| |
 |
Tekenaar:
Didier Conrad
Scenarist:
Wilbur /
Didier Conrad
Uitgever:
Marsu Productions
Specificaties:
48 p.
€ 6,50 (SC) |
|
| |
 |
Auteur:
Achdé
Uitgever:
Lucky Comics
Specificaties:
48 p.
€ 6,50 (SC) |
|
| |
Andere
strips van
Wilbur:
• Donito
• Het Beeld van Amok
• Witte
Tijgerin |
|
|
|
|
| MARSU
KIDS 1: Net uit het Ei
DE AVONTUREN VAN KID LUCKY NAAR MORRIS 1:
De Leerling-Cowboy |

Na
onder meer het geweldige De Kleine Robbe,
het goeie Gastoon, het kinderlijke Junior
Suske en Wiske en het verschrikkelijke Dommeltje
is het de beurt aan Marsupilami en (opnieuw)
Lucky Luke voor een spin-off met kinderversies
of jeugdige familieversies van bekende stripfiguren.
In tegenstelling tot voornoemde voorbeelden is Marsu
Kids geen gagreeks. Het eerste album is een
afgerond verhaal dat begint met een ei van een Marsupilami
dat uit een nest valt. Niet van de Marsupilami-familie
die we nog van het geliefde Robbedoes en Kwabbernoot-album
Het Nest van de Marsupilami's kennen evenwel.
Het betreft een ander nest, al is dat niet echt
duidelijk in dit verhaal. Bovendien wordt het nieuwe
Marsupilamitje — met blauwe neus —
minder idyllisch geboren. Twee Chahuta-indiaantjes
helpen 'm uit het ei. Kort daarop komt papa Marsupilami
de verloren zoon halen, maar de vriendschapsbanden
met het kleintje zijn al gesmeed. In het naburige
indianendorp zijn er drie wetenschappers aangekomen
die eigenlijk een Marsupilami willen vangen. Dat
hadden de slimme indianen ook wel begrepen. De jagers
vormen een concreet gevaar voor de Marsupilami's,
maar nog niet zo erg als de krokodillen, slangen
en luipaarden in het Palombische oerwoud.
Het duo Didier Conrad en Wilbur
(alias Conrads echtgenote Sophie Commenge) probeert tegelijk aansluiting
te vinden met Het Nest van de Marsupilami's,
bijvoorbeeld door te laten zien hoe de Marsupilami's
overleven in de groene jungle, als met de reeks
Marsupilami van Batem,
met name door de indianen met verbasterde namen
die flauwe woordgrapjes zijn en jagers die te pas
en te onpas een Marsupilami willen vangen. Conrad
amuseert zich zichtbaar te pletter. Zijn soepele
penseellijn leent zich uitermate voor het beweeglijke
van de (dieren)personages, net zoals dat bij André
Franquin het geval was. De jungle van Palombië
is alleszins geen onbekend terrein voor Conrad.
In de jaren 1980 maakte de tekenaar deel uit van
een team dat Franquin samenstelde om van zijn creatie
een tekenfilmserie voor te bereiden. Yann
(die later zelf enkele albums van Marsupilami
schreef) en ervaren rot Yvan Delporte
(hij hielp ook al de tekenfilmserie van De Smurfen
opstarten) dokterden enkele scenario's uit waaronder
een eerste versie van Mars, de Zwarte.
Will tekende de decors, Marc
Wasterlain stortte zich op diverse jungledieren
en Conrad kreeg de kans om diverse figuurstudies
van de Marsupilami te tekenen. Hij ontwierp ook
een indianenmeisje en enkele booswichten.
Van Marsu Kids naar Kid Lucky
is geen six degrees of separation. Onder
het pseudoniem Pearce tekende Conrad
met Yann de twee eerdere albums
van Kid Lucky uit de jaren 1990. Nu Achdé
het personage van Lucky Luke al enkele albums onder
de knie heeft en tussen twee verhalen (van ofwel
de Franse komiek Laurent Gerra
ofwel de romanschrijvers Daniel Pennac
en Tonino Benacquista) van de cowboy
door, tekende en schreef hij zelf gags met een kinderversie
van de bekendste aller westernstriphelden. In een
eerste kortverhaal wordt op een drafje uit de doeken
gedaan waar Lucky Luke vandaan komt en hoe hij aan
zijn fortuinlijke naam kwam. Dat laten we je graag
zelf ontdekken. Daarna speelt hij als jochie de
hoofdrol in een sliert gags die zich in het uit
het reeks Lucky Luke bekende westernstadje
Nothing Gulch afspelen. Achdé dropte wat
sidekicks rond 'm die de aanleiding geven voor gags
en die af en toe de hoofdrol opeisen. Goochemerd
Dopey is het domme school- en speelvriendje, er
is het cliché-Mexicaantje Paquito, de rosse
tomboy Hurricane Liza en het stoute jongetje Billy
Bad. Kid Lucky heeft zelfs een vriendinnetje: Joannie,
een meisje met blonde lokken en roze jurkje... O
ja, er is ook nog een wit paardje met blonde manen!
Onder elke gag staat een interessant of amusant
weetje uit het wilde westen.
Het moet gezegd, zonder echt grappig te zijn, weet
Achdé best te charmeren met Kid Lucky.
We vragen ons alleen af of een gagreeks in het wilde
westen een lang leven beschoren is. De losse elementen
die in een komische westerngagstrip tot een grap
kunnen leiden zijn redelijk beperkt, en beperkend.
Kijk maar naar die andere spin-off Rataplan.
En zoveel variaties op het feit dat Lucky sneller
is dan zijn schaduw zijn er niet bijster veel meer.
Maar voor nu is Kid Lucky een goed begin,
een nieuw begin om correct te zijn.
>
DAVID STEENHUYSE --- december 2011
|
|