Toegevoegd op 20 december:
François Schuiten over Parijs Zien... 1

Toegevoegd op 13 december:

André Juillard over Blake en Mortimer 23

Toegevoegd op 9 december:

Dan Verlinden over Soda 13

Toegevoegd op 6 december:

Portfolio van Enrico Marini
Jérémy Petiqueux over De Klaagzang van de Verloren Gewesten 8 - De Genaderidders 4
De volgende auteurs leverden ook al bijdragen. Klik op hun naam om verder te gaan naar hun afzonderlijke pagina:
Ivan Adriaenssens
Pierre Alary
Sytse S. Algera
Mohamed Aouamri
Jean-Michel Arroyo

Virginie Augustin
Denis Bajram
Olivier Balez en Pierre Christin
Alessandro Barbucci
Antoine Aubin en Étienne Schréder
Balak
Batem en Colman
Philippe Berthet
Georges Bess
Lük Bey
Enki Bilal
Matthieu Bonhomme
Tom Bouden
François Bourgeon
Enrique Breccia en Xavier Dorison
Daniel Brecht
Ken Broeders
Frédéric Brrémaud
Brüno
Max Cabanes
Charel Cambré
Barbara Canepa
Didier Conrad en Jean-Yves Ferri
Luc Cromheecke
Robbert Damen
Sébastien Damour
Nicolas de Crécy
Erik de Graaf
Aimée de Jongh
Marc de Lobie
Adrien Floch
Christian Gine
Criva en Verhast
Eric Heuvel
Philippe Delaby
Jean-Yves Delitte
Thierry Démarez
Pieter De Poortere
Jorg de Vos
Lode Devroe
Geert De Weyer
Thomas Du Caju
Kim Duchateau
Ersel
Chris Evenhuis
Philippe Francq
Fred
Paul Gastine
Thierry Girod
Carlos Gomez en Arnaud Delalande
Mars Gremmen
Griffo
Juanjo Guarnido
Hardoc
Alain Henriet
Hermann
Hub
Miles Hyman
Jeroen Janssen
Philippe Jarbinet
Iouri Jigounov
Jim
Milan Jovanovic
André Juillard
Nicolas Keramidas
Patty Klein
Hanco Kolk
Jean-Charles Kraehn
Mathieu Lauffray
Christian Lax
Hec Leemans
Marc Legendre
Jérôme Lereculey en David Chauvel
Simon Léturgie
Éric Liberge
Ingrid Liman
Willy Linthout
Régis Loisel en Jean-Louis Tripp
Stéphane Louis
Love
Vincent Mallié
Wauter Mannaert
Frank Margerin
Enrico Marini
Marmus
Marvano
Fabrice Meddour
Merho
Mezzo
Gilles Mezzomo
Guy Michel en Arnaud Delalande
François Miville-Deschênes
Arno Monin
Thimothée Montaigne
Romano Molenaar en Jorg de Vos
Jean-Louis Mourier
José-Luis Munuera
Viviane Nicaise
Peter Nuyten
Tiburce Oger
Minck Oosterveer
Danker Jan Oreel
Cyril Pedrosa
Patrice Pellerin
Claude Pelet
Philippe Pellet
Jérémy Petiqueux
Federico Pietrobon
Didier Poli en Robin Recht
Jean-Michel Ponzio
Bart Proost
Mike Ratera
Riff Reb's
Reno
Grzegorz Rosinski
Christian Rossi
Marcel Rouffa
Corentin Rouge
Kenny Rubenis
Marcel Ruijters
Paul Salomone
François Schuiten
Olivier Schwartz
Benoît Sokal
Kristof Spaey
Benoît Springer
Naomi J. Strijdonk
Olivier TaDuc
Jacques Tardi
Paul Teng
Béatrice Tillier
Lewis Trondheim
Albert Uderzo
Gerben Valkema
Steve Van Bael
Rob van Barneveld
Rob van Bavel
Robert van der Kroft
Sylvain Vallée en Fabien Nury
Daniel van den Broek en Ivan Claeys
Michiel van de Vijver
Maarten Vande Wiele
Wilbert van der Steen
Hans van Oudenaarden
Jos Vanspauwen
Olivier Vatine
Vincent
Bastien Vivès
XIII Mystery
Bernard Yslaire
Zep
open brieven
 
François Schuiten over Parijs Zien... 1
20/12
TOP
Onderstaande bijdrage van Jean-Pierre Fuéri verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 75 van november 2014.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 24
Over dromen: "Ik heb de houdingen van Kârinh in de ruimte graag bedacht. Ik wilde een vrouwelijk personage dat haar sensualiteit zou uitstralen. Dat haar kijk de nostalgie naar haar Parijs uitdrukt, is zoals bij het einde van de slaap, waarbij de nevelen van een droom je ineens inhalen en je nog enkele ogenblikken bewust doen verder dromen. Die sensualiteit, en het werk aan de inkleuring dat hier veel met het licht en haar lijf speelt, is een poging om een emotie over te brengen en de droomdimensie te ontwikkelen."

Over de choreogrphie van het lichaam: "Het stripverhaal staat toe om sensualiteit via de kleinste details over te brengen, door handbewegingen, blikken, houdingen. We bouwen zo een waarachtige en fascinerende chorographie van het lichaam op."

Over de polyvalente ruimte: "De kamer van Kârinh, waar ze onderaan de pagina in ontwaakt, is een ruimte die transformeert, en kan zich openen als een scherm of het worden. Ik geloof veel in deze polyvalente ruimtes, met muren die zich op vraag aanpassen, in vensters bijvoorbeeld, of zich openen als kluisjes. Ik heb een gesloten kamer bedacht, strikt, doorzichtig, hoewel er meerdere openingen mogelijk zijn. Ik heb me ver gehouden van technologie die gewoonlijk opduikt in sciencefictionverhalen."

Over warme kleuren: "Na meerdere albums in zwart-wit, De Theorie van de Zandkorrel en Schoonheid, had ik zin om weer met warme kleuren te werken. Het is zoals fruit waar ik graag in bijt. Maar ik erken dat deze pagina's niet de meest kleurrijke van het album zijn. Dat zijn de platen die het best deze dimensie weergeven!"


COMMENTAAR BIJ PAGINA 25
Over Kârinh: "Na haar nogal wulpse val is Kârinh hier veel braver en ingetogener gekleed. Ze is fragiel en is op zoek naar zichzelf tussen de echte wereld en die uit haar reizen naar een Parijs dat niet echt bestaat. Er zijn veel onderbrekingen in dit album. We passeren via een belle époque naar een dimensie die een beetje à la Mad Max is."

Over Parijs à la Albert Robida: "Miskijk je niet op de borden, we zitten hier in een Parijs dat door Robida is ingebeeld, en niet in Londen. Deze auteur schreef een sciencefictiontrilogie in de jaren 1880 en beschreef een uiterst verengelst Parijs. Hij verbeeldde toen al een mondialisatie van de taal."

Over Robida's verbeelding: "Dit onwaarschijnlijk bestuurd tuig is zijn geliefkoosde vervoersmiddel. Ik heb geen enkel idee hoe het werkt, maar ik vind het lovenswaardig. Het symboliseert de toekomst waar ik sinds kind van droomde toen ik romans las over het jaar 2000 waarin kleine ruimteschepen door de straten zweefden. Robida vond onze toekomst uit vóór Jules Verne. Hij was een geweldige schepper, aan de vooravond van de verbeelding van zijn tijdperk. Door tekst en illustraties te mengen, werkte hij al op de grens van wat het stripverhaal zou worden. Door de kranten in te bladeren die zijn werk publiceerden, begrijp je dat hij een buitengewone auteur van de negende kunst had kunnen zijn."

Over Robida als personage: "Robida woonde en stierf in Croissy-sur-Seine, een kleine gemeente in Yvelines. Het pad aan het gemeentehuis draagt nog altijd zijn naam. Ik garandeer je niet dat hij echt lijkt op mijn personage. In feite baseerde ik me op een journalist van France Culture."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 26 (origineel in zwart-wit)
Over zwart-wit en kleur: "Ik hou zodanig veel van zwart-wit en ik hou zodanig veel van kleur dat ik je graag beide versies van deze plaat toon. Zwart-wit is een ongelofelijk efficiënt expressiemiddel dat je onophoudelijk verplicht om keuzes te maken, om te dramatiseren en te radicaliseren. De plaat ervoor komt voor in de catalogus van de expo in het Trocadéro. Ik schiep er plezier in om het zwart-wit te herwerken, het is een andere manier om de dimensie van de tekeningen en het verhaal meer uit te diepen. Elke pagina heeft zijn uitstraling en sfeer."

Over twijfel: "Graven in de effecten waar enerzijds zwart-wit en anderzijds kleur voor zorgen passioneert me. En soms brengt het me aan het twijfelen. Als ik in kleur werk ervaar ik soms een drang naar kleur. En vice versa."

Over tekst en tekeningen: "Deze scène speelt zich 's nachts af, ik kan dus meer zwart gebruiken en de intensiteit en de schaduwen versterken. In zwart-wit hou ik ook van de wisselwerking tussen tekst en tekeningen. Zowel het ene als het andere horen tot eenzelfde schrift. Een letter in zwart-wit op een pagina in kleur intrigeert me altijd, en het stoort me. Ik ben niet de enige want bepaalde auteurs platsen hun teksten in kleur!"

Over tekstballonnen: "Ik ben dol op tekstballonnen. Ik zie graag de manier waarop de tekst in dialoog treedt met het beeld. Mijn tekeningen bestaan alleen dankzij hun teksten, ik haal ze er nooit uit. Ik apprecieer nauwelijks digitale lettering en ben gek op handmatige lettering. Lettering is een stem, een emotie. De mijne heeft zijn fouten, is niet perfect, maar het is mijn lettering. Ik teken ook graag de titels, letter per letter."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 26
Over hersenactiviteit: "Bewonder de rokende dame, pure Robida, met een ongelofelijke stoutmoedigheid. Een gek beeld, ironisch, bijna pervers. En grappig! Inkleuren is een ander gedeelte van je hersenen in werking zetten, het is een andere wereld betreden. Terwijl je in zwart-wit werkt, werk je niet meer in kleur op eenzelfde manier. Zwart-wit verplicht je om een radicaler standpunt in te nemen want je kan je er daarna niet uit redden met de inleuring."

Over het gevaar van kleur: "Het gevaar van kleur is dat je het te mooi wil maken, dat het er gewoon is als aankleding, om het te doen gelijken. De moeilijkheid is om het een doel te geven, voorbij simpele versiering. Wat kan het bijdragen aan de sfeer, de uitstraling van een pagina? Soms is het nodig dat kleuren levendig zijn, gevarieerd, in andere gevallen simpelweg monochroom, zoals hier. "

Over ingebeeld ekleuren: "Vreemd genoeg spreken lezers me aan over de kleuren van sommige albums die nochtans in zwart-wit zijn. Ze lazen in zwart-wit en zagen kleuren! Ik begrijp dat: zwart-wit doet de verbeelding werken, die op zijn eentje overeenkomstige kleuren toevoegt. Parijs Zien... verschijnt in kleur, maar omdat ik regelmatig oudere pagina's herwerk, is het goed mogelijk dat er bij gelegenheid een editie in zwart-wit verschijnt."

Over de 'bekeerticht': "Met Benoît Peeters doe ik voort met onze 'bekering' die erin bestaat om onze albums te herwerken. Het volgende dat wordt heruitgegeven is De Poorten naar het Onmogelijke, een vooruitstrevend boek dat in de buurt komt van sommige kantjes in Parijs Zien... Het was door omstandigheden in een wat afwijkend formaat gemaakt. We zullen het compleet heruitvinden"


André Juillard over Blake en Mortimer 23
13/12
TOP
Onderstaande bijdrage van Jean-Pierre Fuéri en Frédéric Vidal verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 73 van augustus/september 2014.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 3
"Yves Sente stelde voor om op het dek Spitfires te tekenen die klaar staan om op te stijgen, een prototype van de Golden Rocket en rondrennende mariniers... Het zou me een week gekost hebben om alles te tekenen! Een licht kikvorsperspectief regelde alle problemen. Ik nam het vliegdekschip Arromanches als voorbeeld, de voormalige Engelse Colossus die eerst gehuurd en dan gekocht werd door Frankrijk en herdoopt werd naar een stad in Normandië als hommage aan de landing van 6 juni."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 4
"Dit zijn dan de Spitfires op het dek. De witte schuimgolf toont aan dat de vliegtuigen tegen de wind staan om het opstijgen te vergemakkelijken. De kenners waarderen dit soort details. In prent 6 zie je de beroemde Horten Ho 229 en in de daaropvolgende prent de neus van een ander prototype dat echt bestond, maar godzijdank nooit op punt werd gesteld. Onderaan staan de bekende radars die langs de Engelse kust staan. De camouflage en de uitrusting zijn authentiek."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 5
"Voor het interieur van de vliegdekschepen baseerde ik me op Buck Danny van Victor Hubinon. Deze Golden Rocket is meer een jachtvliegtuig dan de Zwaardvis, die veeleer een zware bombardementvliegtuig is. Maar de maquette ervan hielp me goed, vooral voor de zichten op de onderkant van de vleugels die je nauwelijks bij Jacobs ziet. De witte tekstballonnen, de roze, oranje of anderskleurige tekstkaders zijn uitsluitend gekozen omwille van esthetische redenen door inkleurster Madeleine DeMille."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 6
"Nee, in de eerste prent raakt de golf op de voorgrond de Golden Rocket niet, maar dat zou je wel geloven, hé? Ik tekende opnieuw met veel plezier de al in Mezek gebruikte Spitfres die Engeland tijdens de blitz verdedigden. Londen in de laatste prent komt van Google Maps. De wagen komt uit mijn documentatie. Ik let erop om de foto niet te spiegelen zoals me vaak overkomt. Ik had geen zin om plots met een stuur aan de linkerkant te zitten."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 7
"De schoten van de Horten leken me overbodig, maar Yves merkte op dat zonder hem de Golden Rocket te laat kwam om het parlement te redden! Rechts staat een stuk van de Big Ben die net zo sterk met Londen wordt geassocieerd als de Eiffeltoren met Parijs. Sente hamerde op het gebruik van een wit spoor achter het Engelse vliegtuig en een gele achter het Duitse. We houden het op een verschil in gebruikte bezine."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 8
"Ik heb uiteraard geen enkele notie van luchtgevechten, maar ik probeer een zekere logica in de vlucht van de vliegtuigen te brengen. Het kostte me verdomd veel tijd om een vergezicht van Londen op te sporen. Vandaar dat er zoveel wolken te zien zijn... dat is dan mijn luie kant. Ik had al werk genoeg aan de authentieke straatlampen die absoluut symmetrisch moesten zijn. Zelfs de kleur van de reling van de brug is correct."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 9
"Een volgeladen pagina. En dan heb ik er nog twee prenten uitgelaten en de teksten vereenvoudigd. Een ervan was de zin: 'Good Lord! De Spitfires vliegen rond het parlement om het te beschermen... Ze laten zich afslachten!' De fans van de serie herkennen de invloed van House of Cards. De arme Steelwell wordt geraakt en sterft. In de laatse prent toon ik de instrumenten summier. Ik ben Romain Hugault niet!


COMMENTAAR BIJ PAGINA 10
"Blake redt het parlement en een Spitfire! Yves Sente stelde voor om zijn parachute aan een uitsteeksel aan de gevel of aan een dakgoot te laten haken. Ik zag liever dat zijn daling naar de Thames door een van de stenen zuilen van een lamp aan de kade wordt gestopt. Dat was een delicate scène om in beeld te brengen. Tegenwoordig houdt een rooster de toegang tot de kade tegen. Ik stelde me voor dat die er indertijd niet was."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 11
"Op de achtergrond van prent 3 zie je Scotland Yard. Rechts is de toegang tot de Cabinet War Rooms met zandzakjes die er tegenwoordig niet meer liggen. Alle decors, behalve de trap, zijn authentiek, de luchtroosters incluis. Het uurwerk geeft 7.50 uur aan, wat overeenkomt met Blakes start bij dageraad. Op de achtergrond dstaat Churchill, op de voorgrond admiraal Gray. In De Zwaardvis tekende Jacobs hem als de eerste minister."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 12
"Hier zie je een telefoonkamer met een hele reeks toestelen met verschillende kleuren. Achteraan hangt een reuzekaart met gaatjes van honderden speldjes in allemaal verschillende kleuren. Aan de muur hangt een van de vele affiches als waarschuwing voor spionnen. Ik vond het merkwaardig dat de Duitsers niet wisten dat hun Enigmacode gekraakt was. Ofwel wilden ze het niet geloven."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 16
"Na enkele platen bij de Bensons, waar een kamermeisje zich interesseert voor Blake — waarmee we de vermeende homoseksualiteit tussen hem en Mortimer wilden tegenspreken — staan we hier terug voor de reuzekaart met gaatjes die mij fascineert. Het personeel discussieert veel. Ik teken graag zulke details op de achtergrond, met kleine verhaaltjes die een lezer moeten amuseren om ze te achterhalen."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 17
"De twee buizen op de voorgrond in prent 1 maken deel uit van een pneumatisch systeem. Daarin circuleren cilinders waarin documenten zitten. De gestuwde lucht stuurt die naar de kantoren of naar de verdiepingen. De cilinders vallen in een mand die ik op pagina 12, prent 2, heb getekend. Voor Benson baseerde ik me op een karikatuur van Daumier. Het dek van het vliegdekschip is te ver verwijderd om er de vliegtuigen op te zien staan..."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 18
"De trawler heb ik zelf uitgevonden. Niet slecht. Vervelend genoeg moest ik het verder in het verhaal nog eens tekenen. Ik ben niet tevreden over prent 4. Yves wilde dat we de duikboot onder water zouden zien, maar ook de lucht in beeld te zien was. Uiteindelijk ziet het er kunstmatig uit. Yann schreeuwde het uit toen hij de 'Broom Broom' onder ogen zag want in het water, zegt hij, verspreidt het geluid zich niet. Och ja. Ik zette er enkel vissen bij, toen waren ze nog niet allemaal opgevist."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 19
"Opnieuw bij de admiraal. Ik vond een projector uit die tijd terug op het internet. Ik teken liever zulke scènes dan mensen rond een tafel. Een echte nachtmerrie. Ik heb het lastig om logische oplossingen te bedenken voor problemen zoals met deze lichtprojector. Misschien was het beter om alle lijnen weg te laten en enkel kleuren te tonen. Ik zei tegen Madeleine om zich te baseren op een projectiescène in De Zaak Francis Blake."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 20
"Eerste contact met de gele soldaten. Het herinnert me eraan dat Yves veel zin had om een verhaal te schrijven dat zich afspeelde in Hongkong. Dat sprak mij absoluut niet aan. In feite wilde hij een De Blauwe Lotus maken en opnieuw in het wereldje duiken van de Europese concessies waar Hergé het al zo uitmuntend over had. En toen bezochten we het Cabinet War Rooms en kwamen we overeen om daar een verhaal te situeren. Oef! "


COMMENTAAR BIJ PAGINA 21
"Op de achtergrond van prent 3 staan enkele koppen van honderden vreselijke raketten die in een vallei van Tibet staan opgesteld. Ik inspireerde me op de cover van de integrale van De Zwaardvis. In prent 5 staat er mij iets niet aan in het gezicht van Blake. Hij bezorgt me al problemen sinds het begin van de reeks. Soms ben ik uren aan hem kwijt. Ik ben een slechte portrettekenaar."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 22
"Eindelijk een pagina waar ik me eens kon laten gaan en een frisse neus halen. Een leuke wagen om te tekenen en rotsen, regen ook uiteraard, we zijn hier in Engeland. De herfst van 1944 — zie ook de landing — was bijzonder vochtig. Ik heb problemen met onomatopeeën, maar hier drong de 'Klaaang' zich op, anders begrijp je niet dat er plots pilaren opduiken. Of anders waren er twee tekeningen nodig."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 23
"Een fictief dorpje, maar samengesteld op basis van huizen in de streek. Je vraagt je af wat de partizanen in dat vergeten gat verdedigen. En ik hoop dat de lezer, door te letten op de witte wolken op de grond in prent 8, zich afvraagt wat die te betekenen hebben... De smalle prent toont de verbazing van Blake die achter oude bakstenen een ultramodern lokaal binnenstapt. Daar heb ik alles uitgevonden, behalve de mitrailleur achteraan links."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 24
"We hebben nogal gediscussieerd over de wijzerplaat in de lift. Ik had die naar de mode van vandaag getekend met dioden. Yves wilde enkel een wijzer die beweegt. In feite is het een hoogtemeter. We bieden een mooi zicht op de basis van Scaw Fell. Ik heb geïmproviseerd door me hiervoor te baseren op een prent uit plaat 6 van De Zwaardvis. We zien radars, maar ook schotelantennes die het geluid moeten opvangen. En boven dat alles een wolk die de basis camoufleert."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 25
"Ook hiervoor gebruikte ik de weinige elementen van Scaw Fell die Jacobs in De Zwaardvis toonde. En ik toon het elektrisch treintje dat Blake vervoert naar het ingenieurskantoortje waar Mortimer werkt, in detail. De twee vrienden zagen elkaar niet meer sinds hun jeugd zoals we vertelden in De Sarcofagen van het 6de Continent. Een anekdote: als je de twee rails van Jacobs' treintje doortrekt lopen ze door in het gebouw..."


Dan Verlinden over Soda 13
09/12
TOP
Onderstaande bijdrage van Paul Giner verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 75 van november 2014. Vertaald door Wim De Troyer.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 9
Over natuur versus flikken: "Ik hou van de natuur en ben redelijk vredelievend, ik had dus ook nooit gedacht dat ik een reeks ging overnemen die zich afspeelt in New York met flikken en knokpartijen! Ik voel mij eigenlijk meer verbonden met een universum zoals Ragebol van Frank Pé, maar Soda begeestert mij door de originaliteit van de beperktheden. Als auteur jezelf confronteren met werelden die jou niet zo bekend voorkomen, staat je toe dat te overwinnen en te groeien. Toen ik te weten kwam dat het vervolg van Soda gemaakt zou worden zonder Bruno Gazzotti, die bezig was met Alleen vertelde ik Philippe Tome, met wie ik al bijna twintig jaar werk, dat ik beschikbaar was indien hij een tekenaar nodig had."

Over stoppen met De Kleine Robbe: "Toen ik aan Verrijzenis (het nieuwe Soda-album) werkte, zette ik de samenwerking met Janry voor De Kleine Robbe stop. In vijftien jaar hebben we samen elke mogelijke taak vervuld. Ik ben begonnen met de pagina-indelingen te tekenen voordat ik enkele decors inktte. Ik heb volledige potloodtekeningen gerealiseerd, veel inktingen ook. Ik bewaar veel goede herinneringen aan die taak die mij heeft laten evolueren en leren door te kijken naar de anderen."

Over de pagina-indeling: "Philippe voorzag me van een scenario met nogal precieze schetsen voor de pagina-indelingen, waarbij ik vrij was om wijzigingen aan te brengen. In het algemeen waren ze zo goed dat het niet zinnig was er iets aan toe te voegen. Op deze plaat zijn de eerst twee kaders zeer verticaal. De ene toont de straat gezien vanuit de lucht, in de andere staat de Freedom Tower. Dat soort van onverwachte indeling maakt deel uit van de rijkdom van Soda, maar je mag er ook niet zo in overdrijven dat je hoofd er van gaat draaien."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 10
Over proporties: "Drie of vier jaar geleden zijn Philippe en ik veertien dagen naar New York gegaan om ons ervan te doordringen. Dat liet me toe om een indruk te krijgen van de schaal, ruimtes en volumes. In welke proportie moeten we ons hoofd draaien om de toppen te zien van de New Yorkse wolkenkrabbers?"

Over New York: "Ik was nooit eerder naar de Verenigde Staten geweest, verre van mijn meest aangewezen vakantiebestemming, maar ik geef toe aangenaam verrast te zijn door New York en haar fantastische energie. Er zijn hier zoveel films gedraaid dat je de indruk krijgt dat je de stad kent, dat je er gewoond hebt. Ik hield vooral van Harlem, maar ook van Chinatown dat ik getekend heb in Luna Fatale, het vijfenveertigste album van Robbedoes en Kwabbernoot. De stad is integendeel veel te bruisend en te intens voor mij om in te wonen. Ik verkies het platteland, in België. Ik woon naast een kerkhof, in alle rust!"

Over voorgangers raadplegen: "Het ware onvermijdelijk dat ik de platen van Luc Warnant en Bruno Gazzotti zou raadplegen om maximaal Soda te beheersen en de kamers van het apprtement en de lift bijvoorbeeld te doen overeenkomen. Ik heb mijn voorgangers niet geraadpleegd, maar ik heb lang in hetzelfde atelier als Gazzotti samengewerkt waar ik hem ontelbare keren zag tekenen, voortdoen en over Soda discussiëren met Tome."

Over stijve tekenstijl: "Ik ondervond heel wat druk bij deze plaat want het is de eerste keer dat Soda thuiskomt en dat we zijn mama zien. Het is er misschien aan te zien, maar ik heb de indruk dat mijn tekenstijl een beetje stijf is!"


COMMENTAAR BIJ PAGINA 11
Over Soda's schedel: "Het was een uitdaging om de weinig natuurlijke schedel van Soda te begrijpen. In realiteit zou hij er met zijn vooruitstekende jukbeenderen niet erg menselijk uitzien. Ik had integendeel geen probleem om Mary te tekenen, de moeder van de held. Wat Tchaikovsky betreft, zijn partner, slaagde ik erin haar net zo sexy te maken als voorheen."

Over het kostuum: "Ik ondervond geen specifieke moeilijkheid om het priesterkostuum te tekenen dat talloze keren door Warnant en Gazzotti was getekend. Voor zijn politiejas heb ik een van de mijne als model genomen. Kwestie van niet slaafs de vorige versies te kopiëren."

Over het gebouw: "Soda woont in een gebouw met veel verdiepingen. In werkelijkheid zijn deze New Yorkse gebouwen niet zo hoog. Ik heb diverse gezichtspunten moeten uitvinden zonder aan geloofwaardigheid in te boeten. Op deze plaat opent Soda het raam en kijkt naar buiten. De scène moest er zowel mooi als onrustig uitzien, zowel duizelingwekkend als vertrouwd. Zonder al te veel tekst, zonder de indruk te geven dat het veel te vertellen heeft, zegt deze plaat net veel over het wereldje en de sfeer van Soda."

Over de inkleuring en het zwart: "Alle ruimte tussen de prenten is in dit album zwart. Die ingreep bevalt me ten zeerste en komt overeen met het donkere verhaal dat een reflectie is van de rouw en de evenementen na 9/11. De inkleuring is verzorgd door Stéphane De Becker, de inkleurder van de serie sinds het eerste deel. Ik had hem niet veel te zeggen, hij kent het wereldje van Soda beter dan ik."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 12
Over de metro: "Een twintigtal jaar geleden voelden Tome en Janry al de onveiligheid in de New Yorkse metro aan. Vandaag staan er overal camera's en is er nauwelijks graffiti te zien. Tijdens ons verblijf in New York wisten we nog niet hoe belangrijk de metro in het album zou worden. Als ik dat geweten had, zou ik er veel meer foto's van genomen hebben!"

Over de cover: "Het was geen sinecure om de cover te tekenen. We hadden beslist om het wereldje vanSoda te herdefiniëren, terug te keren naar de basis en aan de lezers te denken die de serie zouden ontdekken via dit album. Vandaar een priester met een geweer, een hand in een handschen met twee ontbrekende vingers. De illustratie is rechtstreeks in kleur gemaakt met vloeibare acryl en uit tubes, met een beetje gouache, en dat alles op Schoellerpapier. De vogel op de gekleurde achtergrond is achteraf toegevoegd op de computer. Als ik die ook rechtstreeks in kleur zou geschilderd hebben, zou het me uren delicaat werk gekost hebben."

Over projecten: "Philippe en ik hebben in onze laden nog altijd het eerste deel van Rages liggen, een sciencefictionsaga met dieren die in een tiental delen is voorzien. Het eerste van tachtig pagina's is al lang geleden afgewerkt, maar het album verscheen nooit. De collectie waarvoor het was voorzien (Cosmo van Dargaud, red.) is opgedoekt. Phil en ik zijn niet van het type om iets in de steek te laten en Rages zal vroeg of laat verschijnen! Wat mijn andere projecten betreft, pak ik nu het tweede deel van het tweeluik Soda aan. Ik heb een contracy getekend voor twee delen. Daarna zien we wel!"


Portfolio van Enrico Marini
06/12
TOP
Onderstaande bijdrage van Frédéric Bosser verscheen eerder in het Franse stripmaandblad dBD nummer 88 van november 2014.

Coverillustratie voor De Schorpioen 11, acryl op doek (2014)
"Dit is een van mijn eerste schilderijen. Een leuke oefening. Ik ben bezig om op z'n Rosinski's te tekenen. (lacht) Op groot doek ben je vrijer. Het is expressiever en fysieker. Ik ben sportief, dus het gaat me goed af. Rechtstreeks geschilderd op doek brengt boekencovers uit de jaren 1960 of geschilderde covers van Blueberry in herinnering. Ik zal nooit een volledige strip met deze techniek maken. Het is ook de eerste keer dat ik Mejaï ten volle uitspeel op een cover. Het werd tijd! Ik wilde haar tegelijk verleidelijk, verontrustend en bedreigend."


Coverillustratie voor De Schorpioen 11 (verjaardagseditie), acryl op doek (2014)
"Dit is de nieuwe tegenstander van de Schorpioen. Voor dit personage liet ik me inspireren op de ridder van Saint-Georges, een van oorsprong Creoolse ridder. Hij was een getalenteerd cellist, maar had een twijfelachtige schermreputatie. Als onbekende voor een groot publiek had ik bijna een strip over hem kunnen maken. Stephen Desberg zag 'm eerst als iemand met lange, blonde haren... maar een grote blonde heb ik al gedaan, namelijk in De Adelaars van Rome."


Pagina 34 van De Schorpioen 11, aquarel en inkt (2014)
"Ik hou veel van deze achtervolging op de daken van Rome, niet alleen omdat het dynamisch is, maar ook omwille van de waaghalzerij van de twee personages die niet aarzelen om risico's te nemen. Zoals de meeste van mijn laatste albums gebruik ik een beperkt kleurenpalet: sepia, cyaan en olijfgroen, bovenop het zwart. Wanneer nodig meng ik deze kleuren om er nieuwe te creëren. Het geeft een eenheid aan mijn albums."


Illustratie voor een tentoonstelling, aquarel en kleurpotlood (2005)
"Deze tekening maakt deel uit van een reeks met sanguinetinten. Ik heb meer en meer zin om tekeningen te maken met zulke lichte tonen. Ik zie heel graag de weergave en de textuur van deze tekeningen. Een hele strip in deze stijl maken, bevalt me wel."


Illustratie voor de affiche van het stripfestival Bédéfil, ecoline (2013)
"Deze tekening deed dienst als affichebeeld voor het festival. Omdat de organisatie een retrospectieve voorstelde over mijn werk, verwerkte ik al mijn personages in deze affiche. Voor de gedrukte versie heb ik de illustratie bijgewerkt op de computer."


Het Balkon, ecoline (1998)
"Deze tekening maakt deel uit van een serie van twintig beelden die bedoeld waren om de verbeelding van Stephen Desberg te stimuleren bij de creatie van de serie De Schorpioen. Hij hield er rekening mee om het scenario te schrijven... Deze en de andere tekeningen toonde de richting aan waar we met deze nieuwe reeks naartoe wilden gfaan. Ze kwamen vervolgens van pas als presentatie bij onze toekomstige uitgever."


BOVEN: Arminius en Lucilla, aquarel (2012)
"Een bestelling van een verzamelaar. De afwezigheid van een duidelijke contourlijn geeft de tekening een bepaalde lichtheid mee. Ik hou wel van deze weergave."

ONDER: Marcus en Luna, aquarel (2012) 
"Hier hou ik van de blik van Marcus, onverschillig voor de pertinente avances van die jonge prostituee. Naakttekeningen maken, interesseert me niet zozeer. Als ik ze doe, probeer ik ze zo te maken dat er iets gebeurt tussen de personages."


Potloodschets voor De Adelaars van Rome 4 (2013)
"Er kruipt steeds veel energie in een potloodschets, veel meer in dan een inkttekening. Hoewel ik er uiteindelijk zelf niet zoveel maak, zoek ik wel graag naar beweging, dynamiek, de enscenering. Dat is altijd een vreugdemoment en het is echt de fase die ik het liefst heb wanneer ik een scène voorbereid."


Coverillustratie voor De Adelaars van Rome, aquarel en inkt (2013)
"Het is een van de weinige covers waar ik van hou. En omdat het uniform van het hoofdpersonage me bevalt, heb ik ervoor geijverd om het op de voorgrond te plaatsen. Die kleuren in het grijs heb ik tevoren weinig gedaan. Ze vatten de inhoud van het album goed samen. Ook zijn blik is belangrijk. Ze zijn gefixeerd op de lezer en ze zeggen: Koop mij!"



Nieuwe coverillustratie voor Ster van de Woestijn (2012)
"We vondne het hoog nodig tijd om de covers te hertekenen. De uitgever steunde ons daarin. Ik heb geprobeerd om het sombere en het schemerlicht van de eerste versie te behouden."


BOVEN: Hommage aan Blacksad, kleurpotlood (2014)
"Deze tekening werd gemaakt naar aanleiding van een duotentoonstelling met Juanjo Guarnido, georganiseerd door de galerij van 9e Art in Parijs. Het is zijn personage, maar op mijn manier. Ik tekende ook de uitnodigingskaart voor de vernissage met het woord Blacksad op de rug van een filmstoel. Juanjo maakte van zijn kant een super-Gipsy. Onze techniek is uiteindelijk vrij gelijkaardig. Ik lees zijn œuvre graag, maar ik heb een hekel aan de kerel sinds hij me uitdaagde voor de Ice Bucket Challenge. (lacht)..."



Coverillustratie voor een integrale van Gipsy, ecoline en aquarel (2009)
"Deze tekening is gebaseerd op een van de prenten uit deel 2 van de serie. Ik ben dol op de wilde kant van het personage. Ik heb zijn kin wat afgezwakt want die was enorm in de eerste delen. Zijn weergave is realistischer. Het gaf me zin om er opnieuw mee aan de slag te gaan en ik wacht het moment af om Gipsy te herlanceren."


Hommage aan Jean Giraud (2012)
"Een tekening die ik maakte na de dood van Jean Giraud. Het verscheen in een buitenreeksuitgave van dBD als hommage aan Jean Giraud. Ik was lange tijd beïnvloed door zijn werk. Het gaf me zin om een western te maken. Ik ben er nu trouwens een aan het schrijven..."


Hommage aan Ariane de Troïl, potlood en ecoline (2014)
"Deze tekening was bestemd voor een evenement met André Juillard in de abdij van Épau, nabij Mans, op 16 november laatstleden. Er kwam een ex-libris van. Het is spannend om een personage van een ander te hernemen, ook al is het maar voor één tekening en ook al weet je dat je het origineel nooit kan overtreffen. Ik heb alle strips van André, Blake en Mortimer incluis. Voor de gelegenheid hebben we zelfs samen een tekening gemaakt (zie onder, red.). Dat was een ontroerende belevenis... "



Jérémy Petiqueux over De Klaagzang van de Verloren Gewesten 8 - De Genaderidders 4
06/12
TOP
Onderstaande bijdrage van Sophie Bogrow verscheen eerder in het Franse stripmaandblad Casemate nummer 75 van november 2014. Vertaald door Wim De Troyer.

COMMENTAAR BIJ PAGINA 33
Over de overgang: "Deze platen zijn de laatste die Philippe Delaby heeft getekend. Ik hoop dat de overgang naar de mijne zo probleemloos mogelijk is. In het hoogst onwaarschijnlijke geval dat het verschil onzichtbaar is, geef ik je een gemakkelijk trucje mee om het onderscheid te maken: hij nummerde zijn platen in een klein kadertje, en dat heb ik opzettelijk niet geïmiteerd."

Over de seksscène: "Bij het tekenen van deze scene tussen Sill Valt en de slechte Hermelijnen Vrouwe had Philippe begrip voor de terughoudendheid van Jean. In plaats van wat wild gebuffel, zoals hij het noemt, had hij liever een elegantere vrijpartij. Misschien wat meer 'missionaris' gezien het hier gaat om een monnik-ridder. Maar Philippe heeft het zaakje recht gehouden, zijn ridderlijk alter ego heeft zijn pikant kwartiertje gehad..."

Over de belichting: "Dit was een moeilijke scène om in te kleuren. Sill Valt heeft zijn fakkel gedoofd op de voorgaande pagina, en de kaars is uitgeblazen... Logischerwijs is het pikdonker in de kamer! Ik heb aan Sébastien Gérard het onmogelijke moeten vragen: het halfdonker suggereren, maar het klaar genoeg te houden zodat we kunnen zien."

Over een diepe indruk: "Toen ik enkele pagina's verder een haast identieke scène moest verwerken, heb ik erop gelet het licht te laten branden zodat ik de warme tinten kon bewaren en herhaling kon vermijden... Na het bedrijven van de liefde valt Valt in slaap, uitgestrekt op het bed, en de vrouw legt haar hand op hem om zijn ogen te sluiten. Rekening houdend met de omstandigheden heeft het tekenen van die scène op mij — op ons allen — een diepe indruk nagelaten."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 35
Over de laatste plaat: "Dit is de laatste plaat die geheel door Philippe is getekend. De potloodversie om precies te zijn, de inkting heb ik op mij genomen. Philippe maakte geen voorbereidende schetsen, noch storyboards op postzegelformaat (ik ook niet, trouwens), maar hij viel rechtstreeks aan op papier, met veel zwaar aangedrukte potloodlijnen. Niet altijd even eenvoudig om de juiste lijn te vinden in de warboel! Daarom dat ik ook inktte op kopieën: geen haar op mijn hoofd dat eraan denkt om aan de ultieme originelen te raken."

Over schrik voor de leegte: "Philippe, een ongelooflijk genereuze tekenaar, verzaakte nooit aan het decor. Hij had schrik van de leegte! Ik betwijfel of het scenario preciseerde hoe groot deze keuken moest zijn en wat er allemaal in moest staan. Hij spendeerde uren en uren aan opzoekingswerk voor details die pasten. Voor het plezier. Het kleinste dingetje, een kruik, ketel, voedselkast of wildhaak, werd gekozen met evenveel zorg voor het imaginaire universum van De Klaagzang van de Verloren Gewesten als voor een historische Murena."

Over Delaby's beeldenbank: "Toen ik het werk overnam, ben ik in de beeldenbank gedoken die Philippe verzameld had in de loop van de jaren. Duizenden en duizenden foto's, dvd-opnames, enzovoort. Hij doorzocht alles: boeken, het web, cinema, tv-series. Voor Murena hebben we uren naar de serie Rome gekeken die, wanneer je het ziet, gebaseerd is op zijn werk! Hij was een onvoorwaardelijke fan van Game of Thrones, hij heeft enkele mooie boeken over de reeks gekocht... Helaas is alles in één zwik opgeslagen op zijn computer, zonder het minste klassement. Hij vond er waarschijnlijk zijn weg in, maar ik begin er niet aan."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 36
Over een gebrek aan aanwijzing: "Mijn eerste Sill Valt. Philippe had de poses voor de eerste drie kaders al vastgelegd. Ik heb ze identiek overgetekend. Dat diende als springplank voor ik het onbekende indook, want voor de rest had ik geen enkele aanwijzing."

Over hulp voor de inkleuring: "Na het overlijden van Philippe liep Sébastien veel vertraging op met zijn inkleuring. Om de job op tijd te klaren, hebben we Bérengère Marquebreucq ter hulp geroepen, de inkleurster van het vorige album, die zich over mijn platen heeft ontfermd. Het is dus hier dat er compleet wordt overgenomen. Het was goed, ook voor de symboliek, dat iedereen meewerkte aan dit afscheidsalbum."

Ovcer richtlijnen voor de inkleuring: "Op mijn zwart-witplaten, gereduceerd naar A4-formaat, heb ik met mijn grijze stiften heel wat schaduwen aangebracht. Ik stuur de inkleurders lange mails waarin ik de atmosfeer beschrijf, het licht in elke scène. Ze moeten snel kunnen werken en dat helpt hen tijd te winnen. Platen die bedoeld zijn voor de inkleuring, zowel die van Philippe als de mijne, bieden normaal gezien weinig richtpunten, gedefinieerde schaduwen of richtlijnen voor het gezichtspunt. Op het artistieke vlak is dat bevredigend voor de inkleurder, maar op een praktisch vlak neemt dat waanzinnig veel tijd in, zonder er daarom meer voor betaald te worden."

Over een verschil in intensiteit: "Bérengère en Sébastien werken met de pc, ik niet. Hun komst markeert een grafische evolutie in beide reeksen. Philippe kon zijn tekeningen beter tot hun recht laten komen, want de digitale inkleuring bewaart het zwart van de inkting beter, terwijl de aquarellen, die gebaseerd zijn op de blauwdrukken van de originele tekeningen, en dus herdrukken zijn, de intensiteit doen afnemen."


COMMENTAAR BIJ PAGINA 37
Over de crypte: "Ik hou van deze crypte. Het is het eerste echt persoonlijke element dat ik aan dit verhaal heb toegevoegd. De andere decors zijn gebaseerd op pagina's van Delaby of van Rosinski. Het zeer grote formaat waarop hij werkte, en dat ik zodanig heb overgenomen, nodigt uit om details toe te voegen. Elke plaat van De Klaagzang heeft me evenveel tijd gekost om te tekenen als een plaat van Barracuda in kleur."

Over de lettering: "In deze gang heb ik me geamuseerd door de muren te versieren met bas-reliëfs die hun verhaal vertellen in deze geschiedenis... zonder een tekstballon te voorzien die het essentiële deel verbergt! Sinds de laatste Murena deed Philippe beroep op een letteraar die zich baseerde op zijn gedigitaliseerde handschrift. Hij plaatste dan de dialogen op de uiteindelijke platen. Ineens vielen bepaalde details weg. Spijtig, maar wat ervan overblijft draagt bij aan de atmosfeer."

Over uitstraling: "Dit jonge gehandicapte meisje was de laatste vondst van Philippe. Hij die zo gemakkelijk grote bruten en femmes fatales kon weergeven, had nog nooit eerder zo'n personage naar voren gebracht. Hij is erin geslaagd haar een stuk uitstraling in te blazen, een bijkomende ziel die zelfs Dufaux verraste."

Over de sleutel van het mysterie: "Jean, die zelf ook graag iedereen verrast, heeft steeds volgehouden dat onder het zwarte harnas van de Guinea Lord, een soort golem in deze reeks, zich alleen maar puur kwaad bevond, zonder verlossende menselijke eigenschappen. Wanneer hij dan eindelijk de sleutel tot zijn mysterie gaf, heeft Philippe mij onmiddellijk gebeld om het grote geheim te delen: 'Jérémy, je raadt nooit dat...' Hij was fier op zijn slechterik, zoals een kleine jongen. Of zoals een vader?"

TOEKOMST
Te Verschijnen
Op Stapel
Compleet