Daedalus Don Lawrence Collection Saga Uitgaven  
 
De Commentator

Toegevoegd op 21 mei:
Colin Wilson over Wonderball 1

Toegevoegd op 29 april:

Patrice Pellerin over De Havik 9

Toegevoegd op 21 april:

Kristof Berte: "Mijn stripjaar" (11)

Toegevoegd op 12 april:

Brüno over Tyler Cro
ss 2
De volgende auteurs leverden ook al bijdragen. Klik op hun naam om verder te gaan naar hun afzonderlijke pagina:
Ivan Adriaenssens
Pierre Alary
Sytse S. Algera
Alex Alice
Mohamed Aouamri
Dimitri Armand
Jean-Michel Arroyo

Laurent Astier
Virginie Augustin
Philippe Aymond
Denis Bajram
Olivier Balez en Pierre Christin
Alessandro Barbucci
Antoine Aubin en Étienne Schréder
Balak
Batem en Colman
Kristof Berte
Philippe Berthet
Georges Bess
Lük Bey
Enki Bilal
Matthieu Bonhomme
François Boucq
Tom Bouden
François Bourgeon
Enrique Breccia en Xavier Dorison
Daniel Brecht
Ken Broeders
Frédéric Brrémaud
Brüno
Max Cabanes
Charel Cambré
Barbara Canepa
Paul Cauuet
Jean-Christophe Chauzy
Didier Conrad en Jean-Yves Ferri
Luc Cromheecke
Criva en Verhast
Robbert Damen
Sébastien Damour
Nicolas de Crécy
Erik de Graaf
Aimée de Jongh
Philippe Delaby
Marissa Delbressine
Jean-Yves Delitte
Marc de Lobie
Thierry Démarez
Philippe Delzenne
Pieter De Poortere
François Dermaut
Maarten De Saeger
Jorg de Vos
Lode Devroe
Geert De Weyer
Bruno Di Sano
Terry Dodson
Thomas Du Caju
Kim Duchateau
Ersel
Chris Evenhuis
Adrien Floch
Philippe Francq
Fred
Paul Gastine
Philippe Gauckler
Bruno Gazzotti
Christian Gine
Thierry Girod
Carlos Gomez en Arnaud Delalande
Eugeen Goossens
Mars Gremmen
Olivier Grenson
Griffo
Juanjo Guarnido
Richard Guérineau
Hardoc
Alain Henriet
Hermann
Eric Heuvel
Hub
Romain Hugault
Miles Hyman
Zoran Janjetov
Jeroen Janssen
Philippe Jarbinet
Iouri Jigounov
Jim
Milan Jovanovic
André Juillard
Nicolas Keramidas
Kerascoët
Patty Klein
Hanco Kolk
Jean-Charles Kraehn
José Ladrönn
Juan Louis Landa en Sandro Raule
Mathieu Lauffray
Christian Lax
Hec Leemans
Marc Legendre
Jérôme Lereculey en David Chauvel
Simon Léturgie
Éric Liberge
Ingrid Liman
Willy Linthout
Régis Loisel en Jean-Louis Tripp
Stéphane Louis
Love
Vincent Mallié
Milo Manara
Wauter Mannaert
Fabio Mantovani en Philippe Nihoul
Frank Margerin
Enrico Marini
Marmus
Marvano
Scott McCloud
Fabrice Meddour
Merho
Ralph Meyer
Mezzo
Gilles Mezzomo
Guy Michel en Arnaud Delalande
François Miville-Deschênes
Arno Monin
Thimothée Montaigne
Romano Molenaar en Jorg de Vos
Jean-Louis Mourier
José-Luis Munuera
Federico Nardo en Pierre Makyo
Viviane Nicaise
Peter Nuyten
Tiburce Oger
Minck Oosterveer
Danker Jan Oreel
Joël Parnotte
Cyril Pedrosa
Patrice Pellerin
Claude Pelet
Rubén Pellejero
Philippe Pellet
Jérémy Petiqueux
Federico Pietrobon
Didier Poli en Robin Recht
Jean-Michel Ponzio
Francis Porcel
Bart Proost
Mike Ratera
Riff Reb's
Reno
Mathieu Reynès
Roberto Ricci
Grzegorz Rosinski
Christian Rossi
Marcel Rouffa
Corentin Rouge
Kenny Rubenis
Marcel Ruijters
Paul Salomone
Riad Sattouf
François Schuiten
Olivier Schwartz
Stéphane Servain
Benoît Sokal
Kristof Spaey
Benoît Springer
Naomi J. Strijdonk
Roman Surzhenko
Yves Swolfs
Olivier TaDuc
Jirô Taniguchi
Jacques Tardi
Paul Teng
Marlon Teunissen
Béatrice Tillier
Lewis Trondheim
Albert Uderzo
Gerben Valkema
Sylvain Vallée en Fabien Nury
Steve Van Bael
Rob van Barneveld
Rob van Bavel
Daniel van den Broek en Ivan Claeys
Robert van der Kroft
Wilbert van der Steen
Michiel van de Vijver
Maarten Vande Wiele
Jean Van Hamme
Hans van Oudenaarden
Jos Vanspauwen
Olivier Vatine
Dan Verlinden
Vincent
Bastien Vivès
Thomas von Kummant
XIII Mystery
Bernard Yslaire
Zep
open brieven
 
Colin Wilson over Wonderball 1
21/05
TOP
Wonderball 1
Onderstaande bijdrage van Sonia Déchamps verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 73 van augustus-september 2014.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 45
Wonderball 1
Over San Francisco: "Ik hou van deze pagina's. San Francisco biedt veel geschenken aan een tekenaar: de gebouwen, de heuvels, de wegen die naar beneden gaan,... Dit is Lombard Street, een heel beroemde straat. Ik heb met sommige details gespeeld. "

Over Wonderball: "Wat me beviel aan Wonderball is dat hij een rebel is, hij houdt niet van de hiërarchie bij de politie, noch van bevelen. Een antiheld die doet wat hij wil, ook al is hij een smeris. Dat is niet mijn favoriete beroep. Hij vervalt snel in geweld, maar het is gerechtvaardigd. Hij is een open boek van wie ik graag de pagina's omsla. Ik heb hem gebaseerd op Peter Weller (de acteur uit RoboCop), ook al lijkt hij er niet op. Enkele screenshots dienden als basis."

Over de mysterieuze Jager: "Onze vluchteling, de 'Jager', is een mysterie. Ik wilde dat hij relatief anoniem is. Ik ben begonnen met de haren van David Lynch..."

Over samenzweringstheorieën: "Ik ben gek op samenzweringstheorieën. Dat werkt bijna altijd in de Verenigde Staten. Ik herinner me nog heel goed de aanslag op Kennedy, ik was toen dertien jaar en woonde in Nieuw-Zeeland. Dat was schokkend. Daarna ontdekte ik dat de situatie veel complexer was dan wat de media toen vertelde. Er bestaat een uitdrukking in het Engels dat hoe meer je kijkt, hoe complexer zaken worden. Ik denk dat we de waarheid nooit zullen kennen. Het interesseert me om nieuwe theorieën te ontdekken terwijl die moordenaar een sleutelelement in onze eigen geschiedenisweergave is. Ik was een adolescent in die tijd en ik mis de geest van de jaren 1960, die een beetje speciaal voor me is. We hadden nog veel mogelijkheden. Dat is nu veel veranderd."



COMMENTAAR BIJ PAGINA 46
Wonderball 1
Over de moordenaar: "Van Ramon Paul, de huurmoordenaar van een belangrijke, geheime organisatie, een geslepen en complex personage maken. Met een dreigend uiterlijk, maar geen clichémoordenaar. Hij is zo ambitieus dat hij over een eigen team beschikt om het vuile werk op te knappen."

Over actiescènes: "Ik heb verschillende decoupages uitgeprobeerd voor de actiescènes. En ik heb een uiterlijk verband tussen de twee personages vastgelegd van bij het begin van de actie. Daarna verhoogt het tempo. In de vier kleinere prenten focus ik me op de details die beweging uitdrukken. Op eenzelfde manier als in Bullit (1968), met Steve McQueen, ging de aandacht naar veiligheidsriemen die gesloten werden, naar het draaien van wielen in de mate waarin de wagens rijden, het laden van wapens van de slechteriken,... Vervolgens heb ik gekozen voor een groot zicht op de lengte van Lombard Street."

Over filmtechniek: "Het is een oude filmtechniek in stripvorm. Een keer de locatie is getoond keren we terug naar de twee personages, wiens paden elkaar kruisen op het einde van de volgende pagina voor ze weer uit elkaar gaan in de laatste twee pagina's van de achtervolging met de motor en de Volkswagen."

Over de jaren 1960: "Ik heb San Fransisco maar één keer bezocht, vijf jaar geleden. Maar er zijn maar weinig zaken veranderd op de locaties waar ons verhaal zich afspeelt. De gebouwen zijn sinds de jaren 1960 min of meer hetzelfde gebleven. Ik heb integendeel geprobeerd om de wagens en de motors uit die tijd te gebruiken. Muziek helpt me ook om naar te verwijzen. Ik hou net veel van de muziek uit de jaren 1960."



COMMENTAAR BIJ PAGINA 47
Wonderball 1
Over motors: "Ik ben geen fan van Harley's, maar het is een mooi Amerikaans symbool. Ik zou 'm zelf niet kiezen om die straat op te rijden... Toen ik in Frankrijk woonde was mijn favoriete sport de motorcross."

Over karakter: "Ik ben actiescènes wel gewoon, voornamelijk voor mijn Amerikaans werk. Ik ben vertrouwd met de mechanische kant. Nu heb ik zin om verder te gaan met de personages. Ik begin te begrijpen dat dat er karakter nodig is om het verhaal te dienen."

Over comics versus strips: "Actie is het belangrijkste voor niet onaardig veel Amerikaanse stripseries. In Franse strips zijn deze scènes goed verdeeld over de rest van het verhaal. De actie dient het scenario. Er wordt van ritme gewisseld, er wordt teruggegrepen naar belangrijke dialogen. Er is een evenwicht. Daarom keer ik regelmatig terug om in Frankrijk te werken. In de Verenigde Staten komen de scenario's bij je toe, je stuurt je platen naar de uitgever en dat is het. In Frankrijk werken de scenaristen samen met jou. De kwaliteit van strips in Europa is honderd keer beter dan wat ik in Amerika zie."

Over Frankrijk: "Frankrijk is voor mij het centrum van de wereld. In de jaren 1960 ontdekte ik in Nieuw-Zeeland de Europese strip in twee speciale nummers van een magazine. Daarna stuitte ik op Arzach van Mœbius. Ik kwam in Frankrijk in de periode van Métal Hurlant. Glénat bood me werk, daarna kozen Jean Giraud en Jean-Michel Charlier mij om De Jonge Jaren van Blueberry te tekenen... Tegenwoordig woon ik alweer negentien jaar in Australië. Dankzij het internet blijf ik werken met Franse schrijvers."



COMMENTAAR BIJ PAGINA 48
Wonderball 1
Over de Mustang: "Mijn oude Mustang komt in het album voor. Ik had het erover met de scenaristen en ze hebben 'm in het verhaal verwerkt. Twijfel niet, dat motiveert nogal... "

Over Bullit: "De groene Volkswagen is ook een verwijzing naar Bullit. Die film van negentig minuten bevat een achtervolging die negen minuten duurt. De filmploeg had een klein budget en om de scène in zijn geheel te filmen kregen ze enkel op zondagvoormiddag toelating om de wegen te sluiten. De Mustang van Steve McQueen en de Dodge Charger van de slechteriken waren speciaal voor de opnames verstevigd."

Over de Volkwsagen Kever: "Verschillende voertuigen van de filmploeg waren op de achtergrond te zien. Bij de eerste vertoning van de uiteindelijke film zag men de groene Volkwagen Kever wellicht vier of vijf keer in beeld tijdens de achtervolging. Het leek ons grappig om er ook een te gebruiken in onze achtervolging. Het is zeker niet de meest geschikte wagen, het is zelfs minder spectaculair, maar er kleeft een leuke verwijzing aan voor elke lezer die zich de achtervolging uit Bullit herinnert."

Over het geheel: "Het risico-element is het belangrijkste om een achtervolging te doen slagen. We gebruiken verschillende elementen van San Fransisco (Lombard Street, de beroemde trams) en we voegen bij dat alles de achtervolging uit Bullit toe. Ironisch genoeg bekronen we het geheel met een van de bekendste liedjes uit de jaren 1970 over Californië dat gezongen wordt door een biker die de mond gesnoerd wordt door iets verrassends."


Patrice Pellerin over De Havik 9
29/04
TOP
De Havik 9
Onderstaande bijdrage van Jean-Pierre Fuéri verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 87 van december 2015.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 9
De Havik 9
Over de achtervolging: "De lange achtervolging begint met Yann en zijn Medusa op kop en twee Engelse fregatten achter hem. Zo'n achtervolging tussen schepen van dezelfde soort kon weken duren. De schepen communiceerden via luidsprekers of vlaggen. Soms naderden de achtervolger en de achtervolgde elkaar op minder dan honderd meter en kon men enkele beledigingen uitwisselen... als de wind in de goede richtig zat."

Over Yanns lijden: "Ik wilde niet dat Yann een superheld is die bijna miraculeus van zijn wonden geneest. In het vorige deel was hij ei zo na dood, hij draagt er nog de tekens van en lijdt er nog altijd grotendeels aan. We zitten hier trouwens in de grote zaal. Vind je het hier druk? Nochtans liet ik heel wat koffers weg. En ik heb beslist om de vensters weg te laten die eruit zouden vliegen bij de eerste kanoninslag."

Over schreeuwerige kleuren: "Deze schepen werden vaak beschilderd met schreeuwerige kleuren. Ze waren een voorbeeld van het prestige van hun land. Die kleuren vind je ook op L'Hermione, wat de toeschouwers verbaasde, maar niet voor lezers van De Havik... Een slechte herinnering: de Engelse vlaggen die met de wind mee bewegen, zijn een hel om in te kleuren."

Over ouderen: "IJzerhand is een zestiger en zijn gezondheid is in goede staat want hij heeft nog al zijn tanden. De legende als zouden mensen jong sterven, is compleet fout. In de achttiende eeuw konen degenen die kinderziektes en epidemieën overleefden mooi oud worden. Lodewijk XV was omringd met mensen tussen 55 en 65 jaar. Ik had jonge dienaars willen tekenen, maar dat was onmogelijk, die waren er niet. En er liepen ook heel wat tachtigers en zelfs honderdjarigen rond."



COMMENTAAR BIJ PAGINA 10
De Havik 9
Over de luster: "De raadzaal kwam al aan bod in De Missie. De koning zit op een stoel met zijn rug naar de schoorsteen. De beste plaats in de winter. De anderen zaten aan tafel op vouwstoelen. Achter het kamerscherm staat een rustbed die we al zagen in De Missie. Als de koning ziek is, ontvangt hij ministers en raadgevers liggend, zij zitten aan tafel. Voor De Missie heb ik waanzinnig veel tijd gespenderd aan het weergeven van de prachtige luster volgens de beschrijving van een boek uit die periode. Na de verschijning van het album liet de conservator van Versailles me weten dat de luster opnieuw werd geconstrueerd en dat het tot mijn beschikking hing in de kamer van de koning. Kleine voldoening: het leek enorm veel op mijn tekening!"

Over weerspiegelingen: "Kijk goed naar de reflecties van Yann in de spiegel. Voor deze scène heb ik de weerspiegelingen bestudeerd van een loden soldaatje tussen twee spiegels. In deze overladen kamers drong het licht slecht door wat de inkleuring nog eens zoveel moeilijker maakte. Ik ben vaak ontgoocheld door het resultaat dat voor mij te somber oogt."

Over groottes: "De raadzaal is bijna tien meter hoog. De grote zaal van de Medusa is 1,90 meter hoog. Ik symboliseer de overgang van de ene naar de andere prent met een heel smalle prent. Ik teken nauwe plaatsen systematisch in smalle prenten anders lijken ze groter dan in werkelijkheid."

Over de koffer: "Op elke boot vond je een Duitse, ijzeren koffer die van Lübeck of Nürenberg komt met extreem moeilijke sloten. Men bewaarde er de boordpapieren in, de missieorders. Als een schip gekaapt wordt, was deze koffer het eerste doel van de winnaars, al was het maar om onmiddellijk te weten wat er in het ruim zat."



COMMENTAAR BIJ PAGINA 11
De Havik 9
Over maskers: "Kleine sprong naar Canada als variatie. Hier staat IJzerhoofd aan het hoofd van de pro-Engelse indianen. Ik leg nog uit waarom hij een middeleeuwse helm draagt. Het voordeel dat romans op strips hebben, is dat je zonder probleem een identiteit geheim kan houden. Hier kan je moeilijk een lichaam zonder hoofd tekenen. Vandaar de helm en dat van de intrigant in Parijs. Dat is niet belachelijk, in de achttiende eeuw droegen mannen en vrouwen op straat maskers. Dat deed de koning 's nachts soms net zo goed."

Over het hemd uit de broek: "De kleren van de indianen gaven me ekele problemen. Er bestaat nagenoeg niets van documentatie over. Ik ga Canadezen die historische ensceneringen organiseren daar nog over contacteren. Amusant detaill: die indianen droegen hun hemd uit de broek, wat vandaag in de mode is."

Over lastige zee: "De zee weergeven is voor mij veel last. Het moet werken in zowel zwart-wit als kleur. Je moet massa's creëren, zoals bij een bos. En je moet perspectief oproepen in een omgeving waar er niet noodzakelijk is."

Over gekkenwerk: "Het storyboard van elke pagina teken ik in potlood op het albumformaat. Daardoor kan ik zien of de compositie goed werkt en of het leesbaar is. Dat is voor mij de belangrijkste stap. Ik vergroot mijn storyboard naar het tekenformaat, 32,5 op 44,4 centimeter. Vervolgens herwerk ik elke tekening op een apart vel voor ik ze op de lichtbak samenbreng en overteken. Ik inkt en kleur op de traditionele manier in. De inkleuring van deel 7 deed ik in één keer. Gekkenwerk. Gellukkig kon mijn dochter, een osteopaat, mijn arm deblokkeren. En ze bereidde me voor om de inkleuring aan te pakken, deze keer gerealiseerd in twee periodes. Vier periodes zou nog verstandiger geweest zijn."



COMMENTAAR BIJ PAGINA 12
De Havik 9
Over schrappen en inkorten: "Ik had prent 2 best meer plaat willen geven. Helaas had ik van uitgever Mourad Boudjellal, de voormalige baas van Soleil, groen licht gekregen voor 52 platen, maar nieuwe baas Guy Delcourt vroeg me terug te keren naar 46 platen. Ik zat in het nauw. Ik heb veel geschrapt en ingekort. Hier is ook een hulpanker te zien. In geval van nood wordt het aan dek gehesen en hield men het vast aan het houten gedeelte. Een fregat had er over het algemeen vier mee. Een keer het naar boven was gebracht en wanneer men op vijftig kilometer van de kust was, maakte men de touwen los die erom gewikkeld waren zodat het niet roest. Op de voorgrond staat de broodoven met het tafeltje van de bakker waar het deeg rijst."

Over schapen, kippen en koeien: "Rechts installeert een matroos een Engelse hangmat (comfortabeler dan Franse) voor een genodigde. Hij slaapt dicht bij de schapen. Er is ook een kippenkooi op de achtersteven (voor officieres en zieken) en op grotere schepen één of twee koeien."

Over wijn en citroenen: "Je ziet Villéon drinken. Wijn maakte deel uit van het calorierijk rantsoen van de mannen die tot 3.500 calorieën per dag nuttigden. 75 centiliter, tegenwoordig een fles. Sterke drank was gereserveerd voor officiers en zieken. Tegen de scheurbuik at men zuurkool. De Engelsen waren de eersten die citroen gebruikten (uit Siciilië, een van hun eigendommen). Om het te laten slikken door de matrozen, die dat niet zomaar wilden, bedachten ze grog, een mengsel van citroen en rum."

Over arrogantie: "De pretentie die Wagner uitstraalt was wijdverspreid. De arrogantie van jonge officiers lokte een muiterij uit in Louisbourg in 1744. Sommige scheepskapiteins zagen zich van het commando ontheven omwille van hun buitensporig gedrag."


Kristof Berte: "Mijn stripjaar" (11)
21/04
TOP
Kuifje in Stripland
"Nog maar enkele pagina's te gaan! Het tekenwerk zit er bijna op en ik kijk ernaar uit om de ontknoping op papier te zetten. De voorbije platen tekende ik vaak de traditionele vier strookjes per pagina met nogal wat dialoog ertussen om de plot uit te leggen. Het ritme van het verhaal lag dan ook iets lager. Maar het slot wordt één lang uitgesponnen actiescène. Niet te veel tekst en in één ruk naar het einde. Ik verwacht dat de laatste loodjes wel het zwaarst zullen gaan wegen, maar voorlopig heb ik er nog veel goesting in.

Lise op Monstereiland

Maar het is net bij het afwerken van het slot dat mijn gebrek aan ervaring weer opduikt. Ik moest namelijk mijn gebruikelijke losse aanpak van het scenario loslaten. Geen plaats meer voor improvisatie! Het lijkt namelijk evident dat een stripverhaal eindigt op de laatste prent van de laatste bladzijde, maar in de praktijk is dat nog niet zo eenvoudig. Daarom had ik de laatste vijf pagina's prent per prent uitgewerkt. Grappig dat ik in een recent interview met Claus D. Scholz op deze website merkte dat die het op dezelfde manier doet.

Maar ik vond dat het einde nogal haastig afgehaspeld werd. Het is een kwestie van evenwicht. Enerzijds mag het tempo in de finale best wat hoger liggen. Maar het moet ook niet overhaast worden. En net dat gevoel kreeg ik toen ik de kladversie uitwerkte. Gelukkig kwam Kurt Morissens van Strip2000 snel met de oplossing. Ik krijg één extra pagina en die gaat volgens mij een wereld van verschil maken. Nu kan ik het album afsluiten zoals ik het wou.

Lise op Monstereiland

Ondertussen werden ook de locatie van het lanceringsfeest en de bijhorende tentoonstelling vastgelegd, de eerste stripbeurzen bevestigd en begint de promotiemachine langzamerhand op gang te komen. En dat is het leuke aspect van een gebrek aan ervaring. Zaken als stripbeurzen, signeersessies enzovoort, zijn allemaal nieuw voor mij. Ik bezocht ze zelf maar heel sporadisch. Dus dat is allemaal erg spannend en ik kijk er eigenlijk al wel naar uit. Soms voel ik me zo'n beetje Kuifje in Stripland. Als iemand me vertelt dat ze fan zijn van mijn werk, val ik nog steeds van mijn stoel van verbazing. Ik besef misschien nog niet goed wat er allemaal op mij afkomt, maar ik zal het wel — net als bij het tekenwerk — al doende ontdekken... Ik hoop dat ik dat enthousiasme nog lang kan behouden.

Lise op Monstereiland

In tussentijd kan je mij een groot plezier doen door mijn Facebookpagina Lise op Monstereiland te liken. In de toekomst zal ik er ook af en toe origineel werk weggeven. Bij tweehonderd pagina-likes verloot ik bijvoorbeeld de originele backcovertekening (geïnkt op A3), die je hieronder kan terugvinden.
Lise op Monstereiland

Volgende keer wordt in principe mijn laatste bijdrage in deze reeks. Daarna is "Mijn Stripjaar" in theorie afgelopen. In de praktijk heb ik natuurlijk nog wel wat werk op de plank. Ik kijk er al naar uit."

Met vriendelijke groeten,

Kristof Berte
Aspirant-striptekenaar

Lees hier de vorige bijdragen.


Brüno over Tyler Cross 2
12/04
TOP
Tyler Cross 2
Onderstaande bijdrage van Sophie Bogrow verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 83 van juli/augustus 2015.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 4
Tyler Cross 2
Over de zonneblinden: "Deze plaat is minstens twee keer bijgewerkt. Nadat ik in het hele album hardnekkig heb gespeeld met lijnen en vierkanten, had ik op het einde van het album talloze zonneblinden getekend op het jacht die er in het begin niet waren. Ik heb ze dus toegevoegd in de prenten 4 en 6."

Over luchtigheid: "De tweede bijwerking betreft de buitenzichtprenten die veel uitgewerkter zijn in de zwart-witversie. Fabien (Nury, red.) stelde me deze oliekleurige zee voor. En ik heb het decor in de laatste prent gewist en het bij een horizonlijn gelaten. Vandaar dat het een luchtiger plaat is die beter contrasteert met de vorige waarin een boevenwagen met veroordeelden naar de camera rijdt in een donkerblauw-zwarte en regenachtige nacht."

Over mierenneuken: "Een tekenaar die terugkeert op platen die hij twaalf tot achttien maanden eerder heeft gemaakt, speelt met vuur. Je moet weten wanneer je ophoudt, ideeën bewaren voor het volgende boek, je ervan overtuigen dat wat je een jaar geleden leuk leek dat nog altijd moet zijn, en je herinneren dat de lezers eigenlijk niets zien van al dat mierenneuken. Daardoor kan je een halfjaar winnen om het album af te werken en je uitgever gelukkig maken!"

Over simulatie: "Ik teken met de pen, het penseel en met Chinese inkt, maar de computer komt van pas voor twee zaken: een afgewerkte plaat 'opschonen', de tekenstijl vereenvoudigen met het tekentablet. En vooral het evenwicht testen tussen de zwarte partijen, een soort simulatie zonder het gevaar het definitief getekend te hebben met pen op papier. Een plaat opnieuw maken kost te veel tijd en energie."



COMMENTAAR BIJ PAGINA 5
Tyler Cross 2
Over laag gevallen: "De eerste pagina's vormen een proloog. We zien de iconische Tyler zoals we hem kennen uit het eerste deel: een knappe kerel, onberispelijk als wat, geweer, hoed,... pure klasse. Het verschil is nog zo groot met de volgende pagina om hem verloren in de massa, in zijn blootje en in een stortregen terug te vinden. Dat is wat je laag vallen noemt."

Over Tylers menselijkheid: "Twee pagina's, twee zinnen in de dialogen. In totaal een tiental woorden. Tyler is laconiek. We hebben de tweede tekstballon, die eerst in prent 2 stond, verplaatst naar prent 6: de toegevoegde stilte tussen de vraag van het meisje en zijn antwoord maakt het nog vreselijker. Tyler gaat weg, meer dan ooit onverschillig voor de collateral damage. De absolute bitsigheid van zijn relaties met de andere hoofdrolspelers is een van de sleutelelementen van het donkere verhaal. In de gevangenis draagt het bij tot het weergeven van de verstikkende sfeer. Er moet al iemand sterven om hem, kortstondig, een beetje menselijk te zien."

Over matroesjka's: "Ik hou van de cirkelconstructie van het verhaal, het einde dat terugkeert naar de eerste prenten van deze plaat, met een droomstrand en
het meisje. In het midden van de cirkel vinden we in het middenste hoofdstuk, zoals in matroesjkapoppen, ook heel wat nevenpersonages verstopt met hun eigen besognes: de moeder van Billy die op hem inwerkt als op een schaakbord, de boekhouder die gevangen zit in een spiraal van chantage, medeplichtige Iris die haar verraad verdrinkt met margarita's,... En al die nevenintriges spelen mee in de toekomstige ontsnapping van Tyler, die schijnbaar afwezig lijkt.


COMMENTAAR BIJ PAGINA 6
Tyler Cross 2
Over licht: "Nieuwe brutale breuk van de sfeer. Van de felle kleuren van het tropisch paradijs gaan we over naar lugubere grijs- en blauwtinten. Aanvankelijk was deze dubbele plaat uniform en ontbrak het diepte. Met inkleurster Laurence Croix hebben we verlichting toegevoegd, het schijnsel van de koplampen, een vaal geel. Maar de eerste en de laatste prent hebben we ongemoeid gelaten in hun diepblauwe tinten."

Over de poort: "Het opschrift boven de poort van het kamp doet denken aan het sinistere 'Arbeit macht frei' van Auschwitz. Ik heb niets uitgevonden of geïnterpreteerd. De oude poort van de gevangenis lijkt hier net op. Ondertussen is die veranderd."

Over de line-up: "We hebben goed nagedacht over deze scène. Oorspronkelijk voorzag ik een bladschikking die er minder uitzag als een strip met een zicht van opzij, een camera die rond de naakte en vernederde gevangenen draait. Een beetje zoals op de volgende pagina. Maar om het allemaal wreder, onmenselijker ook, te maken, zag Fabien snel in dat het beter was om hen allemaal naast elkaar te plaatsen in één enkele grote prent zoals een line-up bij de politie. Tyler mocht vooral niet in het midden staan om zijn nieuwe onbeduidendheid te versterken!"

Over de regen: "Ik heb eerst de regen geïnkt met zwarte arcering. Maar het werd een nietige regen, niet het helse onweer dat ik nodig had. Ik herinnerde me dan het werk van Frank Miller: witte vegen op een zwarte achtergrond, en niet het omgekeerde, en een aureool van terugspattend water dat door de koplampen wordt verlicht. Dat geeft echt de agressie weer van neerslaande regen. Wat verder gaat een ontsnapping ook gepaard met een stormachtige regenbui. Die heb ik getekend met gelijke streepjes, zwart op wit, het gaat maar om een gedeeltelijke regen..."



COMMENTAAR BIJ PAGINA 7
Tyler Cross 2
Over Cool Hand Luke: "Captain Kroeker, de sadistische en gewelddadige hoofdbewaker, met zijn hoed en zonnebril, is rechtstreeks geïnspireerd op Strother Martin uit de film Cool Hand Luke, een van de films die ons begeleidde terwijl we de strip maakten en de basis vormde voor onze documentatie."

Over vertragingen en versnellingen: "Gesloten kaders in gesloten prenten... de strip leent zich uitstekend voor een gevangenisverhaal. Ik heb systematisch maximaal vijf even hoge stroken gebruikt die gaandeweg begonnen op te duiken in het eerste deel. Dat strikte stramien laat paradoxaal genoeg toe heel interessante variaties toe. Onderverdeling in symmetrische prenten, het samenvoegen van boven elkaar staande stroken, virtuele decoupage door het ritme van de tekeningen,... Elke andere variatie is onnodig. Brede stroken vertragen de beweging, hogere beelden versnellen die net (behalve wanneer de kadrering een focus heeft zoals op pagina 5 waarop Tyler zijn superhelkdenkostuum met een afgemeten traagheid aantrekt)."

Over realisme: "Mijn natuurlijke tekenstijl is niet echt realistisch, maar Tyler Cross verplicht me te jongleren met twee noodzakelijke tegenstellingen: een nogal synthetische tekenstijl en een zekere dosis realisme, een bijzondere oefening die de behoefte van de dramaturgie volgt. Om de honden dreigend te maken, moesten ze realistisch genoeg zijn. Idem voor het geweer op pagina 5. Ik heb een model in plastiek van een Colt M1911 (de standaard Colt 45 van het Amerikaanse leger van 1911 tot 1985) dat ik in mijn tuin vond, per toeval door een gat te graven. Ik dacht dat het een echt was. Ik was er echt bang van!"

TOEKOMST
Te Verschijnen
Op Stapel
Compleet