Jack Cool 1
DEEL 1 VAN TWEELUIK
Jack Cool 1
KLIK
voor andere strips van
Olivier Mangin


KLIK

voor andere strips van
Jack Manini
JACK COOL 1
1966 - Enkele Dagen voor Jezus Grijstus...

Olivier Mangin + Jack Manini
Saga Uitgaven (Collectie Bamboe) | 56 p. | € 19,95 (HC)
Open je geest
Hij was het moe. Hij stond aan de top van de Cadillacfabriek in Detroit. Hij, de zoon van een dienstmeid, die mocht huwen met de dochter van de baas. Hij, de vader van een kind én op schema om plichtsbewust een tweede te verwekken. Hij, een Vietnamveteraan. Bijna geplooid onder de omstandigheden maar nog niet gebroken. Vandaag was hij op. Op weg naar huis parkeerde hij zijn Cadillac in een verlaten boswegje. Hij stapte uit. En verdween. Maanden later dook er bij een exuberante bende hippies plots een sjofele bebaarde landloper op. Al snel kreeg hij de roepnaam Jezus Grijstus. Hij bleef plakken bij die zotte bende die leefde van liefde, muziek en LSD. Hij voelde zich er thuis, maar zweeg als vermoord. Ver weg in Detroit klopte zijn vrouw aan bij de beruchte privédetective Jack Cool.

Wat was dat genieten. Eindelijk eens een strip over het wel en wee van de echte hippies. Ja, over hen gaat het. Het hele detective- en vluchtverhaal is voorlopig niets meer dan een prima alibi om het ware verhaal van Ken Kesay te verstrippen. Deze voormalige worstelaar was een van de eerste proefkonijnen van een nieuw geneesmiddel, LSD. Hij vond zijn trips zo geweldig dat hij zijn ziekenhuisavonturen neerpende in One Flew over the Cuckoo's Nest. Door het succes van de roman kon hij onder andere een autobus kopen. Die stopte hij vol LSD, amfetamines en marihuana en Ken reisde vervolgens samen met een schare volgelingen door Amerika. A Magic Trip, later nog door Tom Wolfe (The Bonfire of the Vanities) beschreven in het geweldige The Electric Kool-Aid Acid Test.

Maar zo tof de documentaire inslag van het hippiewereldje is, zo los hangt het onderzoeksverhaal aan elkaar. In amper een paar tekstballonnetjes vertelt Jack Cool hoe hij Jezus Grijstus op het spoor kwam. Wat een bad trip. Maar ja, ook Jezus lijkt een alibi om in het tweede en slotdeel echt loos te gaan over de dochter van de B-actrice Jayne Mansfield. Scenarist Jack Manini ging voor zijn roadstrip in zee met Olivier Mangin met wie hij al de trilogie Liefde in Oorlogstijd heeft gemaakt. Een verrassende keuze, want zijn eerder afstandelijke, koele stijl associeerden we niet direct met kleurrijke LSD-uitspattingen. Toch brengt de Fransman, geholpen door wat buigzame prentjes en caleidoscopische bladindelingen, het er goed vanaf. Enkel in de pure drugsscènes lijkt hij ons wat te bang om zich echt helemaal te gooien.

Het debuutdeel van Jack Cool heeft dus links en rechts wat last van een informatieoverdosis of een grafisch gebrek aan lef, maar pakt ons toch meer dan genoeg in om straks blindelings het slotdeel aan te schaffen. Bovendien is die hele hippiebeleving ideaal stripvoer. Ongelofelijk dat hierover nog niet meer strips zijn gemaakt. Laat deze Jack Cool alvast een begin zijn.
WOUTER PORTEMAN --- maart 2018