker. Captain Hungry, Pom Pomdidou en Obitoyung komen weer voorbij, maar ook veel nieuwe creaties die tot ieders verbeelding spreken."

Een voorsmaakje uit dit artbook vind je hieronder als een animatie waarvoor Jorg alle tussenstappen exclusief voor De Stripspeciaalzaak bewaarde om alle facetten van potloodtekening met eerste aanzet in kleur tot geschilderd eindresultaat te kunnen tonen.

De oplage van Schaduwwerk II bedraagt vijfhonderd genummerde en gesigneerde exemplaren, telt tachtig pagina's en verschijnt in hardcover bij Don Lawrence Collection.



François Boucq over Little Tulip
19/02
TOP
Onderstaande bijdrage van Sonia Déchamps verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 75 van november 2014.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 42
Over de VS: "Mijn personage moest een robotportrettekenaar worden voor de politie in een land waar ze die nodig hebben. In de Verenigde Staten dus. Bovendien is het het land van Jerome (Charyn, de scenarist van Luttle Tulip, red.). En tussen de wreedheid in de goelag en wat er in sommige wijken in New York heerst, is er geen verschil."

Jerome Charyn over scenario-aanpassingen: "Mijn eerste script begon met een kleine jongen in Moskou die in het kamp terechtkwam en daarna emigreerde naar New York. François wilde in het heden beginnen. Ik herbegon het scenario met een personage dat robotportretten tekent voor de politie en wiens verleden we daarna pas te weten komenj. Het verhaal moest ingekort worden. Jammer, want er waren nog heel wat zaken te vertellen over de kampen."

Over heden en verleden: "Ik speel met de tijd. Het personage gooit zijn tekeningen weg in het heden en er worden er opgeraapt in het verleden. Elders valt hij van een dak in New York, wordt in een ambulance vervoerd, raakt in coma en ontwaakt... in het verleden. Je weet niet meer of je in het heden of verleden bent. Niet erg, het verhaal wordt naast het verstrijken van de tijd verteld."

Over het kind in de volwassene en vice versa: "Een volwassen personage en zijn kinderversie tekenen, vergt coherentie. Zijn kindertijd moet al inleiden hoe hij er als volwassene uitziet. En als volwassene moet je het kind aanvoelen dat hij ooit was. De ogen van het kind moeten uitdrukken dat hij overleeft in een volslagen vijandig milieu, zonder affectie."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 43
Over perceptie en intentie: "Er zijn verschillende fases om te leren tekenen. Een ervan is de wetenschappelijke perceptie: alle vormen rond je heen leren kennen om te weten hoe je ze weergeeft. Vervolgens moet je een intuïtie over structuren ontwikkelen. Zonder de intentie — heel belangrijk — te vergeten. Een intentie die goed in het hoofd zit, leidt naar een betere tekening. Ik sta soms versteld van vormen waarvan ik dacht ze niet getekend te hebben, maar die lezers net wel ervaren. De tekening gaf die intentie weer zonder dat ik mij daarvan bewust was."

Over het leven: "Een van de fundamentele principes van het stripverhaal is het leven. Lijnen naast elkaar moeten de illusie van leven geven. Personages van Franquin, Giraud en Uderzo komen voor je ogen tot leven. Dat is geen klein bier. Je moet je tekenstijl openstellen voor het leven. Als er geen leven in zit, maak je gebruik van informatie, wat geen kennis is. De twee door elkaar halen, is het drama van ons tijdperk. Echte kennis verloopt van mens tot mens. Door de trillingen van het leven."

Over zekerheid: "Je hebt altijd de indruk dat de diepte van al wat je verbeeldt niet terug te vinden is in waar je in slaagt om te tekenen. Als je nochtans minder goed tekent dan gewoonlijk, moet je proberen een absoluut vertrouwen in jezelf te behouden. En zeker zijn over je gebreken."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 44
Over de sprookjessfeer: "Ik doe de inkleuring voornamelijk met Alexandre, mijn peetzoon, door hem genoeg vrij te laten. Wanneer hij er klaar mee is, verbeter ik op het scherm. Omdat ik een heel precies idee heb, gebeurt het dat ik de sfeer volledig omgooi. Hier wilde ik de sfeer van een sprookjesverhaal behouden, want dat is het, zelfs al is het een wreed sprookje. Pavel komt voor een koning te staan, een koning van de onderwereld. Kiril de Walvis is een koninklijk personage. De Graaf ook. Je moet die personen in hun domein tonen, een cocon die moet contrasteren met de kou en de hardvochtigheid van de stapelbedden voor de gevangenen."

Over de tatoeages: "Voor de tatoeages nam ik een violetkleurige inkt omdat het goed overkomt. Zij gebruikten over het algemeen vloeistoffen die ze fuel noemden: kolengruis, mengsels... Ook inkt als ze er vonden op de zwarte markt. Je kan tatoeëren met as die is vermengd met water. Het wordt een vloeiende substantie die de intensiteit van het zwart behoudt en die in de huid wordt ingebracht. Daar moesten wel ziektes van komen!"

Jerome Charyn over toevoegingen: "François voegde er veel aan toe. Dat is zijn manier van werken: ik lever hem een een scenario waar hij aan toevoegt wat hij wil. Van onze drie samenwerkingen, Duivelsmond, De Vrouw van de Tovenaar en Little Tulip is deze laatste het engste en het schrijnendste... en ook het krachtigste. Als ik schrijf, zie ik altijd beelden voor me, maar het resultaat is nooit wat ik verwachtte. Maar altijd fantastisch."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 45
Over dominante mannetjes: "Bigard vertelde dat hij ergens las dat als je twee dominante apen in een kooi zet, een kleine en een dikke, geen van de twee het van de ander wil overnemen. Ze erkennen elkaar als dominante mannetjes. Er komt een notie van macht bij elkaar die niets met grootte te maken heeft. Kiril — die je op de vorige pagina zag — en de Graaf zijn op hun beurt ook twee dominante mannetjes met elk hun territorium, ook al ziet de tweede er dominanter uit dan de eerste. Ze proberen elkaar te respecteren want ze weten dat ze allebei dezelfde graad van dominatie bezitten. Ze houden hun trawanten op een afstand van elkaar. Geen van de twee toont zich een grotere baas dan de ander."

Over de Graaf (van Monte-Cristo): "Gaandeweg het tekenen verdiep ik me meer en meer in de personages, de sfeer... Jerome noemde dit personage de Graaf. Ik vond daarom dat hij zich misschien voor de Graaf van Monte-Cristo hield. Hij vraagt aan de held om een bijzondere tatoeage te tekenen, alsof hij via die tatoo kan ontsnappen en de schat van Monte-Cristo kan vinden. Sommige zaken komen zo ter sprake en de tekenaar, die in de ban is van het verhaal, komt uiteindelijk op andere aspecten die er in het begin niet waren."

Over uiterlijke diepgang: "De Graaf wil Pavel voor zichzelf. De koningen discussiëren, over hun bendes, over het gezag van de goelag, maar ook over de tatoeëerders die een echte rijkdom betekenen. Deze laatsten slagen erin om op de lichamen zaken weer te geven die de personen diep van binnen met zich meedragen. Dit is geen triviale scène."


Bruno Di Sano over Nora Stalle 1
14/02
TOP
Onderstaande bijdrage van Sophie Bogrow verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 70 van mei 2014.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 10
Bruno Di Sano over luchtvaartmeetings: "Vandaag is men het vergeten, maar in de jaren 1930 gingen hele gezinnen net zo goed naar luchtvaartmeetings als naar de film. Tijdens deze druk bijgewoonde manifestaties maakten vliegtuigen kunstvluchten, braken hier en daar records en eindigde het feest me teen kermis vol ambiance."

Bruno Di Sano over de Simoun: "Het vliegtuig van onze heldin is een Caudron Rafale. De Simoun die aan de raid moet deelnemen staat op de achtergrond. Op kleinigheden na is het dezelfde als van Saint-Exupéry voor de route Parijs-Saigon waarmee hij in de woestijn in panne viel. Uit die ervaring kwam De Kleine Prins tot stand. In zo'n vliegtuig kwam ook Hélène Boucher om, de pilote die inspiratie bood voor onze heldin."

Bruno Di Sano over de zesde samenwerking met François Walthéry: "De uitgevers van Paquet (de Zwitserse uitgeverij die Nora Stalle in het Frans uitgeeft, red.) wilden ten zeerste Walthéry aan boord voor dit verhaal, ze zochten een Natasja bis... Wetend dat François de tijd niet zou hebben om om alles te doen en dat we de gewoonte hebben om samen te werken (het is ons zesde gemeenschappelijk album), aanvaardden ze ons als duo. En ik zorgde ervoor dat de tekenstijl een beetje meer op die van Walthéry leek dan toen we Rubine maakten. Maar ik weet niet of we een hele serie op die manier kunnen maken."

Bruno Di Sano over Dora: "Oorspronkelijk had Étienne Borgers de heldin Dora genoemd. Niet veel later realiseerden we dat Dora l'Aviatrice te veel klonk als Dora l'Exploratrice (Dora the Explorer, red.)! Om de lettering niet volledig opnieuw te moeten doen, kozen we voor het meest verwant klinkende, Nora."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 11
Bruno Di Sano over vrijheden: "Op basis van het heel literaire — maar heel precieze — scenario van Borgers stelde François een summiere bladschikking op. Ik hertekende het storyboard in potlood op de pagina's, priegelde aan de details en de houdingen en ik gaf ze hem terug. Na zijn laatste correcties inktte ik alles. Als hij minder beschikbaar was, in beslag genomen door Natasja, redde ik me op mijn eentje voor de bladschikking. Het ging om tien tot vijftien pagina's voor dit album. Ik maakte van de gelegenheid gebruik om me vrijheden te permitteren, de schikking van de prenten te moderniseren, sterk klassiek met kleinere prenten erin of met overlappende prenten, open kaders,...."

Bruno Di Sano over controle: "Bij Paquet houden ze van een grapje, maar niet wat de luchtvaart betreft. De pagina's zijn overhandigd aan Romain Hugault die als luchtvaartexpert die een vleugel of een traject verbeterde. Voor de schroef en de looping in de prenten 2 en 3 liet hij me de bewegingslijnen verscherpen. Blijkbaar kan een vliegtuig sommige zaken niet! Na de inkleuring moeten de pagina's getoond worden aan de artistiek directeur die alles nagaat op eventuele technische moeilijkheden. Ik verwachtte me niet aan zo'n heen en weer gedoe. Voor deel 2 groepeer ik de pagina's om minder tijd te verliezen!"

Bruno Di Sano over documentatie: "Het was de eerste keer dat ik de lat zo hoog legde voor het gebruik van historische en technische documentatie. Ik kreeg alle benodigdheden van Borgers, deed mijn eigen opzoekingen, kende een site die gewijd is aan de Simoun door een clubje gepassioneerden, en had enkele films uit die tijd ter beschikking met gevechten. Gelukkig vermijdt het internet dat we tegenwoordig alle bibliotheken van het koninkrijk moeten aflopen."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 12
François Walthéry over inktverschillen: "In het begin rommelden we nog wat zonder goed te weten waarheen we hingen. Voor Nora bijvoorbeeld maakten we heel wat voorstudies die we uitwisselden. Op vraag van Bruno heb ik enkele potloodtekeningen in inkt uitgewerkt als voorbeeld. Ik weet niet waarom, eerlijk gezegd zie je het verschil niet tussen de zijne en de mijne."

Bruno Di Sano over het laatste woord: "François had het laatste woord over Natasja — pardon, Nora — en ik bekommerde me om Theo (we gingen akkoord om er een mix van te maken tussen Jean Gabin en Jean-Paul Belmondo) en de nevenpersonages. Ik ben ook verantwoordelijk voor de kostuums. Voor de mode moet je het doel goed voor ogen hebben: de pakweg tien films die ik met Gabin zag, stonden me toe om de garderobe aan te passen. De pet, typisch uit die tijd, de uitrusting van de piloten, die niet te veel verandert, zonder de nazi-uniformen te vergeten."

Bruno Di Sano over de goede zeden: "Ik weet niet of het vervolg van het scenario inhoudt of Nora valt voor de charmes van haar mecanicien, maar François waakt in elk geval over de goede zeden in het album. Een beetje verder, terwijl de twee onder hetzelfde dak sliepen, hoewel aangeschoten, was hij onverbiddelijk: ik moest de goodies van de ene onder een deken en de naaktheid van de ander (op de bank) achter een kussen verbergen."

Bruno Di Sano over handgebaren: "Een van de geliefkoosde tussenkomsten van François bestond erin om meer handgebaren toe te voegen. Hij zei terecht dat een handbeweging, het opsteken van een sigaret bijvoorbeeld, een beeld verlevendigt. Daarom hield ik er niet mee op om overal handen te tekenen!"


COMMENTAAR BIJ PAGINA 13
Bruno Di Sano over de soundtrack: "Bij zijn heel gedetailleerde beschrijvingen voegde Étienne Borgers een passende soundtrack toe. Hier klinkt er uit de luidsprekers een lied van Damia uit 1934. Voor de jongeren geef ik mee dat Damia de onbetwistbare vedette was van de realistische-dramatische zangeressen."

Bruno Di Sano over Wakthéry de jazzfan: "Étienne Borgers voorzag nogal wat jazz, speciaal voor François die er een grote fan van is. Vandaar de cameo van Django Reinhardt en andere elementen die rechtstreeks uit zijn persoonlijke collectie komen."

Bruno Di Sano over het vervolg: "Er is voorlopig geen vervolg voorzien na het tweede album. Tenminste tot de scenarist er ideeën voor heeft. François zei me dat ze het er al een beetje over hadden. De jaren 1930 waren een nogal sombere periode, maar die op scenariogebied ontelbare mogelijkheden bieden: de Duitse dreiging, de Spaanse burgeroorlog, het rechts-extremisme, het koloniale rijk, enzovoort. Daarom koos ik ook nadrukkelijk voor deze periode."

Bruno Di Sano over het einde: "Maar zo ver zijn we nog niet. Momenteel weet ik zelfs nog niet of ze erin slagen Shanghai te bereiken op het einde van deel 2. Of indien ze eventueel verder vliegen, misschien naar Amerika.? We kunnen het maar dromen..."


Ivan Adriaenssens over Caztar 1
13/02
TOP
Lendendoek en knalpot
"Laat ik meteen duidelijk zijn: Caztar is géén autobiografische strip. Noch tekenaar Luc Poets (Poetzarelli), noch ikzelf hebben ooit de Derde Wereldoorlog veroorzaakt met een vliegenmepper. En we paraderen ook niet met een lendendoek rond ons middel en een roestige knalpot op onze schouder. Althans niet in het openbaar. Nee, Caztar is een puur verzinsel van Luc Poets.

Caztar. De post-apocalyptische holbewoner. Altijd op zoek naar voedsel. Altijd stuitend op iets waarvan hij de functie of de context is vergeten. Zijn metgezel is een gemuteerde bulldog die je Bernie mag noemen, omdat hij vóór de Tweede Big Bang (de atoomoorlog dus) Sint-Bernardhondsgewijs met een tonnetje whiskey rond z'n nek liep.


De wereld ligt er verwoest bij, met links en rechts nog gebouwen en objecten die herinneren aan het interbellum tussen WO2 en WO3.  Slechts een handjevol overlevers schuimt de aarde af, op zoek naar voedsel en overleving. Maar wij focussen op het doen en laten van Caztar. Kortom: het concept voor een gagreeks waar we alle kanten mee uit kunnen.

Na een twintigtal grappen, geschreven door Ivan Claeys, was de tekenstijl van Poetzarelli gerodeerd en op punt gezet. Caztar is getekend in de dikke neuzenstijl, en zijn kokkerd mag dan ook gezien worden.



Onze kennismakingsgag was die met King Kong. De woorden King! Kong! moeten dan ook meer als onomatopee gezien worden dan als dialoog, want de opzet was van meet af aan: geen dialogen.

De samenwerking gaf een 'klik' en we waren vertrokken. Puur op motivatie, inspiratie en sterke koffie kwamen er een twintigtal nieuwe gags tot stand. Meestal éénpagina, soms twee pagina's, soms zelfs drie pagina's. Gewoon net zoveel als de gag vraagt.



Caztar
is mijn eenenvijftigste album, en net zoveel albums heb ik als scenarist helemaal uitgeschetst. Zo schrijf ik het best. Het ene geschetste prentje geeft inspiratie voor het volgende. En ik merk dat mijn collega-tekenaars het wel fijn vinden om zulke uitgewerkte scenario-pagina's binnen te krijgen terwijl ik hen absoluut vrij laat om dingen aan te passen naar eigen dunken.

Het leek me een leuk idee om het nakende album te beginnen met het 'hoe-is-het-allemaal-begonnen' verhaal. Wie heeft die atoomoorlog veroorzaakt? Caztar zelf natuurlijk!



De beoogde acht bladzijden voor het introverhaal werden er negentien, en meteen word je als lezer in het Caztar-universum geslingerd, samen met het onfortuinlijke hoofdpersonage en zijn gemuteerd huisdier.

Hola, die eerste pagina's bevatten op het eerste zicht toch dialogen? Gun het even een tweede zicht, en bemerk dat de tekst internationaal is. Een soort absurd esperanto, met genoeg Vlaams ertussen. Er is zóveel communicatie dat het gebabbel niet ophoudt, en dus zitten de tekstballonnetjes tjokvol. Met een taaltje dat één grote mengelmoes is. Lees het aandachtig en je merkt echte communicatie en betekenis in het gebrabbel. In de schuilkelder komen steeds dezelfde verhalen naar boven en het babbelen vergaat de overlevers stilaan. De goeie verstaanders hebben maar een half woord nodig, en finaal spreken ze in een minimale codetaal, die we pictogrammen zouden kunnen noemen. En daar pikten we de draad op met de reeds gemaakte gags. Het album had een begin, een midden en een einde.



Strip2000 nodigde ons uit om in hun mooi uitgegeven fonds plaats te nemen, wat we met plezier deden en waar we ons prima thuisvoelen. Enkele maanden later (28 januari) hadden we dan het resultaat in handen. Een volrode cover, lekker dik papier en krachtig gedrukte kleuren.  Jammer genoeg kenden Luc en ik de grappen al toen we het album voor de eerste keer doornamen (je zal het altijd zien), maar we hopen dat jij, lezer, gag per gag en lach per lach verrast wordt. Als dat het geval is, beloven we volgend jaar weer een album. De eerste gags (zelfs één van zeven pagina's) zijn intussen al klaar.

Caztar komt naar je toe deze zomer. Doe hem onze groeten."



TOEKOMST
Te Verschijnen
Op Stapel
Compleet